Machtsgreep in medialand

De koop van televisiestation SBS door kabelgigant UPC kan grote gevolgen hebben voor het omroepbestel en de portemonnee van de kijker.

Mark Schneider wordt de Rupert Murdoch van de lage landen. Wie? Mark Schneider? Inderdaad, hij is de nagenoeg onzichtbare topman van kabelbedrijf UPC (United Pan-Europe Communications) dat gisteren televisiezender SBS kocht.

In korte tijd heeft Schneider zich ontpopt tot een ware mediamagnaat, à la de Australiër Murdoch. UPC heeft zich sluipend een sterke positie verworven in het medialandschap in België, Nederland en de rest van Europa. Het van oorsprong Amerikaanse UPC heeft bijvoorbeeld in Nederland niet alleen een derde van alle kabelaansluitingen in handen, maar bezit nu ook twee commerciële televisiestations, SBS6 en Net5. In België verwierf UPC de zender VT4 en VT4.net, de grootste gratis Internetaanbieder van België. Vrijwel uit het niets heeft UPC ineens een stevige machtspositie in de Nederlandse en Belgische media.

In april van het vorige jaar concludeerde een commissie onder leiding van de voorzitter van de raad van Cultuur J. Jessurun dat het in Nederland allemaal reuze meeviel met concentraties in de media. Zeker de zo gevreesde `media cross ownership', waarbij een enkel bedrijf meerdere vormen van media in handen heeft, kwam hier eigenlijk nauwelijks voor. En bij problemen zou de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa), de waakhond tegen economisch machtsmisbruik in actie kunnen komen.

De test of Jessurun het bij het rechte eind heeft, lijkt nu snel te komen: de journalistenvakbond NVJ en de Consumentenbond hebben gisteren aangekondigd klachten in te dienen bij die NMa. De NVJ vreest dat UPC niet alleen zijn kabel aanbiedt, maar ook gaat bepalen wat er op die kabel te zien zal zijn. Twee jaar geleden zorgde UPC, toen nog A200 geheten, immers voor veel onrust in Amsterdam door CNN van de kabel te halen omdat beide partijen het niet eens konden worden over de prijs van doorgifte van het kanaal. Ook abonneezender Canal+ bevocht UPC meerdere malen voor de rechter omdat het kabelbedrijf in haar ogen de eigen abonneetelevisie-activiteiten bevoordeelde.

Precies die angst wordt nu gevoed door de overname van SBS door UPC. Het kabelbedrijf zou in de verleiding kunnen komen de eigen zenders SBS6 en Net5 (of VT4 in Vlaanderen) te bevoordelen ten opzichte van de commerciële concurrentie van de Holland Media Groep (RTL4, RTL5 en Veronica) of van de drie publieke netten. Het Commissariaat van de Media is dan ook bezorgd: ,,Als een aantal giganten heel veel programma's in één hand heeft, kunnen ze daardoor de positie van de publieke omroep naar de randen drukken, zoals in Amerika is gebeurd. Dat is een ongewenste ontwikkeling,'' aldus een woordvoerder. Ook staatsscretaris Van der Ploeg (Media) kondigde aan dat hij de nieuwe combinatie goed in de gaten zal houden.

De consumentenbond is bang dat dat de monopoliepositie van UPC prijsopdrijving in de hand werkt. ,,De consument heeft zaken te doen met het kabelbedrijf dat `toevallig' in zijn gemeente het kabelnetwerk in handen heeft. Zo'n kabelaar heeft feitelijk een monopoliepositie'', stelt de bond in een vanmorgen uitgegeven verklaring. ,,Als een kabelbedrijf ook nog de televisiezenders in handen krijgt, versterkt dit de machtspositie van de kabelaar nog meer.'' De consumentenbond vindt dat er op de kabel volop geconcurreerd moet worden. Door televisiezenders over te nemen krijgt UPC de vrije hand om de prijzen op te drijven, vreest de bond. ,,Dat zou bijvoorbeeld kunnen doordat consumenten min of meer gedwongen worden om voor een bepaald tv-pakket te kiezen waardoor je per saldo meer gaat betalen voor het kijken naar dezelfde zenders.''

Hoe is UPC zo machtig geworden? Ooit opgericht door Philips en het Amerikaanse kabelbedrijf UnitedGlobalCom, kocht het bedrijf in het begin van de jaren negentig de kabelnetten van Eindhoven en Amsterdam. Begin 1997 had Philips genoeg van de mediamarkt en verkocht het zijn aandeel aan de Amerikaanse partners. Die brachten vorig jaar in februari een deel van het kabelbedrijf naar de Amsterdamse beurs.

Hier is het aandeel UPC in korte tijd pijlsnel omhoog geschoten. Bij de beursgang kostte een aandeel UPC nog 29 euro (bijna 64 gulden), gisteren sloot het op 230 euro. De beurswaarde van UPC is daarmee bijna verachtvoudigd. Met de opbrengst van de beursgang is UPC begonnen aan zijn grootscheepse expansie op de kabelmarkt in Europa. Bovendien heeft het bedrijf in een jaar tijd een waaier aan bedrijven uit de grond gestampt, die zich bezighouden met betaaltelevisie (UPCtv), Internet via de kabel (Chello) en telefonie via de kabel (Priority Telecom). Met SBS, dat 10 televisienetten en 17 radiostations in tien Europese landen heeft, voegt UPC een hele nieuwe tak van sport aan zijn activiteiten toe, die ook reclamegelden in het laatje brengt.

UPC kan zijn snelle expansie bekostigen met aandelen die gewild zijn bij beleggers. UPC kan in een handomdraai miljarden binnenhalen door nieuwe aandelen uit te geven. Beleggers hebben vertrouwen in de toekomst van UPC. Kabel, telefonie en Internet zijn markten waar beleggers uiteindelijk op hoge winsten rekenen. Dat daar eerst hoge investeringen voor nodig zijn, waardoor UPC nu in de rode cijfers belandt, nemen ze daarbij voor lief.

De roep van maatschappelijke organisaties om in te grijpen wordt door de overname van SBS door UPC versterkt. Tot dusver is de politiek daar erg terughoudend in geweest. Staatssecretaris Van der Ploeg concludeerde vorig jaar in een notitie over de kabel dat de problemen voor een belangrijk deel ontstaan zijn door verkeerde inschattingen uit het verleden hoe de mediamarkt zich zou ontwikkelen. Kabelbedrijven werden door gemeenten van de hand gedaan in de verwachting dat er naast de kabel snel allerlei alternatieve infrastructuren zouden ontstaan (satelliettelevisie of digitale ethertelevisie). Die zouden consumenten een keuze gaan geven. Omdat de prijzen voor schotels en dergelijke nog veel te hoog zijn, is die concurrentie nooit van de grond gekomen. De kabelindustrie is daarmee verworden tot een verzameling van private monopolies. Het is nu aan de NMa om te beoordelen of de versterking van dat monopolie met eigen televisiezenders door de beugel kan.