Kippentaart

Vrolijk staan de koeien in de wei. Ze zijn blij omdat wij taart van ze bakken. Van hun slagroom en van hun boter. Ook de kippen zijn in een goed humeur, want zonder eieren kun je geen lekkere luchtige taart maken. Ze weten dat ze onmisbaar zijn, en dat vertellen ze elkaar de hele dag.

Hoe doen ze dat eigenlijk in landen zonder koeien? Makkelijk, ze nemen gewoon wat meer eieren. Maken ze kippentaart inplaats van koeientaart. In Marokko bijvoorbeeld.

Hebben ze kokosnoten in Marokko? Misschien wel. Maar in ieder geval sinaasappelen. Suiker kennen ze er ook. Behalve nog wat walnoten ben je dan eigenlijk al klaar.

Zes eieren heb je nodig. Wit en geel van het ei moeten gescheiden moeten worden. Er is vast wel iemand in de buurt die daarmee wil helpen. Je doet alle eiwitten in een kom en alle eigelen in een andere kom. In de kom met het eigeel doe je ook 60 gram basterdsuiker en dat ga je kloppen met de elektrische klopper. Tot het duidelijk lichter van kleur is geworden. Op dat moment doe je er 200 gram geraspte ongezoete kokos (uit een pakje) bij en 100 gram fijngehakte walnoten. Alles goed met elkaar vermengen. Nu naar de andere kom. De eiwitten moeten heel stijf geklopt worden en dan ook 60 gram suiker erbij en weer kloppen. Daarna meng je het stijve eiwit door de kokos met de noten. Voorzichtig! Niet te ruw.

Je wrijft een springvorm in met boter en daarin giet je al het beslag van je toekomstige taart. In de voorverwarmde oven zetten. Op 200 graden en 40 minuten. Eruit halen en begieten met een groot glas vers sinaasappelsap. Warm opeten en je proeft de Marokkaanse zon!