`Ik was absoluut daar op de top'

Klimmer Bart Vos wordt er door voormalig expeditiegenoot Mariska Mourik van beschuldigd niet op de top van de Everest en de Dhaulagiri te zijn geweest. ,,Wat er over mij wordt beweerd is waanzin.''

Bart Vos (48) stond jarenlang bekend als het boegbeeld van de Nederlandse bergsport. In 1984 was hij de eerste Nederlander die de top van de 8.848 meter hoge Mount Everest haalde. In 1996 bedwong hij naar twee eerdere mislukte pogingen in zijn eentje de Dhaulagiri (8.167) in Nepal. Zijn derde `achtduizender' nadat hij in 1987 ook de 8.201 hoge Cho Oyu in Tibet had weten te bedwingen.

Sinds vorige week is de reputatie van Vos echter ernstig in twijfel getrokken. Voormalig expeditiegenoot Mariska Mourik schreef een boek waarin ze beweert dat Vos nooit op de top van de hoogste berg van de wereld kán zijn geweest. Gedetailleerd beschrijft Mourik hoe de klimmer de zaak bedrogen zou hebben. Vos zou nooit de tijd hebben gehad om de top te bereiken, hij zou zelf aanvankelijk hebben gezegd dat hij de top niet had gehaald en zijn beschrijvingen van het hoogste punt waar volgens Vos niets lag zouden niet kloppen. En de suggestie wordt gewekt dat Vos een drager zou hebben omgekocht. En ook de beklimming van de top Dhaulagiri zou volgens de schrijfster ernstig betwijfeld worden.

Vos kon volgens de getuigenissen van enkele Russische klimmers nooit op de door hem geclaimde datum 17 oktober 1996 op de top hebben gestaan. Het bewijs dat Vos voor zijn beklimming van de Nepalese berg heeft, is een diareeks van zijn klim en een donkere foto van hemzelf op de top. Niet genoeg voor een officieel certificaat oordeelde het Nepalese Ministerie van Toerisme. In een hoofdartikel in het Algemeen Dagblad werd Vos afgeschilderd als een leugenaar. Vos is aangeslagen na de aantijgingen: ,,Het is ongelooflijk. De heftigheid en de slordigheid waarmee ze me neersabelen. Het lijkt nu dat mijn topbeklimming iets smerigs is.''

Heeft u nu wel of niet de toppen van de Mount Everest en de Dhaulagiri gehaald?

Vos: ,,Ja, natuurlijk. Ik ben absoluut daar op de top geweest. Maar het is voor mij als soloklimmer heel moeilijk om dat aan te tonen. Het bewijs ligt in de bergsport ook in het vertrouwen van het woord van de klimmer. Wat er nu over mij wordt beweerd is waanzin.''

In uw boek over de Dhaulagiri geeft u heel gedetailleerd de omstandigheden op de top aan. 17 oktober, half acht, 8185 meter, -37 graden, staat er als u de top bereikt. Later blijkt die datum niet te kloppen. Hoe kan dat?

,,Als ik het voor mezelf nu achteraf nareken zou het inderdaad zou kunnen zijn dat ik een paar dagen eerder of later op de top ben geweest. Ik schrijf eigenlijk alleen de temperaturen en de hoogte op omdat die het belangrijkste zijn. Aan de datum hecht ik bij het klimmen veel minder waarde. Die kan ik altijd nog terugrekenen. Achteraf is het misschien dom geweest dat ik me daarin vergist heb.''

U wist dat al eerder twijfels waren gerezen over de beklimming van de Everest. Was u er met die wetenschap niet extra op gebrand om bij de beklimming van de Dhaulagiri wel overtuigende bewijzen te kunnen overleggen? U had bijvoorbeeld iets op de top neer kunnen leggen.

,,Nee, daar ben ik eigenlijk nooit mee bezig geweest. Heb ik nooit gedaan. Misschien ligt er nog wel een stuk van een fotorolletje van mij op de top dat ik ben verloren. Zou kunnen. Maar ik weet voor mezelf dat ik er ben geweest. Dat is het belangrijkste. Misschien houd ik in de toekomst zelfs wel het klimmen helemaal voor mezelf. Het plezier gaat er zo wel vanaf natuurlijk.''

Wat vond u van het boek dat Mourik over u schreef?

,,Het is een prachtig verhaal. Het is heel mooi opgeschreven. Alleen het klopt niet. Er had roman op moeten staan en de hoofdpersoon had een andere naam moeten hebben. Ik heb wel honderd dingen gelezen die niet kloppen. Het is voor veertig procent werkelijkheid, de rest is fictie. Dat is jammer.''

Uw naam is nu volgens uzelf ten onrechte ernstig aangetast. Gaat u nog stappen ondernemen?

,,Ja mijn advocaat heeft inmiddels een brief naar het Algemeen Dagblad gestuurd. En ik zal nog bezien wat ik tegen Mourik ga doen. Ik heb haar nog niet gesproken. Ik zal met de andere expeditieleden overleggen wat we zullen doen.''

Gaat u nog door met klimmen?

,,Als u dat vóór deze aantijgingen had gevraagd had ik zeker ja gezegd. Ik heb een paar dagen getwijfeld, maar ik denk nu dat ik voor mezelf wel doorga. Een beklimming in de winter onder extreme omstandigheden. Vijf weken leven bij min vijfentwintig graden en kouder. Dat is fascinerend.''