`We kunnen het vee moeilijk mineraalwater geven'

Baia Mare, de bron van de cyanidevergiftiging in Tisza en Donau, is het epicentrum van de milieuvervuiling in Roemenië. Het milieu is geen topprioriteit van de overheid, maar buitenlandse investeerders zijn ook niet altijd een zegen.

Boer Ster drinkt water uit zijn put. ,,Wij zijn gewaarschuwd om dat niet te doen. Maar aan de twee liter mineraalwater die we per dag krijgen hebben we niet genoeg. En bovendien is onze put niet getest. Misschien is hij helemaal niet vergiftigd'', spreekt de Roemeense boer zichzelf moed in.

Hij woont aan een modderweg in Bozinta, even buiten Baia Mare. Op de achtergrond ligt het enorme waterbekken waar het mijnbedrijf Aurul SA giftig cyanidewater heeft opgeslagen. Toen de dam brak, eind januari, raasde het zwaar vervuilde water rakelings langs het dorp. Minstens 100.000 kubieke meter water met een cyanidegehalte van 1800 keer het toegestane niveau.

In Bozinta is geen waterleiding. Mensen en vee leven van water uit bronnen. In de eerste straten zijn de bronnen getest. De cyanide bleek doorgesijpeld in de putten. Verderop is om onduidelijke redenen niet getest. Boer Ster zegt dat hij zich goed voelt. Er zijn wel wat zieken in het dorp maar dat wijten de boeren van Bozinta vooral aan de sneeuwrijke winter.

Voor het houten huis van Ster staan wat oudere, haveloze boeren. Ze vertellen dat er een tijdbom tikt op hun weilanden. Het vervuilde water is ook over de weilanden gestroomd. De sneeuw is aan het smelten, kleine kabbelende stroompjes verspreiden de cyanide over een groot oppervlak. Als de sneeuw weg is moeten de beesten weer naar buiten. Ze zullen drinken uit de bronnen op het land. Ster vreest dat hij zijn koe niet bij de bron kan weghouden. ,,We kunnen ons vee moeilijk mineraalwater gaan geven'', mengt een buurman zich in het gesprek. ,,We zullen alles verliezen.''

Vorig jaar november hebben ze met eigen ogen gezien wat de cyanide kan aanrichten. De pijpleiding die het cyanidewater naar het opslagbekken voerde brak en het zwaar verontreinigde water stroomde de weilanden in. ,,De koeien vielen dood in de wei.''

Dat was het eerste incident. Het Australisch-Roemeense bedrijf Aurul was toen nog geen maand open. De joint venture werd al in 1992 opgericht, met een Australisch meerderheidsbelang. Het duurde tot medio 1999 voordat alle vergunningen rond waren. De Australische vakbladen jubelden toen Aurul SA vorig jaar op proef begon te draaien. ,,Eindelijk kan het Roemeense goud gewonnen worden!'' Jarenlang hadden de Australische ingenieurs verlekkerd naar de afvalhopen gekeken die her en der in Baia Mare liggen opgetast. Afval uit lood, zink en andere mijnen in het ertsrijke gebied aan de voet van de Karpaten. De Australiërs hadden berekend dat er wel acht ton goud tussen het afval moest liggen. Dat zouden ze kunnen winnen door een flinke dosis cyanide op het afval los te laten.

De moderne Aurul-fabriek kwam recht tegenover de grootste afvalberg te liggen, aan de rand van de stad. De cyanide werd in het afval gespoten zodat het goud los zou laten. Het afval, vermengd met cyanidehoudend water, werd vervolgens in een oude roestige pijpleiding naar het afvalbekken vervoerd over een afstand van enkele kilometers. Daar moest de grond bezinken en het water verdampen. De milieubescherming eiste dat het bekken zou worden afgedekt. Ook vroeg ze om een veiligheidssysteem in de pijpleiding zodat het transport onmiddellijk gestopt zou kunnen worden als er iets mis ging. Dat gebeurde allemaal niet.

De hele operatie vond plaats in bestaande voorzieningen. Het afval lag er al, de pijpleiding bestond al en het waterbekken was al aangelegd. Aurul kon meteen aan de slag. Ook de cyanide-techniek werd allang in Baia Mare gebruikt, alleen nooit in de hoeveelheden die Aurul SA ging gebruiken. ,,Wij gebruikten één ton cyanide om vier keer te spoelen, de Australiërs tien ton om één keer te spoelen'', vertelt Sters buurman die zelf in de mijnbouw heeft gewerkt. Nog geen drie maanden nadat het proces was opgestart ging het catastrofaal mis.

`Verboden toegang, gevaarlijk slib' staat er op het hek langs de dijk rond het omstreden waterbekken. Aurul SA heeft de buitenwereld niets te melden. De directie weigert ieder commentaar. Volgens de Australïers is niet bewezen dat zij schuld zijn aan de dood van honderden ton vis stroomafwaarts. Oppassers in groen-gele jassen met geborduurde kangoeroe's houden de pers buiten de deur. Met hun donkere zonnebrillen en hun snelle jeeps hebben ze iets lugubers.

Het waterbekken blijkt tientallen hectares groot, afgeschermd door een dijk die nauwelijks anderhalve meter boven het water uitsteekt. Vrachtwagens met zand rijden af en aan. Ze zijn nog steeds bezig het gat te dichten dat ontstond toen de druk van water en sneeuw op de dam te groot was geworden.

Er stroomde zoveel water weg dat het wateroppervlak met vijfentwintig centimeter daalde. Eerst in de afwatering, toen over de velden en door de sloten, vervolgens in de rivier die het zwaar vervuilde water naar de Tisza en de Donau bracht. Tot in de Donaudelta, bijna duizend kilometer verderop, waren de cyanidewaarden te hoog.

In het spoor van de Australiërs hebben Roemeense woordvoerders geprobeerd de ramp te bagatelliseren. De Hongaren zouden de vissterfte zelf veroorzaakt hebben en de Joegoslaven zouden de zaak helemaal hebben opgeblazen.

Maar Pamfil Bercean twijfelt niet dat er zich een regelrechte ramp heeft voorgedaan in Baia Mare. Hij is vice-president van de provincie Maramures, waarvan Baia Mare de hoofdstad is. De stad, in zijn Hongaarse verleden beroemd om zijn impressionistische schildersschool, is nu één van de meest vervuilde plaatsen in Roemenië. De heuvels boven de stad zitten vol met ertsen en mineralen. De Romeinen begonnen er al met de winning van zilver. Tot na de Tweede Wereldoorlog was de mijnbouw betrekkelijk kleinschalig. Het communistische Roemenië verbouwde de stad tot één groot industrieterrein, met midden in de stad bergen afval, chemische industrie en een zwaar vervuilende loodfabriek. Toen het communisme viel liepen de bewoners van Baia Mare met zakdoeken voor de mond tegen de zwaveldampen. De meeste kinderen bleken loodvergiftiging te hebben.

Van de bijna failliete Roemeense overheid hadden de plaatselijke bestuurders weinig te verwachten. De enige hoop was buitenlands kapitaal. Met de Phoenixfabriek waar onder andere koper, zink en cadmium verwerkt worden ging het goed. Het enorme complex werd opgekocht door een Brits-Indiaas consortium. Er verscheen een honderden meters hoge schoorsteen die de zwaveldampen voortaan ver boven de hoofden van de bevolking uitstootte. De kwaliteit van de lucht verbeterde aanzienlijk.

Bercean hoopte op iets dergelijks toen de Australische goudmijnexploitant Esmeralda zich meldde. Het buitenlandse geld zou gebruikt worden om de verouderde technologie te vernieuwen. ,,Wij dachten dat Baia Mare er beter van zou worden, maar dat is bitter tegengevallen. We hebben een keiharde les geleerd. Voortaan zullen we voorzichtiger zijn en alleen nog volgens de bepalingen van de Europese milieuwetgeving handelen.''

Aurul SA heeft de productie meteen na het ongeluk stilgelegd. De advocaten van Esmeralda bereiden zich voor op eventuele schadeclaims. Het opslagbekken zit nog steeds vol cyanidewater.

De inwoners van Baia Mare zijn overgegaan tot de orde van de dag. Zij zijn gewend tussen de vervuiling te leven. De rivier de Sasar die dwars door de stad stroomt is al sinds mensenheugenis dood. Zolang er rook uit de fabrieken komt is er tenminste werk. Hier zijn de marges klein. ,,Als we de EU-normen hier zouden toepassen, zou alle industrie dicht moeten,'' aldus Bercean.