Internationaal

LONDEN

De forse koersval op Wall Street, waar het Dow Jones-gemiddelde gisteravond met 3,7 procent daalde, klonk vanmorgen door op de Europese beurzen. Dat de indices niet al te fors daalden, was vooral te danken aan de gestegen olieprijs, waar de aandelen van oliemaatschappijen flink van wisten te profiteren. In Londen stegen BP Amoco en Shell flink, nadat de prijs voor Brent-olie de 32 dollar naderde. De stijging van de oliesector woog niet op tegen het negatieve sentiment dat de rest van de Londense beurs in zijn greep had. BSkyB moest met 7,5 procent terug. De FTSE-index daalde met 0,3 procent tot 6444 punten.

FRANKFURT

Zonder grote olie-aandelen die de index konden steunen, had Frankfurt het vanmorgen een stuk zwaarder dan de rest van Europa. De DAX-index was 1,1 procent lager op 7977 punten. Het aandeel Dresdner Bank kon 1,75 procent vooruit in afwachting van nadere berichten over de voorgenomen fusie met Deutsche Bank, die morgen worden gedaan in een persconferentie. Deutsche Bank moest daarentegen wat terug, met 1,3 procent.

PARIJS

TotalFina profiteerde vanmorgen sterk van de gestegen olieprijs, en kon 5 procent vooruit. Maar de rest van Parijs was goeddeels in mineur. Met name de mediasector lag onder vuur, met een verlies van 6,4 procent voor CanalPlus en 6,8 procent voor TF!. Tegenvallende resultaten waren daar bij beide maatschappijen de oorzaak van. De CAC-index was 0,7 procent lager op 6395 punten.

TOKIO

De effectenbeurs van Tokio heeft vandaag verliezen moeten incasseren, maar minder dan in New York. Het Nikkei-gemiddelde zakte 177,44 punten, ofwel 0,9 procent, tot 19.766,80.

De overige beurzen in het Verre Oosten gaven geen eenduidig beeld. De Zuid-Koreaanse beurs won 0,95 procent, de Hang-Sengindex in Hongkong steeg 0,5 procent. De Singaporese Straits Times-index zakte daarentegen 0,9 procent. De Australische aandelenkoersen verloren gemiddeld 1 procent.

NEW YORK

De aandelenkoersen op de effectenbeurs van Wall Street hebben gisteren een lelijke klap gekregen.

Het Dow Jones-gemiddelde moest 374,47 punten naar beneden tot 9796,03. Dat betekende een verlies van 3,68 procent. Een groot deel van de oorzaak lag bij Procter and Gamble, dat met een winstwaarschuwing kwam. Beleggers verkochten massaal hun stukken. Het aandeel dook 31 procent omlaag. 3M, General Electric, McDonalds en Wal-Mart verloren dik 5 procent. Caterpillar zakte ruim 7 procent.

De Nasdaq daalde 57,05 punten tot 4847,80.