Kunsthandel schuldig aan roofkunst

Britse veilinghuizen en zkunsthandelaren houden de handel in gestolen kunstwerken in stand, omdat zij weigeren garanties af te geven die uitsluiten dat het om zogenaamde `oorlogskunst' gaat.

Zo'n garantie moet voorkomen dat er kunst wordt verhandeld die de nazi's van joodse eigenaren hebben geroofd. Dat meldt de Britse krant The Independent on Sunday.

Deze nalatige houding van de Britse kunsthandel staat haaks op de steeds grotere druk die op musea wordt uitgeoefend om vooral geen werken aan te kopen waarvan de herkomst onduidelijk of `verdacht' is. En musea worden door die ontbrekende garanties als mogelijke eigenaren van `oorlogskunst' in een kwetsbare positie gebracht, aldus de krant.

Vorige week werd na een grootschalig onderzoek bij 23 Britse musea bekend dat zich in tien openbare collecties ten minste 350 kunstwerken, waaronder schilderijen van Picasso, Renoir, Delacroix en Matisse, bevinden die de nazi's wellicht in de jaren dertig en veertig roofden van joodse eigenaren. De Britse kunsthandel kwam daarbij onder vuur te liggen, omdat deze zou weigeren inzage te geven in zijn archieven.

De Londense Tate Gallery bevestigt dat bij belangrijke aankopen in het recente verleden geen enkel veilinghuis en geen enkele handelaar de gewenste garantie wilde afgeven, terwijl Amerikaanse collega's daar wèl toe bereid waren. In Britse koopcontracten wordt alle verantwoordelijkheid inzake herkomst bij de koper gelegd. ,,Als musea een belangrijk werk van onduidelijke herkomst willen aankopen dat een hiaat in hun collectie kan dichten, komen ze voor een moeilijk dilemma te staan'', aldus Sharon Page, mede-verantwoordelijk voor het aankoopbeleid van de Tate. De meeste particulieren deinzen niet voor zo'n dubieuze aankoop terug.

Woordvoerders van Christie's en Sotheby's in Amsterdam zeiden vanmorgen nauw samen te werken met de Centrale Recherche Informatiedienst (CRI) en het Art Loss Register – een internationale database, sinds vorig jaar ook gevestigd in Nederland – om verkoop van gestolen kunst te voorkomen. Afgezien van wereldwijd verspreide veilingscatalogi moeten ook gesprekken met klanten, `inbrengers', uitsluiten dat verdachte stukken onder de hamer komen. Procedures, die de laatste jaren door de publiciteit inzake gestolen, joodse bezittingen alleen maar zijn aangescherpt, maar ,,die nooit helemaal waterdicht kunnen zijn'', aldus Christie's.

Inmiddels hebben de Britse musea te horen gekregen bij de minste twijfel af te zien van aankoop. Een waarschuwing die de internationale museumwereld al in 1970 heeft doen uitgaan, maar die in Groot-Brittannië is genegeerd, aldus een toenmalig lid van de overkoepelende, Britse museumorganisatie. Groot-Brittannië heeft tot nu toe geweigerd belangrijke internationale verdragen over de illegale handel in gestolen kunstvoorwerpen te ondertekenen.