Gehalveerde Matthäus in Concertgebouw

Voor het eerst zal in het Amsterdamse Concertgebouw Bachs Matthäus Passion klinken in een versie van anderhalf uur, ongeveer de helft van de tijd die het werk normaal in beslag neemt.

Op zondagavond 16 april, de Palmzondag van het jaar waarin de 250 jaar geleden overleden Bach wordt herdacht, wordt diens omvangrijkste en populairste muziekstuk uitgevoerd met slechts twee zangeressen (sopraan en alt), twee koren en een orkest. Alle mannelijke solisten ontbreken. Er is geen bas, geen tenor, geen evangelist, zelfs geen Christus te horen in deze versie, die ondanks het couperen van vele geliefde aria's wordt gepresenteerd als `hoogtepunten uit de Matthäus Passion'. De toegangsprijs van vijftig gulden is niet gehalveerd.

Impresario Rob Groen legt uit dat deze Matthäus Passion niet de bedoeling heeft om de vooroorlogse traditie van de sterk gecoupeerde Matthäus weer in ere te herstellen. ,,Na het succes van de Matthäus vorig jaar met een Hongaars koor had ik een herhaling beloofd, maar het lukte uiteindelijk niet om dat te organiseren. Toen was het te laat om nog voldoende goede solisten te engageren, dus doen we het nu met de krachten die nog wel beschikbaar waren: Slovak Sinfonietta, het Zaans Cantate Koor, het Westerkerk Koor, de sopraan Lea Vitková en de alt Hana Stolfová.''

Samen met de op Bachgebied gereputeerde Zaanse dirigent Jan Pasveer bepaalde Groen de coupures. Wat overbleef zijn alle koren en koralen, de aria's voor sopraan en alt en het befaamde Sind Blitze, sind Donner. De kleine solistische bijdragen in het recitatief Nun ist der Herr zur Ruh' gebracht worden gezongen door leden van het Westerkerkkoor, onder wie de gepensioneerde Max van Egmond, een legendarische Bachsolist.

Groen: ,,Deze `hoogtepunten uit de Matthäus' zijn dus uit nood geboren, het is niet zo dat we de geschrapte stukken `dieptepunten' vinden. Maar als het een succes is en het publiek zo'n verkorte uitvoering mooi vindt, gaan we er in de toekomst gewoon mee door.''

Sinds Felix Mendelssohn in 1829 honderd jaar na de eerste uitvoering onder leiding van Bach de Matthäus Passion weer uitvoerde, waren omvangrijke coupures normaal, omdat een complete Matthäus in de toen gepraktiseerde romantische uitvoeringsstijl te lang werd bevonden. Willem Mengelberg, van 1895 tot 1945 de dirigent van het Concertgebouworkest en in 1899 de stichter van de Nederlandse Matthäus-traditie, coupeerde het werk met een derde. Zeven aria's werden compleet geschrapt en twee gedeeltelijk, naast allerlei recitatieven, koren en koralen. Mengelbergs beroemde opname uit 1939 duurt bijna twee uur en drie kwartier, tegenwoordig ongeveer de lengte van een vlot gebrachte complete Matthäus Passion. De eerste niet gecoupeerde Matthäus klonk in ons land pas in 1929 bij de Nederlandse Bachvereniging in Naarden.

Bij wijze van parodie op Mengelbergs coupeerlust stelde de zanger Herman Schey ooit de kortst mogelijke Matthäus voor. Die bestond uit het openingskoor, de evangelist met het recitatief `Da Jesus diese Rede vollendet hatte, schrie er abermals laut und verschied' en het slotkoor. Bij de huidige tempi blijft die Schey-Matthäus binnen het kwartier.