Banken zijn koopje voor telecom

Beroering in de bankwereld. Een Duitse supercombinatie in de maak? Welke concurrentie gaan Internet- en telefoonbedrijven leveren? De financiële wereld moet, letterlijk, tegen hen opkijken. ,,Wij zullen in Nederland nog wel een rondje fusies krijgen.''

ABN Amro heeft het gelezen, ING zeker ook. Misschien hebben de bestuurders vanuit hun aangrenzende hoofdkantoren een blik van verstandhouding gewisseld toen de bevestiging van het nieuws over de mogelijke krachtenbundeling van Deutsche Bank en Dresdner Bank vanochtend binnendruppelde.

Is het de opmaat voor een nieuwe serie fusies in de Nederlandse financiële sector?

,,Ik ben van mening dat wij in Nederland nog wel een rondje fusies in de financiële wereld zullen krijgen'', zegt analist H. van Everdingen van Kempen & Co, een onafhankelijke zakenbank. ,,Maar of dit nieuws het proces zal versnellen, dat weet ik gewoon niet.''

De Nederlandse markt voor financiële diensten is in handen van een handvol grootmachten: ABN Amro, ING (inclusief Postbank en Nationale-Nederlanden), Rabobank (met vermogensbeheerder Robeco), Fortis, Aegon en Achmea. Met uitzondering van Aegon, dat in 1983 ontstond, zijn zij gevormd in het begin van de jaren negentig, toen een golf fusies zich ontrolde. Toen liep de Nederlandse financiële wereld voorop met samenklontering, kostenreducties (kantoren dicht, meer zaken via telefoon en post uitvoeren) en schaalvergroting om buitenlandse overnames te ondernemen.

Nu beginnen ook de grote banken en verzekeraars op de drie grootste markten in Europa, Duitsland, Verenigd Koninkrijk en Frankrijk, samen te gaan. En voor het eerst in jaren komen ook de Amerikaanse financiële krachtpatsers, zoals Citigroup, in Europa miljardenovernames doen. En dan is er de tastbare onzekerheid over de gevolgen van Internet: voor het koopgedrag van klanten, voor de interne organisatie, voor de besluitvorming die een premie zet op snelheid en daadkracht, een eigenschap die zeker banken traditioneel missen. Opeens speelt afstand geen echte rol meer.

Misschien nog wel bedreigender zijn de gewijzigde krachtsverhoudingen op de effectenbeurzen. Internet, breedband-technologie op de kabel en mobiele telecommunicatie hebben de koersen van de aanbieders hiervan, zoals KPN en UPC in Nederland, opgezweept. De gevestigde verkopers van financiële diensten hebben het nakijken. Dat maakt fusies en zelfs overnames van banken en verzekeraars door telecombedrijven voor het eerst een geloofwaardige optie.

Door een fikse koersstijging werd het sterk verliesgevende kabelbedrijf UPC vanochtend voor het eerst meer waard dan ABN Amro. Toen de bank twee weken geleden een recordwinst (2,6 miljard euro) bekendmaakte tegelijk met forse Internetinvesteringen (1,8 miljard) ging de koers met zo'n 5 procent naar beneden.

De eerste grote krachtenbundeling tussen een bank en een telecombedrijf, tussen het Spaanse BBVA en Telefónica, timmert hard aan de weg. Zij hebben gezamelijke bedrijven opgezet en hun samenwerking op topniveau verstevigd door aandelenparticipaties in elkaar te nemen. Gisteren kondigden zij de overname van een Internet-bank in Ierland aan: First-e. Prijskaartje: ruim 600 miljoen gulden. De klantenkring van First-e en haar West-Europese expansieplannen moeten de Zuid-Europese activiteiten van Telefónica en BBVA zelf aanvullen.

Om de aanval van de Internet-banken te pareren heeft elke zichzelf respecterende bank nu een Internet-strategie en/of producten on line. Tegelijkertijd zijn nieuwe reorganisaties aangekondigd om de kostprijs van de financiële producten omlaag te krijgen. Nu in het omringende buitenland deze strategieën worden aangevuld met fusies, overnames en samenwerking op deelterreinen, komt de vraag naar Nederlandse krachtenbundelingen weer op tafel.

De gesprekken van Deutsche Bank en Dresdner Bank ,,geven wel aan dat wat je tot nu hebt gezien in Europa, namelijk een proces van fusies binnen nationale grenzen, nog steeds niet ten einde is'', zegt analist Van Everdingen van Kempen. ,,Partijen willen alsmaar sterker en sterker worden en dan de Europese jump nemen.''

Verdere samenklonteringen in de naburige markten zijn een cruciale randvoorwaarde voor nieuwe fusies in Nederland, zo geven zowel financiële instellingen zelf, als de toezichthoudende Nederlandsche Bank aan. De concurrentie ,,waakhond'' NMa moet echter voor het eerst ook akkoord gaan.

Over de vraag wie met wie, wordt wel gespeculeerd, maar weinig met zekerheid gezegd. De twee coöperaties, Achmea en Rabobank, lijken buiten fusies te blijven. Achmea is te klein en niet op de effectenbeurs genoteerd. Rabobank heeft wel een aantrekkelijke omvang maar ook een alliantie met de Duitse evenknie DG Bank.

Aegon profileert zich als pure verzekeraar, die niet met een bank wil samengaan. Fortis is gretig, maar wil een Europese fusie. De Nederlands-Belgische bank, verzekeraar en vermogensbeheerder is zelf een van de weinige voorbeelden van een geslaagde fusie over landsgrenzen heen.

De overblijvers, ING en ABN Amro, zien binnen enkele maanden een wisseling van de wacht, wanneer Groenink (ABN Amro) en Kist (ING) het roer overnemen. Een nieuwe generatie die voor een oude keuze staat: afwachten of samengaan.