Acht baggeraars op schip aan de ketting in Indonesië mogen weg

Acht Nederlandse bemanningsleden van een Nederlands baggerschip dat vandaag een maand aan de ketting ligt in Indonesië, mogen naar huis. Zij worden vervangen door acht nieuwe bemanningsleden. De rest van de uit 31 personen bestaande bemanning van de `Amsterdam', een sleephopperzuiger van baggeraar Ballast Nedam, moet vooralsnog aan boord blijven.

De Nederlandse ambassade in Jakarta en minister Jorritsma die op bezoek is in Singapore, kregen vandaag van de Indonesische regering te horen dat alleen de acht bemanningsleden van boord mogen die op het punt stonden te worden afgelost toen het schip aan de ketting werd gelegd.

Dat gebeurde op 7 februari toen de `Amsterdam' werd opgedragen koers te zetten naar de NoordIndonesische haven Batu Ampar, nadat de Indonesische politie het schip had gedwongen te stoppen met baggeren. De `Amsterdam' was in Indonesië bezig zand te winnen voor een landwinningsproject in Singapore waarmee Changi Airport, de internationale luchthaven, wordt uitgebreid.

Waarom de Indonesische autoriteiten het schip aan de ketting hebben gelegd, blijft onduidelijk. Er zou iets mis zijn met de vergunning om zand te winnen, maar Ballast Nedam zegt zich van geen kwaad bewust te zijn. Het bedrijf handelt in opdracht van concessiehouder PT Barelang Sugi Bulan. In het contract dat dit Indonesische bedrijf heeft met Ballast Nedam, staat dat het zich verplicht alle noodzakelijke goedkeuringen en vergunningen voor het winnen van zand te verkrijgen van de Indonesische autoriteiten. Ballast Nedam gaat ervan uit dat er met die goedkeuring iets is misgegaan.

Minister Jorritsma, die vandaag een tiendaagse handelsmissie aan Indonesië en een bezoek aan Singapore afsluit, kaartte de humanitaire aspecten van de zaak aan bij president Wahid van Indonesië. Dit resulteerde in de toestemming om acht van de 18 Nederlanders aan boord naar huis te laten terugkeren.

In Indonesië kan een schip, zonder dat er een aanklacht is geformuleerd, maximaal 36 dagen aan de ketting worden gelegd en kan de bemanning verplicht worden aan boord te blijven. Niemand mag van het schip af. Mensen van Ballast Nedam en de Nederlandse ambassade mochten enkele malen op het schip komen.