Schaatsbond: Timmer praat mond voorbij

Marianne Timmer heeft het aan zichzelf te wijten dat ze zich een dopingzondaar voelde. Dat zei gisteren Gerhard Zimmerman, vice-voorzitter van de internationale schaatsunie (ISU). Hij toonde zich op de laatste dag van de WK afstanden in Nagano niet onder de indruk van de kritiek die de Nederlandse schaatsster de voorgaande dagen op de ISU had geleverd.

Na een bloedcontrole die donderdag bij alle 120 deelnemers aan het toernooi in de Japanse stad werd afgenomen, bleek dat Timmer een hematocrietwaarde van 47,4 had. Daarmee zat zij 0,4 boven het toegestane maximum. Een te hoge hematocrietwaarde kan lichamelijke oorzaken hebben, maar ook duiden op het gebruik van het verboden eitwithormoon EPO. Voor mannelijke schaatsers ligt de maximaal toegestane hematocrietwaarde, die de hoeveelheid rode bloedlichaampjes aanduidt, op een waarde van 50.

De regels van de ISU schrijven in dat geval een tweede test voor, maar omdat de uitslagen pas laat bekend werden, kon Timmer pas vrijdagochtend Japanse tijd – enkele uren voor de eerste 500 meter bij de vrouwen – opnieuw worden geprikt. Ploegarts Hans Smid van de Nederlandse schaatsbond KNSB werd donderdagavond door de ISU-controleurs verwittigd. Smid stelde vlak voor middernacht Timmers coach Egbert van 't Oever op de hoogte van de uitslag van de test. Vrijdagochtend vroeg meldde de trainer het nieuws aan zijn pupil. Timmer schrok hevig. Ze reed vervolgens een slechte eerste 500 meter die volgens haar was veroorzaakt door het incident met de bloedcontrole.

Zaterdag na de 1.000 meter zou Timmer opening van zaken geven. Maar vrijdagavond lekte het nieuws uit, dat ze bij de eerste bloedtest een te hoge hematocrietwaarde had en dat de tweede test van vrijdagochtend een waarde van 44 had opgeleverd, onder het toegestane maximum. Feitelijk was er niets aan de hand.

Vlak voor de start van de 1.000 meter gaf Timmer zaterdag een verklaring uit waarin ze liet weten dat ze ,,door toedoen van de gang van zaken door de bloedcontroles van de ISU 24 uur onterecht in de beklaagdenbank had gezeten''. Na de 1.000 meter van zaterdag, waar ze zilver won, gaf Timmer een mondelinge toelichting op de zaak.

,,Het was best wel een drama'', zei de tweevoudig olympisch kampioene, die van een dieptepunt in haar carrière sprak. ,,Toen ik het hoorde, voelde ik me best wel alleen. Van tevoren hadden ze gezegd dat je na 15 tot 20 minuten de uitslag kijgt. Ik hoorde die dag niks, dus ging ervan uit dat alles goed was. Toen ik zaterdag hoorde dat het niet goed was en ik weer m'n bloed moest laten prikken, op de wedstrijddag, begreep ik daar niks van. Ik voelde me ineens hartstikke schuldig, terwijl ik clean ben. Ik ben voor bloedcontroles; prik mij elke week maar. Ik heb niks te verbergen. Ik voelde me nagewezen, alsof ik met m'n rug tegen de muur stond.'' Timmer gaf toe dat onbekendheid met de materie een belangrijke oorzaak was van haar paniekreactie.

Volgens ISU-bestuurder Zimmerman heeft niemand Timmer ook maar ergens van beschuldigd. ,,Als zij het zelf bekendmaakt en met een verklaring komt, dan werkt ze zelf speculaties in de hand. En wat was er nou werkelijk aan de hand? Niets. Bij de tweede test was alles oké, er was geen enkel gezondheidsrisico.''

Zimmerman vroeg begrip voor het feit dat de uitslag van de 120 testen niet een kwartier na de controle werden bekendgemaakt. Dit gebeurde pas nadat alle controles waren geanalyseerd. ,,Bij de WK in Milwaukee konden we de resultaten sneller geven omdat daar slechts vijftig deelnemers waren.''

Zimmerman ontkende dat de meetapparatuur niet deugt. ,,De schaatsers moeten zich realiseren dat de gezondheidscontroles er ook voor hun bestwil zijn. We zoeken nog naar een goed systeem en daarvoor vragen we de medewerking van alle schaatsers.''

In het wielrennen is de bloedtest sinds 1997 een beproefd middel in de strijd tegen EPO. Bij de introductie van de test vermoedde de internationale wielerunie (UCI) dat dit bloeddopingmiddel op grote schaal werd gebruikt. Die indicatie heeft de schaatsbond ISU niet. Vooral om te laten zien dat het de strijd tegen doping serieus neemt, heeft de ISU zich ook overgegeven aan de gezondheidscontroles.

Net als in het wielrennen kan de ISU een sporter op non-actief stellen als de hematocrietwaarde verdachte fluctuaties vertoont. De ISU verkeert volgens Zimmerman met de bloedcontroles in een beginstadium. Aan de hand van de nieuwe gegevens wil de ISU een strakker anti-dopingreglement opstellen. Dat neemt niet weg dat ook de schaatsers op non-actief worden gesteld zodra hun gezondheid gevaar loopt. Bij Timmer was daarvan geen sprake. ,,Dit was de eerste bloedtest in m'n leven. En die zal ik niet snel vergeten.''