`Grotere rol artsen euthanasie'

De VVD vindt dat artsen de meerderheid moeten vormen in de regionale commissies die het gedrag van een arts bij euthanasie of hulp bij zelfdoding beoordelen. Ook moet het gedrag tuchtrechtelijk en niet strafrechtelijk worden getoetst. Een ruime meerderheid in de Tweede Kamer ziet niets in het voorstel.

Dit blijkt uit de eerste schriftelijke vragenronde van de Tweede Kamer over het wetsvoorstel dat euthanasie en hulp bij zelfdoding onder een aantal strikte voorwaarden vrijwaart van strafrechtelijke vervolging. Een van die voorwaarden is het melden ervan bij de lijkschouwer. Vijf toetsingscommissies beoordelen dan of de arts voldoende zorgvuldig heeft gehandeld. Elk van die regionale commissies bestaat uit een arts, een jurist en een ethicus.

Het instellen van deze commissies leidt er toe dat artsen vaker euthanasie of hulp bij zelfdoding zullen melden, zo verwachten althans de ministers Borst (Volksgezondheid) en Korthals (Justitie). Zij dienden vorig jaar het wetsvoorstel in dat grotendeels gelijkluidend is aan het initiatief van de drie regeringspartijen uit 1998. Onderzoek uit 1996 leert dat maar zo'n 40 procent van de gevallen daadwerkelijk door de artsen bij de lijkschouwer wordt gemeld.

De VVD verwacht niet dat die situatie zal verbeteren. Fractiewoordvoerder O. Vos baseert zich daarbij op de ervaringen met deze commissies die sinds 1 november 1998 functioneren. In zijn reactie verwijst hij naar een rapportage in het weekblad Medisch Contact van juli. Daarin wordt gemeld dat het aantal meldingen stabiel lijkt. Dat het nog niet is gestegen ,,kan te maken hebben met het feit dat het bestaan en de werkwijze van de commissies nog niet voldoende bekend zijn'', aldus het blad.