Nederland drinkt meer fris

Nederlanders drinken steeds meer frisdrank. Tien jaar geleden consumeerden zij per persoon gemiddeld 71 liter. Die hoeveelheid lag in 1998 bijna vijftien liter hoger.

Veruit de populairste frisdrank met suiker is cola. Het marktaandeel hiervan is ruim vijftig procent. Op de tweede plek komt sinas (22 procent), gevolgd door de `citroenachtigen' (10 procent). Bij de Light-soorten is Cola minder geliefd (23 procent), maar nog steeds het meest gewild. Citroenachtigen en sinas volgen met respectievelijk 15 en 10 procent.

Frisdrank was in 1998 met 85,2 liter op twee na de meest gedronken drank. Koffie (160 liter) en thee (87 liter) werden meer genuttigd. Frisdrank blijft bier (84,3 liter) en melk (67 liter) wel voor.

Nederlanders zijn in vergelijking met andere Europeanen grote frisdrinkers. Ieren, Belgen en Britten gaan hen voor, maar in de (warmere) landen Frankrijk, Portugal en Italië wordt veel minder fris gedronken: respectievelijk 36, 42 en 47 liter per persoon.