Ik kan de was doen

Vrouwen zijn vooral geschikt om met vettige piekharen luierwasjes te doen, schreef Gerrit Komrij eens. Het bracht hem weinig vrienden onder de feministen. Maar het was in één opzicht zeker waar: handwasjes doen is vrouwenwerk. Daar beginnen mannen niet aan. Maar met de was doen is het anders gesteld. Sinds er wasmachines bestaan, zijn ook mannen er niet vies van.

Wat is het geheim van een betrouwbare wasser? Sorteren! In de machine proppen kan iedereen, maar het gaat erom wat je erin stopt. Katoen bij katoen, licht bont bij licht bont, donker bont bij donker bont, wol bij wol, pluizige stukken apart. Breng de discipline op om altijd scherp op te letten. Dat ene rode kinderservetje dat het damasten tafellaken heeft bedorven – jaren later krijg je het nog op je brood. Dat leuke wollen truitje dat per ongeluk te warm op 40 graden meeging – onvergeeflijk! Sorteren dus.

Meer nog dan de geheimzinnige grauwsluier die 's nachts stiekem over het hangend wasgoed neerdaalt, is onachtzaamheid er de oorzaak van dat witte kleding geleidelijk vergrauwt. Ach, die oude bonte handdoek is al zo vaak gewassen, denkt de routinier, die kan langzamerhand wel bij de witte was. Niet doen! Op het oog zie je niets, maar let eens op het verschil tussen wit en wit, als je er iets nieuws naast legt.

Het dilemma waar de wekelijkse wasser voor staat, is dat hij heus wel sorteren wil, maar dat hij zijn machine niet vol krijgt. En kleine wasjes, weet hij, kosten evenveel water en energie als grote. Wil je zuinig en milieuvriendelijk wassen, dan moet de machine vol. Dus toch maar die bonte handdoek erbij?

Fout! Koop een kleinere wasmachine, of veel beter nog – koop een grotere wasmand. Wacht gewoon tot je wel een volle machine hebt. En heb je te weinig kleren, koop er dan gewoon voldoende bij. Het is onzin om de machine vijf paar sokken te laten wassen omdat je niet meer dan zeven paar bezit.

Was altijd zo koud mogelijk. Ten eerste is het niet het draaien van de machine dat de meeste stroom kost, maar het opwarmen van het water. Verder krimpt wol in warm water; 30 graden is meestal al te veel. Ook blijft bontgoed beter op kleur bij lage temperaturen; blijf onder de 40 graden. Om vlekken en vieze kragen goed schoon te krijgen kun je ze vooraf met vloeibaar wasmiddel of een papje van een poedermiddel aansmeren.

Wie echt alles koud wast (Japanners doen dat), kan het best vloeibaar wasmiddel gebruiken. Poeder lost slecht op in koud water, vooral 's winters als het leidingwater 5 graden is. Helaas moet witte was toch wel eens op 60 graden; de gebruikte bleekmiddelen werken pas bij hogere temperaturen.

In gebieden met hard water heeft koud wassen nog een voordeel: je hebt veel minder kalkneerslag op het verwarmingselement.

Wassers moeten alles zelf uitvinden. Wie afgaat op de ingenaaide wasvoorschriften zal bemerken dat vrijwel alle kleding apart gewassen moet worden (wash seperately). Soms waar, maar meestal gewoon een disclaimer van de textielfabrikant. Ook de wasmiddelfabrikanten schrijven maar wat. Vrijwel alle middelen zouden totaalwasmiddelen zijn. Ook niet waar. (Wie herinnert zich Omo Power nog, waarvan Unilever volhield dat je er bij 90 graden kon wassen?) Koop op zijn minst drie soorten wasmiddel: voor wol (fijne was), voor bontgoed (zonder bleekmiddel) en voor witgoed (met). En gebruik zo weinig mogelijk.

Wassen is één ding, drogen is vers twee. Moderne wasmachines centrifugeren beter dan vroeger omdat ze een trillingssensor bezitten. Ze beginnen opnieuw als de lading in onbalans is. Door met de juiste snelheid links- en rechtsom te draaien verdelen ze het wasgoed over de trommel. Het is een grote verbetering – al blijven wasmachines die zelf centrifugeren een hoop lawaai maken. Een ouderwetse losse centrifuge is veel stiller en krijgt het wasgoed een stuk droger. En handig voor de handwas.

Wie kiest voor het gemak van een wasdroger, moet niet alleen beseffen dat hij een hoge stroomrekening gepresenteerd krijgt, maar ook dat zijn was veel sterker slijt. Die lap textiel die hij wekelijks van zijn pluizenfilter pelt, had eigenlijk nog in zijn wasgoed moeten zitten.

Ten slotte nog dit. Wasmachines zijn niet alleen geschikt om de was stralend wit te maken – het zijn ook uitstekende verfmachines. Koop eens een tinnetje verf bij de drogist. ,,Mooie zwarte broek draag je daar.'' ,,Ja, zelf geverfd!''