Het witte bastion

Het establishment was niet vooruit te branden. Het poldermodel heeft de allochtonen amper verder geholpen. Pas nu de economie op stoom is, telt het multiculturele drama. Drie medeverant- woordelijken praten over `high potentials' en de onderklasse. Wie moet zich eigenlijk aanpassen aan wie?

Een doordeweekse avond in de burgemeesterskamer van het Rotterdamse stadhuis. Drie kenners, medeverantwoordelijken ook, discussiëren over wat publicist Paul Scheffer in deze krant omschreef als het `multiculturele drama' – de in zijn ogende groeiende sociaal-economische en culturele kloof tussen allochtonen en autochtonen.

Ivo Opstelten (56, VVD) is burgemeester van Rotterdam, ,,162 nationaliteiten, 42 procent van de bevolking van niet-Nederlandse komaf.'' Han Entzinger (53), hoogleraar sociale wetenschappen in Utrecht, is ,,al meer dan 25 jaar in verschillende functies bezig met de thematiek van migratie en minderheden''. Anton Westerlaken (45) is bestuursvoorzitter van de 's Heeren Loo Zorggroep. Hij begon in de jaren zeventig als politieagent in het Oude Westen, Rotterdam. ,,De Turkse kinderen die toen aankwamen in het kader van gezinshereniging hadden aanvankelijk enorm ontzag voor de politie. Op het vreemde af. Maar na een maand of vier was het helemaal omgeslagen. Deden ze alles wat ongeoorloofd was. Er woonden toen al 43 nationaliteiten in die wijk.''

,,Een schijntje'', lacht Opstelten. ,,Dat was nog eens een simpele tijd.''

Alledrie waren ze begin jaren negentig betrokken bij het formuleren van een landelijk minderhedenbeleid. Opstelten als directeur-generaal op Binnenlandse Zaken en als `grotestadsburgemeester' van Utrecht. Westerlaken als vakbondsbestuurder bij het Christelijk Nationaal Vakverbond. Entzinger schreef mee aan twee nota's die trendbreuken markeerden in het minderhedenbeleid: Allochtonenbeleid, in 1989, voor de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid en in 1994, voor het eerste paarse kabinet, een voorstel voor verplichte inburgering.

Scheffer constateert dat Nederland wegkijkt van de toenemende sociale ongelijkheid en culturele segregatie. U ook?

Opstelten: ,,Het artikel is intellectueel en verwijst naar veel bronnen, maar over het geheel genomen is Scheffer in mijn ogen te negatief. Hij heeft het onderwerp weer bovenaan de agenda gezet, dat is zijn verdienste.''

Entzinger: ,,Ik krijg de indruk van een Alice in Wonderland. Scheffer heeft zich onlangs grondig verdiept in de materie en is geschrokken. Hij heeft weinig oog gehad voor de vooruitgang.''

Waar zit die vooruitgang dan?

Entzinger: ,,Bij de tweede generatie. De werkloosheid is teruggelopen en ook in het onderwijs gaat het beter. De kloof tussen allochtonen en autochtonen wordt langzaam maar zeker kleiner, vooral onder degenen die hun hele schoolopleiding in Nederland hebben gevolgd. De prestaties in zowel taal als rekenen van alle groepen allochtone leerlingen zijn tussen 1988 en 1996 sterker gestegen dan die van autochtone leerlingen.

,,Met name bij de taalprestaties is het verschil tussen hier geboren Turken en Marokkanen enerzijds en autochtone kinderen anderzijds vrijwel verdwenen. De nog altijd voortgaande immigratie vertekent het beeld. Alle Turkse en Marokkaanse leerlingen worden op één hoop gegooid, de nieuwkomers drukken het gemiddelde voor de hele gemeenschap en de prestaties van de tweede generatie worden versluierd.''

Opstelten: ,,Er is diversiteit binnen de allochtone bevolking, er is emancipatie. Je ziet die op allerlei fronten ook sterker worden. De Turkse, Marokkaanse, Antilliaanse en Surinaamse groepen zitten niet op het niveau van de autochtone Rotterdammer, maar het trekt wel bij.''

Entzinger: ,,Elk jaar komen er meer Turkse, Marokkaanse en Surinaamse studenten. Ik wil niet zeggen dat de emancipatie pas geslaagd is als iedereen naar de universiteit gaat, maar toch. Van de autochtone 15- tot 24-jarigen zit veertig procent op universiteit of hogeschool; bij de allochtonen ligt dit percentage nu rond de twintig.''

Opstelten: ,,De Erasmus Universiteit in Rotterdam presenteerde onlangs een boek met curricula vitae van allochtone studenten: zeer interessante high potentials.''

Entzinger: ,,Ook de werkgelegenheid is verbeterd. Zes jaar geleden was dat het knelpunt: werk, werk, werk. De achterstand wordt ingelopen.''

Westerlaken: ,,Ho, ho. Dat is de economische dynamiek. Dat is geen zelfstandige verdienste van de samenleving, maar resultante van een ander, in zekere zin autonoom traject.''

Opstelten: ,,Feit is dat de werkloosheid ook onder allochtonen enorm is gedaald. Die was in verschillende groepen eenderde, maar is in vier jaar tijd, van 1994 tot en met 1998, gehalveerd. In 1999 trekt het nog meer aan.''

Dus we kunnen deze bijeenkomst opheffen. Conclusie: het gaat goed met de allochtonen in Nederland en het zal vanzelf nog beter worden ook.

Westerlaken: ,,Nee. Scheffer wijst terecht een rotte plek aan. Een relatief grote groep allochtonen leeft in een absolute achterstandssituatie. Qua wonen, werken, inkomen en isolement. Er is een risico dat deze groep aan zijn lot wordt overgelaten. Den Haag laat het de grote steden zelf maar oplossen. En ook binnen de allochtone groep zelf onstaat desinteresse. Degenen die het gemaakt hebben, willen niet meer geïdentificeerd worden met de armen.''

Entzinger: ,,Het gaat niet goed genoeg. Neem alleen al de visitatiecommissie grote-stedenbeleid die oude stadswijken langsgaat en bij hearings louter drie witte Nederlanders treft. Of de cursussen Nederlands aan nieuwkomers. We weten niet eens of die wel aanslaan. Als je aan een ambtenaar vraagt hoe effectief de cursussen zijn, komt hij aanzetten met cijfers over het aantal beloofde versus het aantal gerealiseerde cursusplaatsen.''

Westerlaken: ,,Herinneren jullie je nog de Vietnamese bootvluchtelingen? Na een cursus van zes weken konden ze zich verstaanbaar maken op de markt en op school. Maar daarna kwamen ze in gemeentelijke programma's terecht die hen knuffelden en in hun waarde lieten. Dan waren ze reddeloos verloren en spraken ze op den duur nauwelijks Nederlands meer.''

Opstelten: ,,Toen ik hier vorig jaar kwam, begreep ik voor het eerst dat Rotterdam niet alleen de stad van de superlatieven is, maar ook de verkeerde lijstjes aanvoert. Hoogste werkloosheid. Laagst opgeleide bevolking. Goedkoopste woningvoorraad. Laagste gemiddelde inkomen per hoofd van de bevolking.''

Hangt dat samen met die 162 nationaliteiten?

Opstelten: ,,Zeker.''

Dus Rotterdam heeft een gekleurde onderklasse?

Opstelten: ,,De cijfers wijzen in die richting, maar ik distantieer me van de term. Je constateert dat mensen met een niet-Nederlandse achtergrond het moeilijker hebben dan anderen.''

Entzinger: ,,Ik ben ook niet zo gelukkig met de term onderklasse. Een van de kenmerken van een onderklasse is dat het zich van generatie tot generatie voortplant. Ik dacht nu juist dat dit gezelschap daar wat genuanceerder over dacht. Het is een traject van lange adem.''

Wat kan de overheid doen om dat traject te versnellen?

Opstelten: ,,Onderwijs, onderwijs, onderwijs. De overheid moet zorgdragen voor de kwaliteit en de kwantiteit van onderwijs, ook op zwarte scholen in de grote steden. Dat had keihard in het regeerakoord moeten staan. Dan bedoel ik niet nog meer experimenteren zoals staatssecretaris Adelmund vorige week in haar nota bepleitte. Dan bedoel ik een structurele lijn uitzetten. Geld vrijmaken voor salarissen.''

Extra geld voor leraren op zwarte scholen?

Entzinger: ,,Wat mij betreft wel.''

Opstelten: ,,Ja. Ook al is mijn partij in Den Haag daar geen voorstander van. Dat is het leuke van mijn functie: ik zie wat er werkelijk gebeurt. Mensen in Den Haag niet altijd.''

Westerlaken: ,,Nee, daar gaat het dus niet om, vragen om meer geld als het verkeerd gaat. Als je aan leerkrachten op zwarte scholen vraagt – ik heb dat jarenlang gedaan – wat heb je liever, meer salaris of meer collega's? Dan zegt 99,9 procent: meer collega's. Die komen er niet, de voorzieningen komen er niet. Dan begrijp ik wel dat ze uiteindelijk de handen omhoog steken en zeggen: kan ik nou potverdorie eindelijk eens meer salaris krijgen?''

Opstelten: ,,We hebben bij het onderwijs veel last gehad van de bonden, ook van de werkgeversorganisaties. Ze lieten geen enkele verandering toe, waren een gesloten bastion. Ze kozen altijd voor zichzelf. Daarin hebben jullie een kwalijke rol gespeeld, Anton.''

Westerlaken: ,,Ik wil best in m'n oude nest spugen. De klassieke reflex in de Nederlandse samenleving is dat men hetgeen men heeft, tot de laatste snik verdedigt. Ik troost me maar met de gedachte dat de vakbeweging daarin niet alleen staat, maar dat het ook geldt voor werkgeversorganisaties, voor burgemeestersgroepen, voor politieke partijen.''

Opstelten: ,,Absoluut. Niet vooruit te branden.''

Westerlaken: ,,De economische voorspoed vertekent. We kunnen het ons veroorloven om sociale vraagstukken te laten liggen. Het poldermodel staat nu voor de grootste uitdaging: welvaart verdelen. We moeten de allochtonen die het moeilijk hebben nu met werk en onderwijs bij de kladden grijpen. Ook het bedrijfsleven. Als een bedrijf zijn grootste winst uit de geschiedenis bekend maakt, waarom durft het zich dan niet maatschappelijk te positioneren door honderd miljoen opzij te leggen voor het probleem van Paul Scheffer?''

Opstelten:,,Stop. Zo eenvoudig is het niet. Een bedrijf moet gaan voor behalen van rendement dat ze hebben vastgesteld. Anders span je het paard achter de wagen.''

Westerlaken: ,,Mee eens. Ik vind het schrijnend dat in een tijd waarin de arbeidsmarkt roodgloeiend staat, ongelooflijke talenten om de hoek niet worden aangesproken. Terwijl er enorme kosten worden gemaakt om mensen uit het buitenland te halen.''

Entzinger: ,,Demografisch hebben de allochtonen nu het tij mee: er zal steeds meer krapte op de arbeidsmarkt komen. En als het economisch slechter gaat, heb ik de hoop dat de allochtonen inmiddels zoveel arbeidservaring hebben opgebouwd dat werkgevers ze als gewone werknemers zien. Trouwens: als binnenkort meer dan de helft van de schoolverlaters allochtoon is, dan moet je als werkgever wel.''

Opstelten: ,,Ons politie-apparaat is nog altijd geen afspiegeling van de bevolking, hoewel we ons dat al jaren ten doel stellen. De politie mag best wat meer zijn nek uitsteken om allochtonen binnen te halen zonder dat die direct aan de kwaliteitseisen voldoen. Als de kandidaten maar de potentie hebben om er met een extra opleiding aan te voldoen.''

Westerlaken: ,,Je kunt hetzelfde zeggen over het onderwijs. Als je vindt dat iedereen terecht moet kunnen op een school voor middelbaar beroepsonderwijs, dan kun je die scholen niet tegelijkertijd gaan afrekenen op diploma's. Dat is ongeloofwaardig.''

Entzinger: ,,Scholen moeten verantwoording afleggen voor de wijze waarop zij de extra gelden voor allochtone leerlingen besteden. Sommige scholen bereiken daarmee veel betere resultaten dan andere. De overheid zou scholen moeten dwingen om die gelden in te zetten op een wijze waarvan elders is aangetoond dat ze tot goede resultaten leidt. Ook moeten we voorkomen dat sommige bijzondere scholen selectief zijn in hun toelatingsbeleid, waardoor vooral openbare scholen zich tot zwarte scholen ontwikkelen. Dit is een argument om artikel 23 van de Grondwet, de vrijheid van onderwijs, niet voor eeuwig als heilig te beschouwen. We verzuimen ons onderwijssysteem aan te passen aan de veranderde bevolking. Het onderwijs kan niet ten doel hebben ongelijkheid te reproduceren. Nederland anno 2000 ziet er nu eenmaal anders uit dan Nederland anno 1917, maar qua organisatie van het onderwijs lijkt het soms of de tijd heeft stilgestaan.''

Westerlaken: ,,In mijn vakbondstijd kregen we bijna jaarlijks een adviesaanvraag over de achterstand van minderheidsgroepen. Binnen de Stichting van de Arbeid moesten sociale partners zich verantwoorden. In de vakbeweging hadden we het Secretariaat Buitenlandse werknemers en er was het Nederlands Centrum Buitenlanders. Dat leidde tot herkenbare opvattingen, waar we op werden aangesproken door politieke partijen. Maar toen kwam er de decentralisatie, gemeenten kregen meer verantwoordelijkheden voor achterstandgroepen. Nu komt in het regeerakkoord de term `minderheden' niet meer voor, weten we niet meer wie verantwoordelijk is voor wat en zijn de resultaten niet meer te meten.''

Entzinger: ,,Te lang is gedacht dat de sociaal-economische achterstand van deze groep vooral te verklaren is vanuit hun etnische achtergrond. Natuurlijk kun je de culturele component van de achterstand niet wegredeneren. Als je kijkt hoe migrantenouders hun kinderen opvoeden, is het een rem op het schoolsucces in Nederland als zij hun kinderen niet voorlezen. Nederlandse ouders doen dat wel. Maar de achterstand daaruit verklaren kan niet. ''

Westerlaken: ,,Het gaat om iets anders. Je moet een gezamenlijk normen en waardenpatroon benoemen waar je elkaar op aan mag spreken en op af mag rekenen en identificatiemogelijkheden bieden van `daar wil ik bijhoren'.'' Integratie of assimilatie?

Entzinger: ,,Scheffer stelt dat als je als allochtoon maar assimileert en de overheid tegelijkertijd geld pompt in achterstandbestrijding, de achterstand vanzelf verdwijnt. Dat is een foute, eendimensionale benadering. Je hebt twee sporen van overheidsbeleid. Het ene spoor is: achterstanden tegengaan en allochtonen onderbrengen in arbeids- en schoolsystemen. Die systemen moet je aanpassen aan de nieuwe bevolking, dat hebben we veel te lang onderschat. Het andere spoor is: uitvinden hoe die mensen denken en voelen en op grond daarvan sociale samenhang bevorderen.''

Opstelten: ,,Het gemeentebestuur heeft onlangs management diversity-training gekregen van een Amerikaanse hoogleraar. Hij maakte ons bekend met de kenmerken en gevoeligheden van allochtone groepen. Dat de vrouwelijke wethouder niet beledigd moet zijn als ze geen hand krijgt van de imam.Moet de imam niet juist een cursus krijgen hoe hij een vrouw de hand moet schudden?

Opstelten: ,,Ik respecteer het omdat ik de achtergrond ervan begrijp.''

Entzinger: ,,De interessantste cultuurverschillen liggen in de privésfeer. Mogen moslimscholieren wel of niet bidden in de kantine? Wat doe je als mentor als een moslimmeisje niet mee op kennismakingskamp mag? En de homoseksuele leraar die eindelijk in de klas over zijn vriend durft te praten, maar na de les door een groepje Marokkaanse jongens in elkaar wordt getimmerd. Moet de onderwijzer privé en school scheiden of ga je met die Marokkaanse jongens praten? Of meisjes die schaars gekleed door een wijk vol met Turkse en Marokkaanse jongens fietsen en dan verbaasd zijn dat ze nagefloten en lastiggevallen worden. Wie moet zich dan aan wie aanpassen?''

Nou?

Entzinger: ,,Daar heb ik niet zo een twee drie een antwoord op. Je moet er anders naar kijken. Op individueel niveau. Dat moeten mensen met elkaar uitzoeken.''

Opstelten: ,,We gaan in de stad het debat aan over stadsetiquette, de spelregels van Rotterdam. Wat zijn de huisregels en omgangsvormen in onze wijken? Ik kan daar opinionleading in zijn, of een van de wethouders.''

Entzinger: ,,Tien jaar geleden hadden beleidsmakers een Nederland voor ogen dat bestaat uit een hele grote groep Nederlanders en een paar kleine groepjes Turken, Marokkanen, Surinamers. En die waren zo bijzonder, dat ze allemaal hun eigen minderhedenbeleidje moesten hebben. Zij moesten het liefst bevestigd worden in hun eigen, andere cultuur.''

Westerlaken: ,,Mijn zoon loopt stage bij de politie Utrecht. Vorige week had hij avonddienst. Nederland-Duitsland op tv. En tegelijk nog een heleboel andere interlands. Hij was de enige klassieke Nederlander in het wachtlokaal. Ze hebben onderling moeten stemmen naar welke voetbalwedstrijd ze zouden kijken.''

En welke werd het?

Westerlaken: ,,Nederland-Duitsland, ze konden het over geen een andere eens worden.''