Onderzoekers ontdekken nieuwe route van aidsvirus

Onderzoekers van het Universitair Medisch Centrum St. Radboud in Nijmegen hebben een nieuwe route ontdekt die het aidsvirus volgt bij het infecteren van het menselijk lichaam. Dit biedt aanknopingspunten om nieuwe medicijnen tegen het virus te ontwikkelen.

De onderzoekers publiceerden hun resultaten gisteren in het wetenschappelijk tijdschrift Cell, samen met wetenschappers uit Utrecht en New York.

Tot nu toe was bekend dat het aidsvirus de zogeheten T-cellen infecteert en vervolgens het immuunsysteem langzaam te gronde richt. ,,Maar we wisten dat het aidsvirus niet zomaar ineens bij zo'n T-cel ergens in het lichaam terechtkomt'', zegt dr. Yvette van Kooyk, een van de Nijmeegse onderzoekers. ,,Er moest nog een stap voor zitten.''

Die stap is nu opgehelderd en blijkt via de zogeheten dendritische cellen te lopen. Dat zijn de poortwachters van het immuunsysteem. Ze bevinden zich vlak onder de oppervlakte van onder andere het spijsverteringskanaal en de geslachtsorganen. Dendritische cellen onderscheppen daar lichaamsvreemde binnendringers, zoals bacteriën en virussen, die vervolgens worden opgegeten en in stukken geknipt. ,,Het aidsvirus wordt wel onderschept, maar om nog onduidelijke redenen blijft het daarna ongedeerd'', zegt Van Kooyk. Een dendritische cel reist vervolgens naar de dichtstbijzijnde lymfeknoop, waar de T-cellen zich bevinden. In het geval van het aidsvirus zal dat de lymfeknoop in de lies zijn, omdat het virus meestal via de geslachtsorganen het lichaam binnendringt. De dendritische cel maakt daar contact met een T-cel en `waarschuwt' hem dat er een binnendringer is.

Normaliter gaan gewaarschuwde T-cellen door het lichaam op zoek naar de gesignaleerde boosdoeners. ,,Maar het aidsvirus gebruikt het contact om van de dendritische cel over te springen naar de T-cel'', zegt Kooyk.

De Nijmegenaren hebben inmiddels antistoffen ontwikkeld waarmee ze verhinderen dat het aidsvirus aan een dendritische cel bindt. In de reageerbuis blijkt dit voldoende om de infectie van de T-cellen te voorkomen. Maar of dit een nieuw geneesmiddel tegen aids is, durft Van kooyk niet te zeggen. ,,Eerst zullen we in proefdieren moeten onderzoeken of het werkt. We zijn nog jaren verwijderd van een mogelijk medicijn tegen aids.''