De jonge vrouw als beeldhouwwerk

Fotograferen is voor Sarah Jones regisseren. Haar modellen zijn acteurs die het beeld in haar hoofd tot leven brengen.

Het verschil tussen de twee Britse fotografes kon niet groter zijn. De een is geboren in een Londense buitenwijk en werkt in een voormalig pakhuis, ingeklemd tussen een uitvalsweg, achtertuintjes vol afval en een parkeerterrein voor motorkoeriers. De ander is de echtgenote van een Ierse grootgrondbezitter. Haar foto's zijn gemaakt in de lichte kamers en op het terras van haar stadsvilla in de chique wijk South-Kensington. De een, Sarah Jones, is 40. De ander, Lady Clementina Hawarden, is al 135 jaar dood.

Foto's maken is geen technisch wonder meer. Ze zijn alom tegenwoordig, van familiekiekjes uit de rats-klik-camera tot digitale foto's op internet. Filosofen, kunsthistorici en fotografen – mannen en vrouwen – hebben al anderhalve eeuw nagedacht over het medium. In die traditie maakt Sarah Jones haar kleurenfoto's van zeker één vierkante meter.

Lady Hawarden (1822-1865) werkte met glasnegatieven en een loodzware houten camera onder een zwarte doek. Hawarden was al twintig toen de fotografie werd uitgevonden. Foto's maken zou in haar tijd altijd iets voor mannen blijven. Het had te maken met natuurwetenschap of met een super-realistische variant op de schilderkunst, het `penseel van de natuur'.

En toch hebben Jones en Hawarden zoveel gemeen dat het Amsterdamse huis Marseille, waar hun beider werk vanaf morgen wordt geëxposeerd, ze `zielsverwanten' noemt. Hun foto's zijn mysterieuze tableaux-vivants van jonge vrouwen, schijnbaar betrapt halverwege een toneelstuk. Lady Hawardens foto's hebben de vorm van de klassieke of oosterse maskerades waar de Victorianen gek op waren, in het theater en tussen de schuifdeuren. Haar `studies' gaan over gebaren en houdingen, licht en donker. Én over twee meisjes op de rand van de volwassenheid, maar of ze die met de ogen van een moeder bekijkt is niet zeker.

Zulke meisjes komen ook voor bij Sarah Jones, maar de drie tieners zijn niet haar dochters. Ze doen óók een maskerade, maar zonder kostuums en in kleinburgerlijke Britse slaap-, huis- en eetkamers waar alles pijnlijk in orde is. Hun spel, als het dat is, gebeurt voor de lens, maar ook in het hoofd van de fotograaf. De foto's van Jones – behalve die meisjes een serie portretten van acteurs en interieurs van behandelkamers van psychiaters – gaan daarom net als de foto's van Lady Hawarden net zo goed over fotografie.

Kopschuw

Zielsverwanten? Die term maakt Sarah Jones een beetje kopschuw. ,,Lady Hawarden was één van mijn aanknopingspunten, maar niet het enige'', zegt ze in haar studio in het oosten van Londen met uitzicht op de Docklands. Als Jones inspiratie zoekt verzamelt ze willekeurig afbeeldingen: foto's, schilderijen, tekeningen en filmstills, zonder logica of chronologie, maar op zoek naar één gebaar of één thema. Hawardens werk, dat ze op aanraden van een tijdschriftredacteur opzocht in de fotobibliotheek van het Victoria & Albert-museum, hoort daar zeker tussen. Maar het was niet de totale schok der herkenning, eerder een technische bewondering voor de manier waarop Hawarden ,,houdingen uitbeeldt en verbindingen legt met historische schilderijen''.

Jones: ,,Ik vind het vleiend dat ik naast haar hang. Oppervlakkig gezien zijn mijn foto's eigentijdse Hawardens, omdat het ook meisjes in een huiselijke omgeving zijn, maar het is toch iets anders, zowel de inhoud als de sociale omgeving waarin ze haar foto's maakte. Ik zie het als een interessant beginpunt.''

Jones werd opgeleid als actrice en deed daarna aan choreografie. Voor wie haar foto's ziet is het verband met het theater zonneklaar. Zelf kwam ze er pas kortgeleden achter, zegt ze.

,,Fotografie is regisseren. Het moderne idee dat een foto een vluchtig moment in de tijd vangt geldt niet voor mij. Een foto verschijnt eerst statisch voor mijn geestesoog en dan maak ik hem. Ik laat mijn acteurs vaak een minuut of langer hun positie vasthouden voor ik afdruk. Het lijkt op beeldhouwen. Of repertoire-toneel waarvan ik plakjes laat zien. Zo bewegen mijn foto's tussen feit en fictie.

,,Foto's zijn per definitie onbevredigend, zelfs huiselijke kiekjes. De Franse filosoof Roland Barthes klaagt ergens dat hij geen geschikte foto van zijn overleden moeder of grootmoeder kan vinden die haar precies weergeeft. Het idee dat dat zou moeten ligt in de erfenis van de fotografie, die werd voorgesteld als `de werkelijkheid'. Maar een foto kan de werkelijkheid nooit afbeelden omdat je geheugen en foto's op een andere manier werken.''

Dus u maakt geen portretten?

,,Nee, hoewel de mensen met wie ik werk natuurlijk hun eigen persoonlijkheid hebben. Maar het is niet duidelijk of je kijkt naar een persoon, of naar een persoon die uitbeeldt wat ik wil dat ze uitbeelden. Of naar hun reactie op wat ik wil dat ze uitbeelden. Mijn foto's doen alsóf ze portrettten zijn.''

Alex MacNaughton maakte zojuist een foto van u voor bij dit interview. Is dat een portret?

,,Hij wilde me op een bepaalde manier laten zien ...''

En de lezer van deze krant wil misschien alleen maar weten hoe u eruit ziet.

,,Het is menselijk dat je iets over andere mensen te weten wil komen. Fotografie is een modern stuk gereedschap dat daarbij helpt. Dat die belofte althans in het vooruitzicht stelt. En die wordt niet altijd ingelost. Daarom fotografeer ik. Ook mijn serie foto's van toneelspelers (ook tentoongesteld in huis Marseille, red.) gaat over de vraag wat een portret is. Ik kwam op dat idee toen ik een boek zag met groepsfoto's die bedoeld waren voor gebruik door psychiaters. Op het eerste gezicht waren het snapshots van echte families, maar opeens zag ik dat eronder stond dat `deze scènes zijn uitgevoerd door acteurs'. Toen realiseerde ik me dat we vaak iets zien dat ons bekend voorkomt maar waarvan de identiteit wordt verborgen. Zo verandert een beeld door je reactie erop.

,,Ik ben toen acteurs gaan fotograferen die net van de toneelschool kwamen, die nog niet wisten in welke rollen ze goed waren of in welk stereotype rol ze voortaan gecast zouden worden. Het zijn erg simpele foto's die toch de vraag stellen: kijken we naar mensen of naar mensen als acteurs die acteren volgens mijn aanwijzingen? En dat bracht me weer op de meisjes.''

Wat vinden de drie meisjes zelf van uw werk?

,,Soms denken ze dat ze weten wat ik wil en nemen ze alvast een bepaalde houding in, maar het klopt vaker niet dan wel. Want het is hún interpretatie van wat ik wil. Zo doen het beeld na dat ze van zichzelf hebben.''

Eén van die meisjes heet volgens een onderschrift Camilla, van de andere kom je helemaal niets te weten.

,,Dat klopt, hoewel ik steeds iets aan ze toevoeg, elke keer dat je ze ziet. Het zijn meer archetypen.''

Archetypen van wat?

,,Van de jonge vrouw.''

Waarom lacht er zelden iemand op uw foto's?

,,Dat is een specifieke gemoedstoestand die het beeld als het ware afsluit en dat wil ik niet.''

Een lach kan ook een stukje van een verhaal zijn. Waarom zou je dat niet gebruiken?

,,Er zijn ook maar heel weinig schilderijen met lachende mensen.''

De Mona Lisa?

,,Ja, en verder?''

Frans Hals, Jan Steen, etsen van Rembrandt?

,,Dat zijn speciale gevallen, sociale genrestukken.''

Betekent het dat er geen humor in uw foto's zit?

,,Ik weet het niet, nee, waarschijnlijk niet. Ze zijn nogal somber.''

In een van uw foto's van een kamer van een psychiater staat een nogal lachwekkende doos met tissues.

,,Ja, maar die heb ik er niet expres neergezet. Ik heb niets geënsceneerd in die foto's. Wat me in al die kamers frappeerde was juist dat die doos er bijna altijd stond, met één tissue eruit. Dat werd een teken dat je in deze kamer op een bepaalde manier kunt gedragen. Je mag er huilen terwijl in onze maatschappij steeds minder plek is om te huilen. Misschien is het grappig, maar dat speelt alleen op de achtergrond. Net als de psychiater die een reproductie van Van Gogh heeft opgehangen, de schilder die gek werd. Dat is bijna een sick joke. Je vraagt je toch af wat die therapeut daarmee bedoelt.''

U houdt van Beckett-achtige vervreemdingseffecten, heeft u wel eens gezegd.

,,Ik voel me vaak vervreemd terwijl ik foto's maak. Ik ben niet medeplichtig aan de omgeving die ik vastleg.''

Maar u bent ook geen afstandelijke getuige, zoals een persfotograaf. U doet mee.

,,Ja, maar op mijn eigen voorwaarden.''

Heeft een gesprek als dit eigenlijk wel zin? Wat kan het aan uw foto's toevoegen?

,,Wel iets, maar niet rechtstreeks. De woorden lopen parallel. Maar sommige mensen begrijpen dat niet.''

Maakt het dan verschil of u zelf iets zegt over uw foto's, of iemand anders?

,,U gelooft van niet?''

Niet als het `parallel' is.

,,Maar er móet een verschil zijn. Het heeft te maken met de investering die ik heb gedaan.''

Clementina Lady Hawarden & Sarah Jones. Zielsverwanten in de fotografie. T/m 7 mei in huis Marseille, stichting voor fotografie, Keizersgracht 401, Amsterdam. Inl: 020-5318989; www.huismarseille.nl. Open: di t/m zo 11-17u.