Schuld Italië daalt naar 1,9 pct

Met een begrotingstekort van 1,9 procent en een duidelijk dalende staatsschuld staan de Italiaanse overheidsfinanciën er beter voor dan een half jaar geleden was voorzien. Premier Massimo D'Alema sprak van ,,uitzonderlijke resultaten voor het land.''

De cijfers over tekort en staatsschuld zijn gisteren gepresenteerd door het Italiaanse statistisch bureau Istat. Zij overschaduwen de aantrekkende inflatie, volgens het kabinet vooral het gevolg van de hogere olieprijs, en de relatief lage groei.

Vorig jaar is het bruto nationaal product 1,4 procent gegroeid. Dat is een tiende procent minder dan in 1998. Kabinet en werkgevers zijn het erover eens dat de Italiaanse economie al drie maanden duidelijk aan het aantrekken is. Het centrum-linkse kabinet rekent voor dit jaar met een groei van 2,2 procent.

Vorig voorjaar waarschuwde minister van Schatkist Giuliano Amato dat het begrotingstekort afstevende op 2,4 procent. Met de uiteindelijke 1,9 procent blijft Italië binnen de aanvankelijke doelstelling van het Europese stabiliteitspact en heeft het het laagste tekort sinds 1961.

Het kabinet profiteert van een aantal meevallers. De belastinginkomsten waren hoger dan geraamd. De rentebetalingen op de staatsschuld gingen omlaag doordat de Europese Bank de rente lang laag hield. De lage koers van de euro ten opzichte van de dollar heeft stimulerend gewerkt voor de export.

De staatsschuld bedroeg vorig jaar 114,9 procent van het bruto nationaal product. In 1998 was dat nog, na herziening, 116,3 procent. De inflatie is licht gestegen naar 2,2 procent op jaarbasis.

,,We zijn niet meer de rodelantaarndrager of de Assepoester van Europa,'' zei premier Massimo D'Alema gisteren. De cijfers komen hem, zo vlak voor de regionale verkiezingen volgende maand, goed uit.

De oppositie ziet in de Istat-cijfers echter een bewijs dat het kabinet het land, en vooral het bedrijfsleven, verstikt met belastingen.

,,Premier D'Alema en zijn ministers juichen omdat de belastinginkomsten het stratosferische bedrag van 998.503 miljard lire hebben bereikt'' (ongeveer 1136 miljard gulden), zei Antonio Marzano, de economische woordvoerder van Forza Italia, de grootste oppositiepartij.

,,Dat betekent dat de daling van het tekort tot stand is gebracht zonder enige structurele hervorming in de openbare uitgaven, maar door het uitpersen zonder precedenten van de belastingbetalers.''