Amsterdam revisited

Aan de hand van de foto's van Jacob Olie is iets van het 19de-eeuwse Amsterdam terug te vinden. Slenterend door de stad doemen eertijdse rampen op: branden die prachtige gebouwen vernietigden en grachten die verloren zijn gegaan aan de drift tot dempen. Een nostalgische wandeling.

Leven we te laat? Hadden we als Amsterdammers niet beter in de tweede helft van de 19de eeuw kunnen leven, toen Jacob Olie (1834-1905) zijn ruim zevenduizend foto's van de stad maakte? Want dat er veel verloren is gegaan van die fascinerende stad Amsterdam, ontdekken we tijdens de wandeling aan de hand van het boekje dat is verschenen ter gelegenheid van de Olie-tentoonstelling in het Amsterdamse Gemeentearchief. Op de historische foto's die bij de drie wandelingen zijn afgebeeld, staat het 19de-eeuwse Amsterdam, terwijl men op straat met eigen ogen kan zien hoe de stad er nu bij ligt.

Op goed geluk door de stad dwalen kan trouwens ook, want overal staan grote borden met uitvergrote foto's, zodat een rechtstreekse vergelijking mogelijk is. Zo staat er voor het Concertgebouw een Olie-foto van de Van Baerlestraat rond 1900. Behalve dat het bruggetje inmiddels is verdwenen en de Amsterdammers van de foto zijn doorgelopen, lijkt er op het eerste gezicht weinig veranderd. Maar bij nauwkeurige bestudering blijkt anders. Bodega Keijzer `sinds 1905' naast het Concertgebouw heette toen nog `Café Museum'. En wat is de buitenkant inmiddels uitgekleed: het torentje op de hoek is onthoofd, het zolderraam mist het timpaan en op de nok van het dak zijn de vorstkammen verdwenen.

Het verbazingwekkendst en het schrijnendst zijn de veranderingen in het oostelijk deel van de binnenstad en rondom het Frederiksplein. Nooit was Amsterdam mooier en Parijziger dan ten tijde van het glorieuze glazen Paleis van Volksvlijt, dat van 1864 tot 1929 stond op de plek waar nu de Nederlandsche Bank staat. Komende over de Sarphatibrug leek het majestueuze oriëntaalse Paleis een fata morgana, een onwaarschijnlijk on-Amsterdams verschijnsel. De verwoestende brand is de ergste ramp geweest die de stad heeft getroffen.

Van wat Olie ooit zag ten oosten van de Amstel is weinig over. De aanleg van de IJtunnelroute, de metro en de bouw van het Stadhuis/Muziektheater hebben Weesperstraat, Jodenbreestraat, Muiderstraat, Mr Visserplein en Waterlooplein vrijwel onherkenbaar veranderd. Vroeger lag er water voor de Mozes en Aronkerk, de Houthaven. Ook elders in de stad is veel water verdwenen: de Nieuwe Zijdsvoorburgwal, een deel van het Rokin en het Damrak, allerlei grachten in de Jordaan: Elandsgracht, Rozengracht en Westerstraat.

Het treffendst ziet men het resultaat van het op grote schaal dempen van grachten achter het Paleis op de Dam. Daar liep vroeger de Warmoesgracht, een grachtje waarvan men de verstilde schoonheid nu nog kan reconstrueren als men loopt over de Leliegracht of de Reguliersgracht. Maar uniek was de Warmoesgracht door het gebouw aan het eind: het Paleis, waarvan de classicistische achtergevel, de koepel en het beeld van Atlas, zich spiegelden in het water.

Wandelen aan de hand van deze gids geeft aan veel wat men op straat tegenkomt een bijzondere individualiteit. We lezen wanneer gebouwen werden neergezet, wat er vroeger stond, wie de architect was, waartoe gebouwen dienden die nu een andere functie hebben. Er moet inmiddels al een hele jonge generatie zijn die de Magna Plaza alleen kent als winkelcentrum en niet weet dat nog maar tien jaar geleden hier het hoofdpostkantoor was. En al even verrassend moet het zijn voor een veel oudere generatie om op een foto van Olie te constateren dat er op de plaats van de Food Plaza van Albert Heijn achter het Paleis een gewoon rijtje Amsterdamse huizen stond. Nog merkwaardiger is te ontdekken, dat op de plaats waar nu het Nationaal monument op de Dam staat, tot 1910 een mini-versie van het Paleis stond, het Commandeurshuis.

Misschien leven we wel te vroeg. Ik zou graag de stad over een eeuw zien, want ik ben geen onverbeterlijke nostalgist, die alleen hecht aan de pittoreske Anton Piecktijd. Inmiddels is er ook veel verbeterd aan Amsterdam. Veel troep is verdwenen, onooglijke bouwvallen, akelige telefoonpalen, onverharde modderige straten, ontsierende reclame. Maar er kwam ook weer veel andere troep voor in de plaats. Op het Damrak, in Nieuwendijk, Kalverstraat en Reguliersbreestraat ziet men niet anders. Zelfs de schoongemaakte gevel van het Doelenhotel blijkt op de foto van Olie vroeger zoveel chiquer, toen het restaurant Excelsior nog niet ver buiten de gevel was uitgebouwd.

Maar recentere ellende als het Maupoleum is inmiddels weer afgebroken. Zo zal de stad zich altijd blijven veranderen, al is het natuurlijk doodzonde dat het Rokin niet opnieuw voorzien is van water, nu daar een nieuwe metrolijn wordt geboord.

Peter-Paul de Baar: Jacob Olie; drie wandelingen door de stad rond 1900. Uitg. Toth Bussum en Gem. Archief Amsterdam. ƒ18.50

Expositie: Jacob Olie, fotograaf van 19de eeuws Amsterdam. Ma t/m zo 11-17 uur. gem Archief, Amsteldijk 67 Amsterdam. Catalogus ƒ95

Jacob Olie met inleiding van Hans Aarsman. Uitg. De Verbeelding Amsterdam ƒ39,90.