World Online op zoek naar waardering

In het vandaag gepubliceerde prospectus levert World Online de informatie op basis waarvan beleggers moeten oordelen over het bedrijf. ,,Onzin'', noemt Brink sommige rekensommen die de ronde doen over de beurswaarde van de Internet-aanbieder.

Beleggers mogen miljarden over hebben voor World Online, toch voelt Nina Brink zich onheus bejegend. Op de vraag waarom World Online door rechtszaken wordt achtervolgd, reageert ze als door een wesp gestoken. ,,Rechtszaken? Welke rechtszaken? Noemt u ze dan.'' World Online had vorig jaar onder meer aanvaringen met een weerman die het bedrijf beschuldigde van plagiaat (verloren), zangeres Tatjana (verloren) en voetbalclub Cambuur (gewonnen). Een zaak tegen de frauderende voormalige bestuursvoorzitter Michael Schulhof loopt nog. Brink: ,,U heeft het over meest kleine zaken. Vergelijkt u het eens met KPN. Dat is veel vaker in rechtszaken verwikkeld. De enige lopende zaak van belang staat in het prospectus. Die tegen Schulhof.''

Geconfronteerd met het verloop in het topmanagement reageert Brink opnieuw geprikkeld. ,,Waar doelt u op?'' World Online zag in het afgelopen jaar onder meer bestuursvoorzitter Koos van der Meulen en de Nederlandse algemeen directeur Paul Teuben vertrekken.

Brink bestrijdt haar imago van dominante zakenvrouw die met weinig mensen door een deur kan: ,,Het ergert me mateloos dat dit mij wordt aangerekend. De raad van commissarissen beslist over het vertrek van bestuurders – niet ik. World Online is voor mij een grote familie. Ik vind het juist enorm moeilijk mensen te ontslaan. Zo moeilijk zelfs dat ik mensen soms weer opnieuw aanneem.''

Brink kijkt naar twee aanwezige werknemers. ,,Niet waar?'' vraagt ze. Het wordt druk knikkend beaamd. Het interview vindt plaats op Brinks kamer in het Amsterdamse Amstelhotel. Haar dochter heeft even tevoren het veld moeten ruimen. Verontschuldigend: ,,Anders zie ik haar zo weinig.''

Brink reageert niet alleen defensief wanneer ze wordt geconfronteerd met rechtszaken of personeelsverloop. ,,Wij zijn een echt bedrijf'', zegt ze telkens opnieuw. World Online heeft apparatuur en veel gekwalificeerde mensen, bedoelt Brink. Het is mede daarom onvergelijkbaar met Dixonsdochter Freeserve (gratis Internet) in het Verenigd Koninkrijk: ,,Freeserve is niet meer dan een plek waar klanten kunnen worden geacquireerd. Zij doen in de winkels van Dixons wat wij met Shell doen bij de benzinestations [cd-roms voor gratis Internet distribueren]. Maar wij zijn veel meer.''

Brink is kritisch over het gebrek aan waardering voor haar bedrijf. Warme belangstelling van beleggers is er natuurlijk wel, maar die wordt niet zonder meer in dank aanvaard.

,,Onzin'', noemt Brink de rekensommetjes die de ronde doen over de waarde van haar bedrijf op de beurs. ,,Mensen tellen het aantal abonnees en vermenigvuldigen dat met een bepaalde factor, de waarde van een abonnee zeggen ze. Ik begrijp niet waar ze het over hebben.''

World Online, meent Nina Brink, moet beoordeeld worden op de stromen van inkomsten die het genereert. De belangrijkste is vooralsnog die van de telefoonminuten van klanten die bellen naar de modems van World Online om websites te bezoeken. Telecomaanbieders laten Internet-bedrijven meedelen in de opbrengsten daarvan.

Brink presenteert de ingrediënten voor een rekensommetje: ,,Wij genereren maandelijks 700 miljoen minuten telefoonverkeer. Laten die eens vijf cent opleveren. Dan heb je een inkomstenstroom van vier- tot vijfhonderd miljoen gulden per jaar. Voor een telecommunicatiebedrijf is dat bijna pure winst. Het netwerk waarover dat telefoonverkeer verloopt ligt er immers al. Wat betalen beleggers op de beurs voor een telecommunicatiebedrijf? Dertig keer de winst misschien?''

Brink wil de rekensom niet afmaken, maar hij is eenvoudig. Het bedrijf zou op basis daarvan al op een slordige 12 miljard gulden getaxeerd kunnen worden.

Toch zullen beleggers kijken naar het abonneeaantal van World Online. Sommige abonnees zullen uitsluitend lid worden om in aanmerking te komen voor de voorrangsregeling bij de inschrijving op nieuwe aandelen. Hoe gaat World Online aan dergelijke abonnees geld verdienen?

Brink: ,,Wij bieden onze klanten waardevolle diensten zoals e-mail en berichtenservices.'' Maar mensen betalen daar toch niet voor? Brink: ,,Er zijn diensten zoals shoppingbots [programma's die prijzen vergelijken] waarvoor mensen wel degelijk willen betalen.''

Andere bronnen van inkomsten zullen zijn de verkoop van bewegend beeldmateriaal aan derden, Internet-diensten en de elektronische handel. Brink: ,,We hebben meerdere bronnen van inkomsten. Dat is onze kracht.''

Als zelfstandige Internet-aanbieder heeft World Online een vergunning aangevraagd voor de bouw van een netwerk, zo onthult Brink. De aanvraag daarvan heeft in Nederland tegenwoordig weinig om het lijf, maar Brink wil ermee aangeven dat World Online serieus bouwt aan een eigen telecombedrijf.

Brink herhaalt het nog maar eens. World Online is een echt bedrijf.

Maar World Online gebruikt toch het netwerk van aandeelhouder Telfort? Brink: ,,Goddank hebben we ook andere leveranciers. En we bouwen ons eigen netwerk. Daarvoor investeren we meer dan 100 miljoen euro per jaar.''