Dit is een artikel uit het NRC-archief De artikelen in het archief zijn met behulp van geautomatiseerde technieken voorzien van metadata die de inhoud beschrijven. De resultaten van deze technieken zijn niet altijd correct, we werken aan verbetering. Meer informatie.
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Cultuur

De Zaak Makropulos lost op in het licht

Anders dan Jenufa, Káta Kabanová en Het Sluwe Vosje, is Janáceks opera Vec Makropulos (De Zaak Makropulos, 1925) zeer zelden in Nederland te beluisteren. Onder de titel Makropoulos presenteerde De Nederlandse Opera het werk in 1975 in Nederlandse vertaling, de Deutsche Oper am Rhein was in 1958 tijdens het Holland Festival te gast met het Duitstalige Die Sache Makropoulos, maar in geen enkele vertaling is het werk deel geworden van het ijzeren repertoire.

Des te opmerkelijker is het dat Janáceks zevende en voorlaatste opera deze week twee verschillende uitvoeringen krijgt. Bij Opera Zuid ging zaterdag een nieuwe productie van het werk in première. In de Opera Serie van de Matinee op de Vrije Zaterdag dirigeert Edo de Waart komend weekend het Radio Filharmonisch Orkest in een concertante uitvoering.

Zowel De Waart als Opera Zuid brengen Vec Makropulos in de oorspronkelijke Tsjechische versie. Suggestie en intrige zijn de drijvende krachten achter het libretto, dat Janácek baseerde op de in 1922 verschenen, gelijknamige komedie van zijn landgenoot Karel Capek. Janácek en Capek deelden een fascinatie voor het thema onsterfelijkheid, dat in De Zaak Makropulos fungeert als spil en plot van de thriller-achtige handeling.

Aan de oppervlakte draait het verhaal om de kroongetuige in een erfrechtzaak. Emilia Marty, gevierd operadiva en genadeloze femme fatale, onthult vele details omtrent deze zaak die zij logischerwijs niet kan weten, en bedwelmt daarbij met haar onwereldse schoonheid en gruwelijk cynisme vrijwel alle mannelijke betrokkenen. Eén verlaat teleurgesteld haar sponde, één pleegt zelfmoord, een ander wordt gearresteerd, maar Marty houdt vast aan haar onbewogenheid. Pas in de zowel dramaturgisch als muzikaal apotheotische derde akte, onthult Marty haar geheim: door het drinken van een levenselixer is zij 337 jaar oud en navenant blasé, en de erfenis waarom wordt gestreden is van wijlen haar echtgenoot.

Anders dan in het originele toneelstuk, laat Janácek Emilia Marty, geboren Elina Makropulos, tenslotte rust vinden in de dood. Zij bemachtigt het recept voor het elixer en schenkt het aan een jonge zangeres. Die verbrandt het papier, waarop Marty sterft en opgaat in het eeuwige licht. Anders dan het origineel ook, is Janáceks opera geen komedie. Een enkel hilarisch moment doorbreekt de voortdurende muzikale geladenheid, maar de sfeer die overheerst is die van een filosofisch getinte, muzikale detective.

Met De Zaak Makropulos doet Opera Zuid een nieuwe stap in de goede richting. Vorig seizoen beëindigde het gezelschap na twee teleurstellende producties de samenwerking met artistiek leider Rennie Wright, en de manier waarop deze productie nu is vormgegeven, geeft aan hoe beperkte middelen en een goede repertoirekeus kunnen leiden tot een juist door de soberheid van de enscenering alleszins bevredigende voorstelling.

De Zaak Makropulos speelt zich af in het Praag van de vroege jaren '20 en analoog daaraan hebben regisseur Patrick Mason en ontwerper Joe Vanek hun enscenering vormgegeven. Een schuin oplopend zwart speelvlak (dat in de eerste Nederlandse opvoering in '58 ook al fungeerde als weergave van de scheef in de tijd geplaatste handeling) wordt aan de achterzijde begrensd door een mat doorschijnende wand, die tevens als projectiescherm fungeert.

Het toneelbeeld vertoont gelijkenis met de ontwerpen voor de oeropvoering van Capeks origineel, en verandert tussen de actes slechts met behulp van een enkel bureau, een schommel, een kaptafeltje, terwijl op de achtergrond beelden van de warme skyline van Praag, een kil maanlandschap en röntgenfoto's van schedels worden geprojecteerd.

De kracht van deze productie is dat verder nauwelijks is gezwicht voor de verleiding de symboliek en moraal van het onderwerp onsterfelijkheid te vervatten in een evenzeer symboolzwangere enscenering. Met eenvoudige middelen wordt hier een zowel inhoudelijk als historisch passende, enigszins Kafkaëske sfeer geschetst, terwijl tegelijkertijd alle aandacht kan uitgaan naar de wijze waarop de personages gestalte krijgen.

Advocaten, erfgenamen, aanbidders en knechten lopen af en aan, maar in Vec Makropulos draait elk gezongen woord om de rol van Emilia Marty. Zij krijgt hier als een vileine vamp gestalte in de Amerikaanse sopraan Kristina Ciesinksi, die vooral aan de intense slotscène vocaal en theatraal overtuigend dramatisch invulling geeft. De bijrollen zijn sterk bezet met tenor Adrian Thompson als draagkrachtige bonhomme in de rol van erfgenaam Albert Gregor, Marcel Reijans als de stuntelige onnozelaar Janek en Guy de Mey in een lachwekkend rake typering van de tragische idioot annex ex-geliefde Graaf Hauk-Sendorf.

Het Brabants Orkest realiseert onder dirigent Martin André een idiomatische, niet altijd even verfijnde maar detailrijke weergave van Janáceks gespannen, onrustige partituur. Het leven is de moeite waard omdat het kort is, en dus vol van `haast en verlangen', zoals Janácek zelf ooit schreef. Martin André hield die spanning vast in het orkest, en werkte gedoseerd toe naar het licht waarin Emilia Marty na ruim 337 jaar opgaat, en waarin ook de muziek na een vervoerende climax eindelijk tot stilstand komt.

Voorstelling: De Zaak Makropulos van L. Janácek door Opera Zuid en het Brabants Orkest o.l.v. Martin André m.m.v. o.a. Kristine Ciesinski, Adrian Thompson, Robert Poulton, Glenville Hargreaves, Marcel Reijans, Guy de Mey. Decors en kostuums: Joe Vanek; regie: Patrick Mason. Gezien: 29/1 Theater aan de Parade, Den Bosch. Herh.: 3/2 Venlo; 5/2 Heerlen; 8/2 Tilburg; 10/2 Breda; 12/2 Maastricht; 15/2 Eindhoven; 17/2 Rotterdam; 19/2 Utrecht.