Ecologische voetafdruk van negen voetbalvelden

Welke Nederlandse gemeente heeft de kleinste ecologische voetafdruk? Een onderzoek naar milieubelastend gedrag.

. Een onderzoek onder acht Nederlandse gemeenten bevestigt dat Nederlanders een groter beslag leggen op de in de wereld beschikbare ruimte dan de gemiddelde wereldburger.

Inwoners van acht onderzochte gemeenten Bergen op Zoom, Den Bosch, Den Haag, Leidschendam, Nieuwegein, Pijnacker, Wymbritseradiel en Zoetermeer bezetten door hun leefstijl een ruimte tussen de 4,46 hectare en 4,87 hectare. Dat is aanzienlijk meer dan een gemiddeld ruimtebeslag van 1,7 hectare per wereldburger, ruim drie voetbalvelden. Alles wat een mens meer aan ruimte in beslag neemt gaat of ten koste van andere bevolkingsgroepen elders in de wereld of ten koste van het milieu.

De totale ruimte op aarde die mensen door hun stijl van leven innemen wordt de laatste jaren vaak uitgedrukt als ecologische voetafdruk, een metafoor die werd bedacht door de Canadese hoogleraar William Rees. Bij de berekening van een ecologische voetafdruk wordt zowel de ruimte voor wonen en verkeer berekend, als de ruimte die nodig is voor de productie van bijvoorbeeld koffie, papier en veevoer.

Voor het verkennende onderzoek, een initiatief van milieuvereniging De Kleine Aarde, hebben de acht gemeenten zo veel mogelijk gegevens verzameld over het consumptiegedrag van hun inwoners op het gebied van wonen, voeding, ontwikkeling en ontspanning, en vervoer. Dat is maar zeer ten dele gelukt. De vergelijking leunt sterk op gegevens over de samenstelling van huishoudens en op de inkomens van inwoners in de gemeenten. Het Van Hall Instituut, hogeschool voor voeding, milieu en landbouw in Leeuwarden, heeft deze gegevens gecombineerd met die van het CBS en losgelaten op een model van het RIVM, dat het consumptiepatroon van verschillende soorten inkomens berekent.

Uit het vandaag gepresenteerde onderzoek blijkt dat gemeenten zoals Pijnacker met relatief veel inwoners met hogere inkomens een groter beslag leggen op de mondiale ruimte (4,87 hectare) dan gemeenten met relatief veel lage inkomens zoals Den Haag (4,46 hectare). Hogere inkomens hebben grosso modo een grotere ecologische voetafdruk dan lagere inkomens. Ze wonen groter; ze eten duurder; ze boeken meer vliegvakanties en rijden meer auto. Ook steden als Zoetermeer met veel nieuw gebouwde eengezinshuizen met tuinen scoren hoog (4,80 hectare), waar oudere steden met veel compacte appartementenbouw het relatief zuinig doen.

Maar belangrijker dan een vergelijking tussen de steden vinden de onderzoekers het verschil met het gemiddelde ruimtebeslag wereldwijd van 1,7 hectare per wereldburger. Als top-5 in oorzaken van westerse milieubelasting noemt Jan Juffermans van De Kleine Aarde het vervoer per auto (,,er moet een campagne komen om alle afstanden tot vijf à zeven kilometer per fiets af te leggen''); verwarming van woningen (,,denk aan nieuwe ketels en zonne-energie''); vleesgebruik (,,voor ons vlees staan in Brazilië uitgestrekte velden soja die dienen als veevoer''); vliegen; elektrische apparaten; en zogenoemde verborgen energie in producten zoals aluminium en kunststof in meubelen.

De vraag is wat gemeenten kunnen doen om de ecologische voetafdruk van hun burgers binnen de perken te houden. ,,We gaan nu niet ineens onze inwoners opdragen minder vlees te eten'', zegt een woordvoerder van de gemeente Pijnacker. De onderzoekers zien vooral kansen voor gemeenten bij het bewust maken van mensen; door het aanbieden van lespakketten in het onderwijs zoals in het Friese Opsterland of van een quick scan om burgers de gelegenheid te geven hun eigen quotum te berekenen. Juffermans rept al van ,,een gemeentelijke voetenbank''.

De onderzoekers zien de afdruk als een speelse metafoor om het weggezakte milieubewustzijn een impuls te geven. Onderzoeker Hugo Schönbeck van het Van Hall Instituut: ,,Straffen werkt niet. Gemeenten hoeven niets te verordonneren, maar ze moeten zich opstellen als vertegenwoordiger van een gemeenschap die gezamenlijk iets wil doen aan het milieu.''

De voetafdruk wordt, zo merken de onderzoekers, aantrekkelijk gevonden. Schönbeck: ,,Het aardige is dat je binnen de jou toegemeten ecologische voetafdruk keuzes kunt maken. Je zegt: oké ik eet minder vlees, maar ik vlieg wel naar Kenia. En je kunt in plaats van drie keer per jaar op vliegvakantie ook een Mondriaan kopen. Dat kost het milieu helemaal niks.'' Juffermans: ,,Je kunt het één compenseren met het ander.''