Naar de bron van verlangen

Wie, zoals ik, ooit een studie letteren combineerde met colleges massacommunicatie en management, raakte misschien ook geïntrigeerd door de radicaal verschillende manier waarop er met de taal werd omgegaan. Terwijl in het ene vakgebied het geschreven woord als de meest hoogstaande en individuele uiting van kunst werd beschouwd, werd het in het andere ingezet voor massale marketingstrategieën, commerciële targets en reclameslogans. Communicatie: één van de machtige toverwoorden uit de twintigste eeuw.

Dit woord is waarschijnlijk nooit over de lippen gekomen van de onlangs op 99-jarige leeftijd overleden Frans-Russische schrijfster Nathalie Sarraute. Een dergelijk modewoord was voor deze in stilte gestaag doorschrijvende auteur eerder een vloek - volledig misplaatst in haar unieke literaire universum. Zij verzette zich juist met hand en tand tegen holle clichématige taal en wijdde haar hele werk aan een vernieuwend gebruik van het woord, aan `l'usage de la parole'.

Het is ook de titel van het eerste boek dat ik van haar las. Zoiets had ik nog nooit onder ogen gehad. Het daagde mij uit. Het waren briljante sketches in dialoogvorm, poëzie in proza. Voor L'usage de la parole (1980) verwerkte Sarraute, die zelf vaak in cafés zat te schrijven, flarden van gesprekken die ze had opgevangen, tot herkenbare, tijdloze teksten vol humor. Je ziet dat jonge stel voor je, dat, met een glas in de hand, speelt met het woord amour, zonder het te durven uitspreken uit angst de betovering te doorbreken (Le mot amour). Je glimlacht om de test in botheid, waarin aan denkbeeldige personages wordt gevraagd of ze in staat zijn het betoog van hun gesprekspartner met een plotselinge, botte opmerking te onderbreken (Ne me parlez pas de ça). Je voelt de aarzeling van die twee oudere mensen die elkaar tegenkomen en die eigenlijk geen zin hebben in het zoveelste gesprek over hun eigen tanende gezondheid en die van de ander (Esthétique).

Sarraute is niet geïnteresseerd in communicatie of in de macht van het woord. Ze onderzoekt iets dat veel wezenlijker is: de oorsprong van gevoelens, de bron van het leven. Hoe werkt het mechaniek van vriendschap? Wat zet de radertjes van verliefdheid in werking? Hoe verandert irritatie in haat, vriendschap in jaloezie? Sarraute duikt met een uitzonderlijk fijngevoelige antenne in de krioelende, onderhuidse, onbewuste gevoelens van het individu en registreert wat er beweegt, welke woorden en betekenissen er naar voren worden geschoven, welke weer worden ingeslikt. Dan gaat ze op zoek naar dat nieuwe, precieze woord, dat net die ene lading dekt.

Sarraute lezen, betekent een kijkje nemen achter het masker dat de mensen dragen, zien hoe ze zich daar in de vreemdste bochten wringen, meegevoerd worden naar de bron van verlangen, liefde, haat, vriendschap, onzekerheid, angst. Zo zit een menselijk wezen onderhuids in elkaar. Het maakt haar oeuvre groots en uniek.

Nathalie Sarraute, L'usage de la parole (1980), is verkrijgbaar als uitgave van Gallimard/Folio