Kijken naar gewone mensen

In 2000 klontert een dik pak wolken samen boven Amsterdam. Gelukkig verdwijnen ze even snel als ze zijn gekomen. Tenminste, volgens de makers van de `digitale groeikaart', die een centrale plaats inneemt in het Amsterdams Historisch Museum, dat sinds het begin van deze maand na een verbouwing van 7,8 miljoen gulden is heropend. Hoe je ook loopt door het museum, steeds weer kom je uit bij de kaart, eigenlijk een groot projectiescherm. Je kunt hem zien vanaf drie verdiepingen, doordat de vide van het voormalige Burgerweeshuis is vergroot. De kaart is een vergrote uitvoering van het computerspel Sim City. Eerst is alles groen. Dan verschijnt een begin van bebouwing langs de monding van de Amstel. Even later zijn er al grachten. Wijk na wijk wordt zichtbaar op te kaart, wegen, spoorlijnen – `toetoet!' klinkt er uit een luidspreker – havens, en steeds nadrukkelijker aanwezig, Schiphol. Na enkele minuten verschijnt links onderin het jaar 2000, de stad verdwijnt onder een wolkendek, en het `filmpje' begint opnieuw.

De groeikaart springt in het oog, maar het is niet de enige technische toevoeging die een snel bezoek aan het museum ondoenlijk maakt. Geheel vernieuwd zijn de zalen waar de recente geschiedenis van Amsterdam behandeld wordt. Hoe kun je mensen dichter bij die geschiedenis brengen dan door middel van films en filmpjes, lijken de tentoonstellingsmakers te hebben gedacht. Dus zijn er in het museum nu bijna net zo veel beeld- en projectieschermen als schilderijen te vinden. Veel van die schermen mag de bezoeker aanraken, om zo te kiezen uit filmfragmenten of animaties.

Eén zo'n film, waar je moeilijk aan voorbij kunt lopen, is gemaakt in een huis op het Thorbeckeplein, waar veertien mensen tijdens de Tweede Wereldoorlog een onderduikadres vonden. Bij wijze van tijdverdrijf speelden ze voor de camera hun leven na: de toneelstukjes die ze voor elkaar opvoerden op oudejaarsavond, de reacties wanneer iemand van buiten het nieuws brengt dat een broer of zus is opgepakt. De film heeft een happy end, in werkelijkheid werden tien van de bewoners in 1943 zelf opgepakt. De meesten kwamen om.

Het Amsterdams Historisch Museum volgt de ontwikkelingen in de geschiedwetenschap in de afgelopen decennia door de nadruk niet te leggen op de bestuurlijke geschiedenis van de stad – een chronologisch overzicht van alle burgemeesters ontbreekt – maar op het denken en doen van `gewone' mensen. Een onbekende Duitse soldaat kreeg daarom een eigen vitrine, net als een vergeten Surinaamse jazzmuzikant en een dertienjarige meisje met een Marokkaanse vader en Indonesische moeder – zij kan nog beroemd worden. Met grote foto's en geluidsfragmenten wordt hun verhaal verteld.

De tentoonstellingsmakers zijn niet bezweken voor de verleiding, zoals elders wel gebeurt, om poppen met historische kleding neer te zetten, of erger nog, acteurs. Maar verder hebben ze het de bezoeker zo makkelijk mogelijk gemaakt zich `in te leven'. Een keuken uit de wijk Landlust uit 1937, voor die dagen een droom zo licht en ruim, is bijvoorbeeld op ware grootte nagebouwd. Een witkar uit 1970 is voorzien van een beeldscherm in de voorruit, waarop straatbeelden te zien zijn. Als je stuurt, `rijd' je echt naar links of rechts.

Geschiedenis hoeft niet stoffig en saai te zijn, lijkt de boodschap van de makers. Ze kozen ervoor niet alleen `functionele' fotografie te gebruiken, maar ook kunstzinnige, van bijvoorbeeld Paul Huf (bij het thema Schiphol) en Micha Klein (bij de drugs). Door het creëren van veel zitgelegenheden probeerden ze de vermoeidheid tegen te gaan. Uitrusten kan bijvoorbeeld in een hoekje van een naoorlogse huiskamer. Naast de radio, die kan worden afgestemd op onder anderen Willy Alberti en Johnny Jordaan, liggen oude tijdschriften om in de bladeren.

Een bezoek aan de – deels chronologische, deels thematische tentoonstelling – kost al snel een halve dag. Zeker als je besluit te gaan zitten bij een van de beeldschermen, op verschillende plaatsen, waarmee je een groot aantal wijken vanuit de lucht kunt bekijken. Je kunt inzoomen op gebouwen, of filmfragmenten over een wijk oproepen. Zwartwit beelden van een welgestelde familie die wandelt door het Vondelpark, waar dochterlief een ballon krijgt, bijvoorbeeld, en van straten in de Nieuwmarktbuurt in de jaren twintig, die op latere generaties een enorm armoedige indruk moeten maken. Voor je het weet, zit je een half uur achter het beeldscherm. En als je dan het einde van de tentoonstelling denkt te hebben bereikt, kom je langs de `Amsterdam bioscoop', de filmzaal waar dagelijks een wisselend programma met `Amsterdamse' fragmenten uit documentaires en films, van Bert Haanstra tot Amsterdamned, wordt vertoond.

Nieuwe permanente tentoonstelling over de geschiedenis van Amsterdam, Amsterdams Historisch Museum, Kalverstraat 92, Amsterdam. Ma t/m vrij 10-17u. Za en zo 11-17u.