Haat en medelijden

Boeken die van blijvende invloed zijn, die een onvergetelijke indruk achterlaten, blijken altijd boeken die je in je jeugdjaren las. Een boek kon, toen, opeens een weg aanwijzen die je niet vermoedde. Onbetwist hoort voor mij E. du Perrons Het land van herkomst tot de belangrijkste literaire werken van de afgelopen honderd jaar. Het verscheen tijdens het interbellum, in 1935.

`Ik kan nog niet naar de Zandbai gaan, voor ik dit huis heb herdacht', schrijft Du Perron over zichzelf in de eerste regel van het achtste hoofdstuk, `Gedong Lami'. In zo'n op het eerste gezicht koele, beschouwende regel schuilt de dramatiek en de kracht van het boek. Du Perrons autobiografie over een man, afkomstig uit Indië, die zich in Parijs een nieuw leven en vooral een nieuwe levenshouding probeert te veroveren, is de ideale beschrijving van heftige emoties die door een strakke en klare kop bedwongen moeten worden. Bij herlezing ontdek ik steeds meer hoe Du Perron een man was van gevoelens, die een zwaar beroep deed op zijn intellect om zich staande te houden. Een zin als deze verraadt die strijd: `Ik zoek mijn oude leed terug te vinden terwijl ik dit schrijf; maar niets... het is voorbij, of de handeling van het schrijven vervangt het. Ik heb toch jaren later aan die dingen teruggedacht en met dezelfde intensiteit de gevoelens van haat en medelijden in mij waargenomen.'

Die `dingen`, dat zijn de raadsels en de wonderen van het voorbije Nederlands-Indië, het oosten dat iemand zo voorgoed verandert. Du Perron legt op grootse wijze rekenschap af van de betekenis van dat Indië. Het boek is veel meer: de schrijver vertrouwt op de kracht van de taal om het verleden terug te winnen. Daarbij hoort analyse. En in die zelfontleding is Het land van herkomst van grote betekenis.

E. du Perron, Het land van herkomst (1935), is recent opnieuw uitgebracht door Van Oorschot.