OLIEBOLLEN

Er komt nogal wat kijken bij het bakken van goede oliebollen. Dat bewijst de jaarlijkse test van het Algemeen dagblad. Dit jaar won bakker Venekamp uit Amsterdam, maar ook kraamhouder Richard Visser uit Rotterdam. Dat laatste is opmerkelijk omdat over het algemeen de oliebollen van bakkers er beter van afkomen. De temperatuur van het beslag bij kraamhouders is vaak te laag. Van belang is ook dat olie vers moet zijn. Met het volgende recept lukt het vast. Schil de appel, verwijder het klokhuis en snijd het vruchtvlees in stukjes. Sprenkel er citroensap over. Was de rozijnen en de krenten en laat ze uitlekken. Doe de bloem in een kom. Maak een kuiltje in het midden en doe daar de gist en de suiker in (u kunt ook 25 gram verse gist gebruiken). Verwarm de melk tot handwarm, maximaal 40 graden Celsius. De beste temperatuur voor het deeg is 30 graden. Bij een lage temperatuur rijst het deeg niet goed, maar te warm vocht dood het gist. Giet een scheutje melk in het kuiltje en roer de gist tot een papje. Voeg al roerend met een houten lepel of de deeghaken van een mixer de rest van de melk toe en meng het geheel tot een glad beslag. Roer de stukjes appel met de citroenrasp, desgewenst de rozijnen en krenten, 1 theelepel kaneel en zout door het beslag. Dek de kom af en laat het beslag 35 minuten tot een uur rijzen op een warme plaats. Verhit de olie tot 180 graden Celsius. Roer niet meer door het gerezen beslag. Dompel een ijsboltang of twee lepels in de hete olie (hierdoor plakt het beslag er niet aan vast) en schep het beslag in bolletjes in de olie. Bak niet meer dan 4 tot 6 oliebollen tegelijk, afhankelijk van de hoeveelheid olie, want anders koelt de olie te veel af en worden de oliebollen vet en de korst dik en hard. Bak de oliebollen in 4-6 minuten goudbruin en gaar. Keer ze halverwege om. Te snel draaien geeft een onregelmatige kleur. Laat de oliebollen uitlekken op keukenpapier en bak de rest op dezelfde manier. Strooi over de oliebollen een mengsel van fijne suiker of basterdsuiker vermengd met kaneel. Dat stuift minder dan poedersuiker.