Uitslag: een goed ander woord

Ook ditmaal bracht de vraag om Nederlandse tegenhangers te verzinnen voor tien Engelse woorden die min of meer recent onze taal zijn binnengeslopen, heel wat teweeg. In totaal ontving de jury ruim 380 reacties, waarbij opviel dat bijna driekwart per e-mail binnenkwam, beduidend meer dan vorig jaar. De jongste inzender was een meisje van dertien (,,eigenlijk zou ik huiswerk moeten maken, maar een leuk Nederlands woord te bedenken is een grappig spelletje'') en iemand schreef ,,namens twee lezers van in de tachtig''. Er bereikten ons mailtjes en brieven uit alle delen van de wereld, van Argentinië tot Zimbabwe. De woorden werden alleen, met stellen of groepen verzonnen; we hebben enkele mensen slapeloze nachten bezorgd en sommigen hebben zich flink geërgerd.

Zo schreef iemand over barebacking: ,,ongelooflijk stupide en achterlijk soort, typisch Amerikaans, debiel gedrag; komt neer op je doodneuken, alleen met vijf jaar vertraging en ellende''. En iemand anders schreef: ,,naar mijn indruk hebben de neerlandici de strijd al opgegeven en dobberen zij mee op de Angelsaksische dreklawine''.

Per woord waren er gemiddeld tweehonderd `oplossingen' te beoordelen en in totaal boog de jury zich over ruim 2.500 woorden. De inzendingen zijn getoetst op hun bruikbaarheid en duurzaamheid. Het is opmerkelijk hoeveel er dan afvalt. Je kunt canyoning bijvoorbeeld wel vervangen door frutsbutsen, wildwaterdoerakken of blauwbilgorgelen, maar de kans dat dergelijke woorden ooit door een sportfederatie of door de media worden gebruikt is natuurlijk buitengewoon klein (`Opnieuw dodelijk frutsbutsongeval in Zwitserland'). Opmerkelijk is ook hoeveel mensen kiezen voor woordspelige oplossingen. Vooral girlpower en barebacking, niet toevallig seksueel geladen begrippen, maakten wat dit betreft heel wat los. Dit waren ook de woorden waarbij mensen het duidelijkst hun voor- of afkeur lieten blijken. Het zal duidelijk zijn dat dergelijke gekleurde begrippen nooit in de prijzen zijn gevallen, want niet voor algemeen gebruik. Uiteindelijk is steeds gekozen voor de neutraalste, bruikbaarste begrippen. Welnu, op naar de woorden en de inzendingen.

BANNER Over banner hadden we gezegd dat dit een langwerpige advertentie op Internet is. Die vorm inspireerde veel lezers tot samenstellingen met balk, banier, blok, flap, lint, strook, vaan, vlag en wimpel. In veel gevallen werd daar advertentie, vertentie of reclame voor of achter geplakt. Dat levert veel bruikbare woorden op, maar meestal geen woorden die duidelijk maken dat het om een advertentie op Internet gaat. Dat is wel geval bij WEBWIMPEL dat prachtig de vorm en het medium combineert in een woord dat ook nog allitereert. Op de tweede en derde plaats: netvertentie en webvertentie. Nadeel van die woorden is dat de vorm van de advertentie er niet in tot uitdrukking komt. Uit de afdeling woordspelig: muizenlokker en v@@nprijzing.

BAREBACKING Barebacking, schreven wij, komt uit het Amerikaanse homocircuit en is neuken zonder condoom met iemand die mogelijk met het HIV-virus is besmet. Bare betekent `bloot', en back `rug' en het is opvallend hoeveel inzenders deze elementen hebben gebruikt. Dat leverde woorden op als blootneuken, blootvrijen, naaktneuken en blanksabelen. Omdat uit verschillende onderzoeken is gebleken dat bijvoorbeeld blootvrijen ook onder hetero's voorkomt, vielen die blootgroepen af. Opmerkelijk was ook hoeveel inzenders een oplossing zochten met een volkswoord voor neuken. Nu kent het Nederlands ruim achthonderd synoniemen voor het voltrekken van de bijslaap, van hompiekurken tot rampetampen, maar veel van de lezers van NRC Handelsblad – gewend aan de nuance – kozen voor samenstellingen met baggeren, bonken, dekken, douwen, flensen, hengsten, kaatsen, ketsen, kezen, krikken, naaien, palen, poken, raggen, rammen, rijden, rossen, sabelen, stoten, vegen en wippen.

Doorslaggevend bij barebacking is vanzelfsprekend het risico-element. Je kunt er HIV mee oplopen. Dit aspect leverde woorden op als blindkezen, doemflensen, durfneuken, kamikazekezen, kamikezen, kontrisken, lemmingseks, pikpoker, risicopuleren, risicoraggen, risicozen en waagwippen. Daar zitten mooie vondsten tussen, maar het homoseksuele element ontbreekt. Dat is wel aanwezig in GRIEKSE ROULETTE, de winnaar in deze groep. Griekse liefde betekent `homoseksualiteit', het op zijn Grieks doen betekent `anaal coïteren' (Van Dale) en roulette is een kansspel. Verder is er de associatie met Russische roulette. Overigens hebben ruim twintig inzenders iets met roulette bedacht, zoals achterroulette, aidsroulette, holroulette, homoroulette, reetroulette en roze roulette. Ook niet gek gevonden: hivven. Tot slot uit de afdeling opmerkelijk: flikkerbillenbingo, sinterklazen (?) en canyoning (het laatste met de mededeling ,,dat was vast niet de bedoeling'').

CALLCENTER Lekker saai woord, dus daar kunnen we kort over zijn. Wordt nu gebruikt voor een telefonische helpdesk en voor zo'n irritant bureau dat rond etenstijd belt met voordelige aanbiedingen. Prima Nederlands woord voor betekenis één is BELBALIE, voor betekenis twee BELBUREAU. Opmerkelijkste inzendingen: belgeitenboerderij, irrifoon, ergerlijn en hindertelefoon. Allemaal voor die etenstijdbellers, dat zal duidelijk zijn.

CANYONING Canyoning is een combinatie van afdalen in een kloof en bootloos wildwatervaren. Bij de beoordeling van de inzendingen wreekte zich dat geen van de juryleden ervaring met deze sport heeft. Elastiekspringen ja, bergbeklimmen, bobsleeën, parachutespringen, wildwatervaren, ja, ja, ja, ja, maar de laatste jaren niet aan canyoning toegekomen want simpelweg te druk. Hoe vang je al die sportieve elementen in een woord? De meeste inzenders – ruim 140 – bedachten iets met kloof. Zoals afkloven, kanjerkloven, kloofdalen, kloofdenderen, kloofglijden, kloofkloten, kloofklunen (leuk voor de Friezen), waterkloven en wildwaterkloofkletteren. De jury koos weifelend voor KLOOFSURFEN (naar het voorbeeld van bodysurfen), met kloofvaren en kloofsport samen op de tweede plaats.

E-COMMERCE Ook een tamelijk saai woord, waar een aantal uitstekende oplossingen voor zijn bedacht, die samen op de eerste plaats staan, namelijk: WEBHANDEL, NETHANDEL, I-HANDEL en E-COMMERCIE. Uit de categorie woordspelig: wind(ows)handel.

GENFOOD In de media is een wildgroei ontstaan aan woorden voor genetisch gemanipuleerde gewassen en producten. Bio-eten, biotech-eten, gengewas, gentechvoedsel, GG-product, GM-product, Frankensteinvoedsel, techno-eten – ze zijn de afgelopen twee jaar allemaal in de kranten gebruikt. De jury heeft zich over het genfoodprobleem gebogen tijdens een uitstekende driegangenmaaltijd in een kwaliteitsrestaurant. Een en ander leidde tot een flinke discussie. Een stellingname was: gen is geen geschikt woorddeel want al in gebruik en te weinig onderscheidend. Een bioloog zou zeggen: de erfelijke eigenschappen van ieder gewas en van ieder levend organisme worden bepaald door de genen. Dat kan wel zo zijn, was het tegenargument, maar GM-voedsel, gemavoedsel, GG-voedsel en dergelijke gaan het in de spreektaal nooit halen, fröbelvoer, labhap, NASA-nassen, reageerbuisvoer en übervoedsel zijn te gekleurd, en chromosomaal, dn-anders en foetsul veel te woordspelig. Bovendien heeft het een groot voordeel om gen als nieuwe betekenis `genetisch gemanipuleerd' te geven, want het is bijna overal mee te combineren. Denk aan genaardappel, genmaïs, genrijst, gensoja – allemaal woorden die aan het opkomen zijn. Kortom, de winnaar werd GENVOEDSEL, dat overigens door heel veel inzenders was gebruikt, ook een teken voor de bruikbaarheid ervan.

GIRLPOWER Bij geen woord hebben de inzenders zich zo laten kennen als bij girlpower. Te denken valt aan inzendingen als giebelkracht, hittepit, kippetjeskracht, `meisjes voor hele dagen', moppiekracht, en weerbaar wijffie. Geen woord leverde ook zoveel woordspelingen op. Een kleine greep: annabool, dynagriet, elle-nde, hormol, pruimenpit en yonigejuich. Winnaar is: MEIDENMACHT, een woord dat door 81 mensen werd ingezonden.

LEISUREPARK Een leisurepark is een grootschalig attractiepark. Er worden er op dit moment verschillende in Nederland gebouwd. De inzenders bedachten woorden waarin de plaats werd aangeduid met bos, centrum, dorp, drome, gebied, kamp, land, oase, oord, paradijs, park, plaats, planeet, plek, polder, reservaat, terrein, tuin, wereld, wijk en woud, en de functie van het park met woorden als amusement, festijn, leut, lol, luier, onthaast (bijvoorbeeld onthaastpark), plezier, pret, roes, vakantie, vermaak, vertier, verveel, verwen en vrijetijd. De jury honoreerde inzendingen uit twee verschillende categorieën. De parken zelf kunnen wellicht hun voordeel doen met woorden als REUZEPRETPARK, PRETPARADIJS en LUILEKKERPARK (,,voordelig en fan-tas-tisch tweedaags arrangement in een pretparadijs''). Meer voor beleidsnotities: MEGAPRETPARK en MEGATTRACTIEPARK. Allemaal even goed. Opmerkelijke inzending: hangplek.

REAL-LIFE SOAP De jury was onder de indruk van de spitsvondigheid van de inzendingen voor real-life soap, een genre televisieprogramma's dat met Big Brother wortel lijkt te schieten. Je kunt real-life natuurlijk vertalen met levens(echt), net-echt, realiteit of werkelijkheid, zoals sommigen deden, maar veel inzenders grepen naar heel andere elementen, die soms toch hetzelfde uitdrukken. Interessant waren bijvoorbeeld alledagdrama (en alledagsoap), almeredrama, doorkijkdrama, doorzondrama en inkijkserie. Winnaar werd SLEUTELGATSERIE (ook te gebruiken voor sleutelgatsoap of sleutelgat-tv, die niet werden ingezonden). Runner up: spiegelsoap. Noemenswaardig zijn nog: BB-programma, Orwell-opera, gluur-soap, jordaan-tv, Leni Saris-tv, saaiserie en Sjon-televisie.

SHOCKVERTISING Over een goede Nederlandse vertaling voor shockvertising bestond onder de inzenders grote eensgezindheid. Een uitstekend Nederlands woord hiervoor is SCHOKRECLAME. Schokvertentie is een goede tweede, ook wegens de mogelijkheid van schokverteren. Het is opmerkelijk hoeveel inzenders op het idee kwamen om shockvertising te vertalen met gadvertentie (ook wel gatvertentie gespeld) en met gadverteren. Opvallende unica: au-verteren, boemerangreclame, klapvertentie en huiverteren.

TOT SLOT Voor tien woorden moest een winnaar worden aangewezen, maar er waren slechts vijf boekenbonnen te vergeven. Bovendien werden de winnende oplossingen soms door meer dan een lezer ingezonden. We moesten dus loten. Daar is geen notaris aan te pas gekomen. De boekenbonnen zijn onderweg naar M.M. Tordoir-Kreugel in Wassenaar, D. Bonte in Amersfoort, Arnold Hoevers in cyberspace, Harry Fleuren in Veghel en Marlou Bijlma in Zimbabwe.