De tien geboden

Wat de tien geboden bij de mensen los maken, zelfs in het ontkerstende Nederland, heeft mij de afgelopen dagen verbaasd. Arjan Visser weet in de tot morgen lopende serie Eer en Geweten zeldzame interviews te maken waarin bekende mensen praten over hun godsdienstige jeugd en meestal godloze volwassenheid maar nog steeds dus met die tien geboden. Het enkele noemen van gebod één tot en met tien werkt als een elixer voor het ophalen van het geheugen, van morele oordelen, van de huidige levenshouding. Door deze originele aanpak merk je de sleetsheid van het gebruikelijke vulgair-freudiaanse televisierepertoire van frustratie en ontlading voor de camera.

Sinds de jaren zeventig werd godsdienst behandeld als bron van trauma's en bitterheid. Nu brengen de tien geboden de geïnterviewden terug in het zadel. Ze zijn geen slachtoffers meer en maken een scheiding tussen terechte en onterechte schuldgevoelens. Al te intieme vragen werden waardig afgewimpeld. ,,Leven betekent ook schade oplopen, sowieso, dat is niet zo bijzonder'', zei de ex-katholiek Hans van Mierlo over zijn kostschooltijd en de afstandelijke verhouding met zijn ouders.

Gisteren een sympathiek interview met kamervoorzitter Jeltje van Nieuwenhoven die er minder plechtig bij zat dan normaal. Dat Nelson Mandela volgens haar de grootste man is van deze eeuw, was het officieelste dat ze zei. Normaal hoor je van een politicus alleen maar dat soort uitspraken. Het viel me op dat ze beter en helderder formuleert dan het gemiddelde Kamerlid. Minder rapportentaal bedoel ik. Waarschijnlijk door haar grondige bijbelkennis en omdat ze zoveel gelezen heeft op al die verplicht vrije zondagen.

Ze kon er niet voor instaan dat ze nooit gestolen had, bekende ze, beter gezegd, geplagieerd. Want op de mulo had ze geleerd geen eigen programma te bedenken maar om ,,hardop te kunnen zeggen wat anderen al hadden bedacht''. Een vriend van haar had gezegd dat praten met haar over dingen waar ze niks vanaf wist was als ,,over de dakgoot lopen, waarbij ze voortdurend tegen het dak aanviel''. Dan kwam ze weer op adem en ging ze verder. ,,Vroeger had ik de neiging om voor het vaderland weg te kletsen'', bekende ze. Een mooie manier om uit te drukken hoe ze als toegewijd bibliothecaresse de grote, nieuwe wereld instruikelde.

Zo'n spontaan gesprek gaat dieper dan het theologische woordwriemelen in de interviewprogramma's van Jacobine Geel of Job de Haan ,,op zoek naar het religieuze in de samenleving''. Als gast in andermans programma's was dominee Geel duidelijker dan als presentatrice in die van haarzelf. Haar retorische talent is geschikter voor praten dan voor vragen. Godsdienst gaat voor de meeste mensen over praktische leefregels, niet over hoogdravende filosofieën. Eer en Geweten is minder vaag dan de serie Ingodsnaam, over het hedendaagse geloven.

Gaandeweg de uitzendingen lijkt de camerapositie te zijn verlaagd. Hans van Mierlo blikte nog van diep beneden omhoog naar de camera als hij de vragen wikkend en wegend besprak. Daarbij schoof zijn grote lijf ongemakkelijk heen en weer in een veel te nauwe kuipstoel tegen een kunstmarmeren achtergrond. ,,Ik ben hier niet om mijn zondenregister met u te bespreken'', zei hij opstandig. Gekunsteld om de geïnterviewde zo neer te zetten, nietig, niet tegenover God maar tegenover de interviewer en de kijker, de nieuwe goden, waar mensen zich tegenover verantwoorden.

Maandag, bij Youp van 't Hek, zag ik de camera plotseling dalen. Hij sprak al te nostalgisch over zijn met wierook gevulde katholieke jeugd en ,,de vrolijke boel thuis''. In zijn cabaretrepertoire heeft hij de tragische kanten bloot gegeven. Ster-strafpleiter Gerard Spong ontpopte zich tot libertariër, vindt belasting betalen ,,gelegaliseerde diefstal'', begeert een Jaguar en heeft aan ,,te veel verleidingen toegegeven om in dit programma op te noemen, meneer''. Vanavond zal de heilige Antoine Bodar het tegenovergestelde preken.