De Grave wil zwaardere rol in Bosnië

Nederland zal in de komende maanden de militaire aanwezigheid in Bosnië verdubbelen tot 2.000 militairen. De circa 2.000 manschappen in Kosovo zullen worden teruggetrokken.

Defensie houdt er rekening mee dat de missie in Bosnië zeer lang kan gaan duren, omdat er slechts moeizaam vorderingen worden gemaakt bij de terugkeer van vluchtelingen.

De evaluatie die minister De Grave (Defensie) zondag en maandag in Bosnië heeft gemaakt, bevestigt volgens hem de juistheid van deze eerder geformuleerde aanpak, waarin Nederland kiest voor een zwaarwegender militaire en diplomatieke rol in Bosnië.

Nederland gaat weg uit Kosovo, zo liet De Grave na afloop van zijn bezoek in Novi Travnik weten, omdat er ,,een overvloed aan eenheden beschikbaar is voor toezicht daar''. De Britten hadden Nederland al eerder verzocht om versterkingen naar Bosnië te sturen. Ook de NAVO stemt in met de Nederlandse plannen.

Volgens De Grave is het voordeel van de concentratie van de Nederlandse inspanningen in Bosnië dat het logistiek veel gemakkelijker en efficienter is om in één land te opereren. Als Nederland straks 2.000 mannen en vrouwen aan de geallieerde macht SFOR voor de stabiliteit in Bosnië levert dan kan in 2001 ook een Nederlandse commandant leiding gaan geven aan de Britse, Canadese en Nederlandse troepen die in de sector Zuid-West van Bosnië operereren. ,,We hebben dan van zelf ook meer invloed op de uitvoering van de taken van de NAVO en kunnen als kleiner land een grotere rol spelen'', aldus De Grave. ,,Dat willen we politiek graag''.

Zowel in Bosnië als in Kosovo zal het totaal van het aantal aanwezige troepen volgend jaar met ongeveer de helft worden teruggebracht. Volgens de NAVO laat de militaire situatie dat toe. De Nederlandse bijdrage aan vredesoperaties zal volgend jaar in de Balkan, het Middellandse Zeegebied en het Midden Oosten teruglopen van 3.400 militairen naar plus minus 2.200. Dat is volgens de Defensiestaf nodig omdat bij sommige onderdelen, zoals de Genie, de regel dat elke militair na een uitzending van zes maanden één jaar rust krijgt, op dit moment niet kan worden gehandhaafd.

De Grave denkt niet dat hij vanwege personeelsproblemen in de toekomst vaker `nee' zal moeten zeggen tegen vredesoperaties. Nederland wil nog steeds in de gehele wereld vier vredestaken tegelijk aan kunnen, verdeeld over Marine, Luchtmacht en Landmacht. ,,Als mijn plannen met de nieuwe Defensienota 2000 ook door de Kamer worden aanvaard en daar reken ik op, dan heb ik straks bij de Landmacht en de Mariniers de beschikking over 24 bataljons (sterkte plus minus 700). Daarmee kunnen we de politieke ambitie met betrekking tot vredeshandhaving van deze regering ruim aan.''.