Leuker dan de gemiddelde leraar

Youp van 't Hek maakt zich op voor zijn oudejaarsconference, die bijna niet doorging omdat er kaartjes waren opgekocht. Portret van een ex-seminarist met geldingsdrang.

De snik in de stem was niet gepland, zei Youp van 't Hek achteraf – die kwam opeens toen hij in oktober, op die zeer druk bezochte persconferentie, moest aankondigen dat zijn oudejaarsavondconference in de Stadsschouwburg in Amsterdam niet doorging. Hij kreeg een branderig gevoel in zijn ogen en schuwde de pathetiek niet: ,,Het is de grootste nederlaag uit mijn carrière.'' Dat de kaartjes voor zijn optreden, die normaal 30 tot 35 gulden kosten, massaal waren opgekocht door een bureau en als onderdeel van een arrangement van 500 gulden aan de man werden gebracht, wenste hij niet te accepteren. ,,Publiek dat 500 gulden betaalt voor een voorstelling is zó dom,'' zei hij, ,,daar wìl ik niet eens voor optreden.''

Cilly Dartell, de nieuwslezeres van SBS6 die hem nog van vroeger kent, moet bekennen dat ze aanvankelijk met enige reserve kennis nam van het bericht over Van `t Heks tegenactie. ,,Toen ik het hoorde, dacht ik: nou Youp... ben je nu niet iets te veel bezig met publiciteit maken? Maar toen ik de beelden zag, wist ik dat hij het meende. Ik zag hem oprecht in de emotie schieten.''

De kwestie van de kaartjes voor zijn komende oudejaarsavondconference is Youp van 't Hek de afgelopen weken blijven bezighouden. Hij leek met een schone lei te kunnen beginnen door de voorstellingen van aanstaande donderdag en vrijdag, waarvan de allerlaatste rechtstreeks op de televisie wordt uitgezonden, te verplaatsen naar het Nieuwe de la Mar-theater, op een paar meter afstand van de Stadsschouwburg. Het aanvankelijke plan was dat daar vanochtend vroeg de kassa zou opengaan voor de kaartverkoop. Maar ook daar dreigde een groep werkstudenten toegangskaarten te kopen namens een evenementenbureau.

In het tv-programma van Jack Spijkerman kondigde Van 't Hek tien dagen geleden zijn laatste koerswijziging aan. Geen kaartverkoop bij het Nieuwe de la Mar-theater, maar bestellingen per briefkaart. Wie vorige week een kaartje naar de VARA heeft gestuurd, kan woensdag of donderdag worden gebeld. Wie toevallig niet de telefoon opneemt, heeft pech gehad. ,,Het is een loterij,'' gaf de cabaretier toe.

Joop Koopman, voormalig impresario van de cabaretier en nog altijd diens klankbord, wijst erop dat Van 't Hek al sinds het begin van zijn succescarrière nauwlettend heeft toegezien op de toegankelijkheid van zijn voorstellingen. ,,Youp heeft een enorme band opgebouwd met mensen die om inhoudelijke redenen naar zijn optreden willen komen. Vaak zijn dat jonge mensen, studenten ook, die niet veel geld hebben. Dat is ook de reden waarom we de toegangsprijs nooit hebben opgedreven. Wat nu steeds vaker gebeurt – bijvoorbeeld ook in het Concertgebouw – is dat er mensen om andere redenen naar toe komen. Lui die in groepsverband komen en het skyboxgevoel uitstralen. Bedrijven die zeggen: die-of-die schijnt heel populair te zijn, laten we daar maar naar toe gaan. Dat publiek wil Youp niet.''

Joseph Jacobus Maria van 't Hek, roepnaam Joep, werd in 1954 geboren in een katholiek gezin in Bussum. ,,Ik ruik de wierook nog,'' zegt hij vanavond in het VPRO-programma Eer & Geweten. Zijn eigen geloof ebde al in de puberjaren weg, al voelt hij zich aangesproken door klachten over zijn vele vloeken op het toneel: ,,Dat moet ik ook helemaal niet doen, daar doe ik mensen verdriet mee.''

Hij was de zevende van acht kinderen, die weliswaar allemaal op hockey gingen, maar verder enige afstand tot het Gooi bewaarden. Zijn ouders, die intussen gestorven zijn, waren ex-Amsterdammers die aan de gezelligheid van een groot gezin hechtten en volgens hun beroemde zoon ook aan veel vrolijkheid en felle discussies aan de eettafel. Zelf was hij op jeugdige leeftijd van plan priester te worden. ,,Ik wilde het niet alleen,'' schrijft hij in zijn recente boek Terugblik, ,,maar ik móest en ik zóu!'' Hoewel zijn ouders hem waarschuwden voor een te snelle beslissing, hield hij vol. Pas op het Klein Seminarie Hageveld brachten de tucht, het `kazernevoedsel', de eenzaamheid en de grijpgrage handen van de rector hem tot andere gedachten. Zijn enige troost vond de 13-jarige Joep van 't Hek in de aula, waar hij toneelstukjes kon schrijven en opvoeren. Maar al met de paasvakantie werd hij van school gestuurd: ,,Te lastig, te grote bek, te veel heimwee.''

Ook twee andere middelbare scholen, in Laren en in Bussum, werden geen succes: ,,Zelfde probleem. Geldingsdrang, last van puberhumor, leuker dan de gemiddelde leraar willen zijn.'' Alleen de christelijke Ministerpark-mavo in Naarden hield hem langer vast. De vraag of Van 't Hek een briljante leerling was, wordt echter door Job de Raadt, de toenmalige leraar Duits, met enig hoongelach beantwoord. Wel manifesteerde de jonge leerling zich met succes op de schoolavonden. Jan Hardon, destijds als leraar handenarbeid betrokken bij de decorbouw, herinnert zich dat hij bijna het slachtoffer werd van Van 't Heks enthousiasme: ,,Op een avond zat hij zó enthousiast op de vleugel te spelen, dat het instrument het podium afrolde en haast op mijn hoofd terechtkwam.''

,,Die cabaretavonden werden geëntameerd door enkele docenten,'' aldus leraar De Raadt. ,,Wij hielden audities en daar kwam Joep ook. Dat was te verwachten, want hij schreef ook leuke stukjes in de schoolkrant. Maar hij kwam met een heel oud nummer, iets afgezaagds waarvan hij kennelijk had gedacht: daar red ik het wel mee. Wij zeiden echter dat hij er op deze manier niet zou komen en wezen hem af. Dat was een enorme dreun voor hem. Vervolgens is hij met iets nieuws gekomen, dat wèl heel goed was. En toen heb ik iets gezien waardoor hij zich onderscheidde van alle anderen. De meeste leerlingen groeiden tijdens de repetities; die zag je per keer beter worden. Joep had het tegenovergestelde; hij werd afgezaagd. Maar op de grote avond zelf zag je de andere leerlingen in elkaar schrompelen van de spanning, terwijl Joep juist opbloeide. Het contact met de zaal bracht hem tot dingen die hij tijdens de repetities nooit had gedaan. Hij genoot ervan als er iets onverwachts gebeurde en was dan op zijn best. Dat heeft hij nòg; elke voorstelling is voor hem een nieuwe creatie.''

Joep werd Youp (nadat een vriendin een p zette op een T-shirt met de tekst We help you), maakte de mavo af, betrok op zijn zeventiende een kamer in Amsterdamen begon de cabaretgroep Nar, naar het voorbeeld van toenmalige ensembles als Don Quishocking en Kabaret Ivo de Wijs. In de eerste formatie speelde ook zijn vriendin Debby Petter mee. Toen zij besloot een jaar als au-pair in Frankrijk te werken, bracht ze hem in contact met haar schoolvriendin Cilly Veltmeijer die sindsdien de artiestennaam Cilly Dartell aannam. ,,Hij was een zeer aanwezig jongetje, dat heel duidelijk wist wat hij wilde,'' zegt de huidige presentatrice van Hart van Nederland. ,,Hij was heel gericht en heel bevlogen bezig. Op zijn kamer in Amsterdam, een echte jongenskamer, heeft hij me van zijn plannen verteld – buitengewoon spannend, vol passie en vuur.''

In de huidige Youp van 't Hek herkent Cilly Dartell nog veel van de jongen uit die beginjaren. ,,Veel nummers gingen over relaties en over Gooise kak, thema's die hij nu ook nog heeft. Alleen het doorlopende verhaal was er toen nog niet. Wel herinner ik me dat zijn conferences per voorstelling langer werden. Bij de eerste avonden in De Bak in Bussum hadden we nog maar een half uur, drie kwartier programma. Dat werd steeds meer. Wij, zijn medespelers, stonden soms te vloeken in de coulissen. We hadden nog geen van allen een rijbewijs en wilden niet de laatste trein missen. Soms gebeurde dat toch.''

Via vader Lou Veltmeijer, die in Hilversum het gerenommeerde impresariaat Lumen dreef, belandde cabaret Nar langzaam maar zeker in het reguliere circuit van kleine theatertjes. In het voorjaar van 1978 bracht de platenmaatschappij Phonogram zelfs een langspeelplaat uit van het programma Romantiek met mayonaise. Voor de opnamen, in het kleine zaaltje van Bellevue waar hooguit ruimte is voor honderd mensen, moest echter personeel van Phonogram worden opgetrommeld om de stoelen te vullen. In een begeleidend persbericht zei de leider van het groepje: ,,Ik heb altijd al een – misschien voor anderen bijna ziekelijke – neiging gehad om mezelf te manifesteren op een toneel.''

Zijn vorm vond Van 't Hek pas toen hij in 1980 na de pauze een solo speelde, als vertegenwoordiger in teddyberen, en twee jaar later voor het eerst een solovoorstelling maakte. Toen hij daaruit één nummer opvoerde in de Alles is anders show van Aad van den Heuvel, stond er de volgende dag prompt een rij bij de kassa. Eindelijk, op zijn 28ste, kon hij met cabaret zijn brood verdienen.

In het doorlopende verhaal van die eerste solo was nog de invloed te herkennen van Freek de Jonge. Allengs maakte Van 't Hek zich echter van zijn grote voorbeeld los door thematisch dichter bij huis te blijven dan De Jonge. Ook zijn taalgebruik werd grover. Zelf heeft hij veelvuldig gezegd dat er nu eenmaal meer te lachen viel als hij woorden als `parelteef' en `huppelkut' gebruikte, maar op diverse opiniepagina's is geconcludeerd dat het ook wel wat minder grof kan. Hetzelfde geldt voor zijn uitvallen naar het alcoholvrije Buckler-bier (`ranzig moslimbier' gedronken door `zo'n Buckler-lul') dat door zijn toedoen van de markt verdween, en onlangs naar de Golden Tulip-hotels. Beduusd zag de hoteldirectie, die meende te goeder trouw in zee te zijn gegaan met een bureau dat in theaterkaartjes handelde, zich afgeschilderd als een louche club voor ,,bezopen groepen waar de kaviaar nog uit de bek rolt''. In een recente column van Arnon Grunberg in de VPRO Gids werd Van 't Hek omschreven als `vertolker van Goois volkssentiment'.

Wel leverde zijn straattaal hem een steeds omvangrijker publiek op. ,,Deze jonge erfgooier heeft heel wat in mijn mars,'' schertste Freek de Jonge aanvankelijk nog. Later werd diens toon scherper. ,,De troon naast Toon was voor mij gereserveerd,'' erkent De Jonge deze week in Vrij Nederland, ,,maar ik heb hem aan Youp moeten afstaan. Hij is mij finaal voorbijgestreefd. Niet in artistiek opzicht – wat dat betreft heb ik niets te vrezen – maar wel in geliefdheid bij het grote publiek.''

Het gaat nog altijd zeer voorspoedig. Met zijn vrouw (Debby Petter) en twee kinderen bewoont Youp van 't Hek een royaal grachtenpand in Amsterdam. Het kantoortje Hekwerk, dat al zijn zaken behartigt, is één straatje verderop gevestigd. Zijn voorstellingen zijn uitverkocht, zijn boekjes met columns uit NRC Handelsblad zijn bestsellers. Tot twee keer toe kon hij zijn machtspositie als spraakmakend kleinkunstenaar gebruiken om de reddende hand toe te steken aan een door geldnood bedreigd theater (de Kleine Komedie in Amsterdam en Pepijn in Den Haag) en ook legde hij met een benefietvoorstelling de financiële basis voor de opening van een theatertje in het Koning Willem I College in Den Bosch. ,,Toen hij van die plannen hoorde, bood hij zelf aan dat te doen,'' zegt directeur Frank Verhallen van dit Koningstheater. ,,Als hij uit zichzelf iets doet, sleurt hij daarin alles en iedereen met zich mee.''

,,Hij werkt en leeft met vrienden om zich heen,'' stelt Cilly Dartell vast. ,,Hij is heel trouw aan mensen. Als artiest is hij erg op zichzelf gericht, maar hij zal zijn omgeving nooit vergeten.'' Verhalen over feestelijke avonden met veel vrienden aan de dis bevestigen dat beeld. Zijn medewerkers, die vaak al jarenlang bij hem in dienst zijn, houdt hij voor dat een voorstelling gespééld moet worden; als het spelen verkeert in werken, is er iets niet in orde. Op de zaterdagavond treedt hij in elk geval nooit op; die dag blijft vrij om thuis te zijn. Maar zijn privé-leven schermt hij zo veel mogelijk af van de publiciteit.

Dat merkte ook Arjan Visser, die hem interviewde voor Eer & geweten, waarin de gasten reageren op de tien geboden. ,,Je kunt hem wel aan het praten krijgen,'' zegt hij, ,,maar moeilijk aan het zeggen. Privé-vragen kan hij heel gewiekst omzeilen. Uiteraard weet ik niet of er gewoon niet meer in zit dan ik er bij hem uit heb gekregen, of dat hij veel dingen heeft achtergehouden. Youp is een lieve man, maar voor mij was hij een lastige gast.''