Amsterdam aan de Oostzee

Al in de Middeleeuwen woonden in Gdansk Nederlandse kooplieden. Vanaf 1430 hadden ze hun eigen tafel in de Artushof, een van de mooiste bouwwerken aan de Lange Markt (Dlugi Targ). Tussen 1600 en 1800 woonden duizenden kooplieden, bankiers, kunstenaars, scheepsbouwers en handwerkslui uit de Lage Landen in de stad die ze Dantzig of Danswijck noemden. Want Gdansk, de havenstad van Polen, was eeuwenlang het centrum voor de graan- en houthandel waarop de welvaart van de Nederlandse Hanzesteden en later Amsterdam was gebaseerd. De `moedernegotie', de graanhandel met de Oostzeelanden, vormde zelfs in de Gouden Eeuw met zijn specerijenhandel met Indië en het Verre Oosten de basis van Hollands welvaren – met Oostzeegraan werd goud verdiend.

In 1945 staken Russische soldaten het centrum van Gdansk, destijds nog een overwegend Duitse stad, in brand. Talloze fraaie in Nederlands-Vlaamse stijl gebouwde huizen gingen in vlammen op. Na de oorlog besloten de Poolse inwoners hun geliefde stad te restaureren. Op basis van oude bouwtekeningen werden de indrukwekkende gevels aan de Dlugi Targ en andere belangrijke straten steen voor steen weer opgebouwd en gedecoreerd. Talloze bezoekers uit de hele wereld flaneren nu op de Lange Markt, waar ze zich in Amsterdam of Gent kunnen wanen.

Op het mooiste deel van de Lange Markt staan twee grote huizen die samen het Dom Holenderski, het Hollandse Huis, vormen. Ze zijn het eigendom van een in Rotterdam gevestigde stichting die grotendeels uit vertegenwoordigers van Rotterdamse bedrijven bestaat. Een gepensioneerd diplomaat, Georges-Albert Wehry, voormalig Nederlands ambassadeur in Polen, is voorzitter. Secretaris en `motor' van de stichting is de Rotterdammer mr. Chris van Krimpen, die onder andere adjunct-directeur van het Rotterdamse Havenbedrijf en Eerste-Kamerlid (voor de PvdA) was voor hij zich, in 1993, als havenconsulent, voornamelijk werkzaam voor de Wereldbank, metterwoon in Gdansk vestigde.

Dom Holenderski, dat vijf verdiepingen telt, krijgt volgens de plannen van de stichting een multi-functionele bestemming op non-profit basis. Op de begane grond komt een grand café en op twee verdiepingen ruimte voor culturele exposities, cursussen en lezingen. Nog hoger zijn business-units voor bedrijven en het kantoor van het Nederlandse consulaat in Gdansk gepland. De bouwtekeningen en de benodigde vergunningen zijn er allang, maar de financiering is nog niet rond.

Van Krimpen heeft ervaring met grote projecten. Hij bouwde havens in Aruba en Sri Lanka. ,,Dit is het aardigste, maar ook het moeilijkste project dat ik ooit heb ondernomen'', zegt hij.

Het begin was snel gemaakt. De gemeente Rotterdam, die de herbouw na de oorlog totaal anders dan Gdansk aanpakte, stelde een half miljoen gulden ter beschikking. ABN Amro en ING, die in Polen goede zaken doen, verstrekten flinke leningen. Een aantal sponsors werd gevonden onder Nederlandse bedrijven die zijn gevestigd in de regio Gdansk, een van de snelst groeiende in Polen. Tot de grootste behoort Farm Frites, dat TVM als belangrijkste sponsor van de gelijknamige wielerploeg is opgevolgd. Farm Frites heeft nabij Gdansk een van de grootste aardappelverwerkende fabrieken in Europa.

Er is in totaal drie miljoen gulden nodig voor de voltooiing van Dom Holenderski, nu nog een bouwskelet achter twee fraaie, maar nog een beetje kale gevels. Drie ton ontbreekt nog.

Ruim twee jaar geleden bezocht koningin Beatrix een expositie die provisorisch in het Holland Huis was ingericht. Daarna werd een begin gemaakt met de verbouwing die wegens geldgebrek nog steeds niet klaar is. Dat valt op in Gdansk, waar Duitsland een magnifiek Goethe-instituut heeft en Zweden in een al even fraai gerestaureerd gebouw is vertegenwoordigd.

,,We vragen ons af waarom het zo lang duurt'', is de diplomatieke reactie van Maciej Buczkowski, hoofd van het bureau internationale betrekkingen op het stadhuis van Gdansk. 's Zomers, als de stad wordt overstroomd door toeristen, zeggen stadsgidsen als ze Dom Holenderski passeren: ,,Dit is het Holland Huis. Ze verkopen er bier en worstjes. Verder gebeurt er niets.''

,,Het sprokkelen van sponsors gaat moeizaam'', erkent Wehry. ,,Iedereen vindt het een prachtig initiatief. Behalve het Institut Néerlandais in Parijs heeft Nederland nergens ter wereld zo'n decoratieve representatie op een fantastische plek in een mooie stad als in Gdansk. Maar bedrijven die om sponsoring wordt gevraagd, willen precies weten wat ze ervoor terugkrijgen. Dat zit bij het zakenleven ingebakken.''

Niet alleen het bedrijfsleven is terughoudend. Secretaris Van Krimpen: ,,Amsterdam hebben we ook benaderd om een bijdrage. Burgemeester Patijn reageerde positief. Maar de gemeenteraad zag er niks in.''

Wehry: ,,Dat is bijzonder jammer, want na de tentoonstelling `Goud uit graan' (in het Amsterdams Maritiem Museum) kan iedereen weten waaraan Amsterdam zijn glorie dankt.''

Met Heineken dat een flink deel van de Poolse biermarkt heeft veroverd, is onlangs een contract afgesloten voor de exploitatie van het Grand café Dom Holenderski. ,,Dat is een pluspunt'', meent Wehry. ,,Ook voor onze Koninklijke Marine die Gdansk regelmatig bezoekt.''

Op de gevel van het Holland Huis staat een kleine afbeelding van Michiel Adriaansz. de Ruyter, Hollands beroemdste admiraal die in 1656 drie maanden met zijn vloot voor Gdansk lag om de stad tegen een Zweedse invasie te behoeden. Van de glorie van de grote mogendheid die Holland toen was, is in Gdansk vooral de nauwkeurige winst- en verliescalculatie van sponsors over – ook dat zal wel in oude boeken over Hollanders in Dantzig terug te vinden zijn.

Van Krimpen geeft niet op: ,,Het ontbrekende bedrag moet er snel komen. In juni van het jaar 2000 moet Dom Holenderski klaar zijn.'' De gidsen van Gdansk moeten eindelijk een ander verhaal kunnen vertellen.