Moderne hardheid bij De Trust

Heel even, in het begin, is er een déjà vu. Zoals bekend, geen onverdeeld genoegen. Marisa van Eyle zit als een besje terzijde in een potsierlijk gehaakt vest, met pruik en rimpelschmink. Ik moet grinniken om haar gemurmel boven haar breiwerk, maar ik denk ook: tja, De Trust. Grotesk, scheefhangend realisme, bijna verlekkerd vertoon van lelijkheid - een uitgesproken en herkenbare stijl herbergt het risico een karikatuur van zichzelf te worden. Maar dan gebeurt het.

Ik kijk naar het decor. Het is onopvallende, elegante high-tech, van Bernhard Hammer, het heeft niets meer te maken met de provocerend muffe decors van Guus van Geffen, de gewezen vaste ontwerper van regisseur Theu Boermans. Er is helder licht, van Gerhard Fischer. En de herkenbaarheid van Marisa van Eyle, hoe geestig ook - die is gelukkig een uitzondering. Dertien oude en nieuwe acteurs treden aan in de enscenering van Maxim Gorki's De laatsten, een drama over een gegoede familie tegen een achtergrond van sociale onlusten en geweld. Ze spelen niet zozeer realistisch als wel gewoon, in een regie die Gorki's stuk actualiseert door de toeschouwer van vandaag zo dicht mogelijk op de huid te naderen.

Net als Gorki heeft De Trust het over tweedeling en het morele failliet van een elite die zich daar niets aan gelegen wenst te laten liggen. De breuklijn loopt niettemin dwars door de eigen gelederen. Van de vijf kinderen zijn de twee oudsten (Mike Reus en Myranda Jongeling) net zo verdorven en gewelddadig ongevoelig als de vader (Jappe Claes); de jongeren (Halina Reijn, Gunilla Verbeke en Tijn Docter) zijn daarvoor nog niet oud genoeg. Ze zijn hooguit cynisch uit protest tegen hun emotionele verwaarlozing, halfhartig gesteund door hun moeder (Anneke Blok) die de hoop op liefde al lang geleden heeft ingeruild voor schipperend pragmatisme.

Ze zouden aan de computer verslaafd kunnen zijn, de jongeren, en de ouderen aan Prada, gsm's en verre vliegreizen, met onherbergzaamheid als bestemming. Zonder de geringste nadrukkelijkheid delft De Trust vooral kilte uit Gorki's stuk, al worden de scène-overgangen gemarkeerd door het gescandeer van de verhitte hordes buiten.

Juist de goeddeels in het slop rakende verhaallijnen van De laatsten verlenen het stuk intussen wel de sferische kwaliteit van een Tsjechov. In meer dan één opzicht loopt er een directe lijn van Boermans' naturalistische enscenering van Drie Zusters (1995) naar deze Gorki. De enscenering is overduidelijk het werk van een regisseur die via een Hamlet, waarin hij het generatieconflict aanscherpte, nu uit een ouder stuk koelbloedig moderne hardheid peurt.

Gorki (een pseudoniem dat `bitter' betekent) helpt hem daarbij. Zijn karakterschetsen zijn vierkant en hij schuwt de verbale en fysieke agressie niet: Boermans laat enkele knokpartijen mooi levensecht spelen.

Jappe Claes is met breed gebaar en harde snerpstem een overtuigend middelpunt en een egocentrische patser. Halina Reijn is een en al onzeker chagrijn en Tijn Docter een verzenuwpeesd, vooralsnog te zwak verzetsstrijder. Ze zijn prachtig, allebei. Anneke Blok, met haar ijle hoge stem, treft haar hulpeloze, steevast de verkeerde keuzen makende personage uitstekend en Van Eyle, ja, die heeft in dit geheel toch een schitterend aandeel. Vlak voor het licht uitklapt, gaapt haar mond open als Edvard Munchs De Schreeuw. Goed hoor.

Voorstelling: De laatsten van Maxim Gorki door De Trust. Regie: Theu Boermans. Decor: Bernard Hammer. Spel: Anneke Blok, Jappe Claes, Tijn Docter, Marysa van Eyle e.v.a. Gezien: 23/12, Trusttheater, Amsterdam. T/m 4/3. Inl: 020-5205320