`Kom op meid, we gaan lekker een gouden medaille winnen'

Fanny liep als een wervelwind'', herinnert Nettie Witziers-Timmer zich de gouden estafetteloop van Londen '48. ,,Vlak voor de finish had ze die rooie King van Australië te pakken. En toen hadden we goud!''

Nettie Witziers, 76 jaar en woonachtig in Enkhuizen, was een van de drie ploeggenoten van Blankers-Koen. Ze praat over de Olympische Spelen van '48 alsof ze gisteren waren. ,,Het was grandioos, vooral dat samenzijn met al die sportvrouwen. We sliepen in een school, met zes bedden per klaslokaal. Dat kan je je nu niet meer voorstellen, maar ik vond het toen prachtig. Het was vlak na de oorlog, we waren niets gewend.''

Ze sliep onder anderen bij Blankers-Koen op de zaal. ,,Fanny was een prettig, gezellig mens. Altijd vrolijk. We bleven samen weleens langer op bed liggen dan de rest. Fanny was 's ochtends vaak misselijk en ik ook. Dan kregen we ontbijt op bed. Dat deed onze verzorgster, juffrouw Pfann.''

Blankers-Koen was in alle opzichten de kopvrouw van de atletiekploeg. ,,Ze hielp je waar het nodig was. Uitgerekend de dag dat we de estafette moesten lopen was het precies een jaar geleden dat mijn vader was overleden. Daarom moest ik 's ochtends huilen. Fanny sloeg haar arm om me heen en zei: `kom op meid, we gaan straks lekker goud winnen'.''

Het had weinig gescheeld of Nettie Witziers was helemaal niet geselecteerd voor de Olympische Spelen. ,,Ik had bij een interland in Rome een akkefietje met onze ploegleider, Ad Paulen. Ik mocht van Jan Blankers, de trainer en de man van Fanny, meedoen in de estafette inplaats van Fanny. Maar Paulen besloot anders. Toen heb ik wat lelijke dingen over hem gezegd. Hij eiste dat ik mijn excuses zou aanbieden. Dat wilde ik wel, maar ik heb hem ook verteld dat ik het een gemene streek bleef vinden.''

Na de interland werd er door de bestuurders vergaderd over de samenstelling van de olympische ploeg. ,,Daar werd ook Fanny voor uitgenodigd. `Het gaat over jou', zei ze tegen me. Na anderhalf uur waren ze er uit. Fanny had een prettige mededeling voor me. `Jij hebt gewonnen, jij loopt in Londen'. Het bleek dat Paulen voor mij had gekozen omdat hij het mooi vond dat iemand zo voor zijn plaats vocht.''

In de weken voor de Olympische Spelen trainde de estafetteploeg elke dinsdagmiddag in Amsterdam. Nettie Witziers, borduurster in een atelier, kreeg er vrij voor van haar werkgever. De loopvolgorde van de Nederlandse ploeg was al snel bepaald. Xenia Stadt-De Jong werd startloopster, Nettie Witziers-Timmer de nummer twee, Gerda van der Kade-Koudijs de nummer drie en natuurlijk moest Fanny Blankers-Koen de race afmaken. ,,Ik was iemand die goed weg durfde te lopen'', vertelt Witziers over haar positie. ,,Jan Blankers zei altijd dat hij op die tweede positie een jongensachtig type wilde hebben. En ik voetbalde vroeger op straat.''

Voor het vertrek naar Londen moesten de atletes verzamelen op het Leidseplein. Daarvandaan ging het naar Schiphol. Witziers: ,,Ik woonde in Badhoevedorp en ben liftend naar het Leidseplein gegaan. Stond ik daar in het pakje van de Nederlandse ploeg langs de weg. Ik had zó een lift.''

Witziers deed bij de Olympische Spelen alleen mee aan de estafette. Dus moest ze na de opening negen dagen wachten voordat ze aan de beurt was. ,,Maar ik verveelde me niet, hoor. Ik ging natuurlijk naar alle wedstrijden van Fanny kijken. Wat was ze goed! Ze was zo gedreven, ze moest en zou winnen! We zijn ook een keer naar de voetbalwedstrijd tussen Nederland en Engeland geweest. Dat ben ik toen aan Paulen gaan vragen. Na dat incident in Rome waren we ineens goede vrienden. Fanny zei dan ook: `ga jij het maar vragen, jij kan wel een potje bij hem breken'. Er lag bij onze school ook een zwembad. Daar hebben we Paulen nog een keer ingegooid. We hebben wel eerst zijn horloge laten afdoen. `Hier zit Timmertje zeker achter', zei hij.''

Op zaterdag 7 augustus was het zo ver voor de estafetteploeg. De series gingen 's ochtends niet door, omdat twee landen zich hadden teruggetrokken. ,,Fanny was die dag gaan winkelen, een regenjas kopen. Ze kwam een beetje laat terug. Toen wij al aan het inlopen waren, was ze er nog niet. Daar werden we nerveus van. Maar uiteindelijk was ze toch op tijd. En ze had kracht genoeg voor een goede race.''

Witziers zag de estafettewedstrijd begin deze maand nog een keer terug. ,,Xenia startte hartstikke goed. Ik liep daarna zelf ook wel goed, maar de wissel kon beter. Fanny begon met een achterstand. Haar wissels waren meestal een angstig moment. Ze was zo veel sneller dan de rest en daarom kwam ze pas echt op gang als ze het stokje in haar hand had. Dat is niet bedoeling, je moet al eerder in volle vaart zijn. Dat kon dus niet met haar. Het maakte niet uit, ze haalde het toch wel weer in. Ik kan van de andere kant van de baan de finish niet zien. Ik dacht dat we niet gewonnen hadden.''

Van het vieren van het succes kwam weinig terecht. ,,We zijn die zaterdagavond met z'n allen met de bus naar Londen gereden. Maar we kwamen geen tent in, alles zat propvol. Toen zijn we naar huis teruggegaan. Dus eigenlijk hebben we die gouden medaille nooit echt gevierd.''