Kerstspel met lakens en klimbokken

,,Ik puf me rot, er is nog zoveel te doen!'' Juffrouw Elly rent door de gangen. Op de Willibrordschool in Rotterdam werd het kerstspel vroeger altijd door zesde en zevende groepers gespeeld, maar dit jaar zijn de kleuters aan de beurt. Omdat er haast geen musicals bestaan die door kleuters gespeeld kunnen worden, heeft juffrouw Elly zelf het kerstverhaal op rijm gezet en er liedjes bij gezocht. Juffrouw Wendy hielp haar. Ze stonden allebei ook nog gewoon voor de klas. Als het straks kerstvakantie is gaan ze twee weken slapen.

De show is in de gymzaal. Bart, de conciërge, heeft het decor gemaakt: ,,Voor het hok met de klimbokken en de matten heb ik een groen camouflagenet gehangen, uit de dumpwinkel. We hebben een stal met een os en een ezel van karton, en er hangt een ster die straks licht geeft. Voor de uitvoering bouw ik nog een podium van grote blokken.''

Er was een probleem: veel kleuters praten te zacht. Daarom zijn vier achtste groepers - Whitney, Dejana, Marko en Patrick - gevraagd om erbij te komen en de tekst van het stuk mee te lezen door een microfoon. Als kostuum krijgen ze een wit laken om zich heen. ,,Ik vind dat je trui uit moet'', zegt juffrouw Wendy tegen Patrick bij het oefenen. Marko lacht hem hard uit, maar even later is hij zelf de pineut: een trui onder je laken, dat staat niet.

Dan komen de kleuters binnen voor de repetitie. Het zijn er vijftien: drie herders, drie herbergiers, drie koningen, vier engelen, Jozef en Maria. ,,Mijn kroon past niet!'' roept Kenny, een koning. ,,En ik heb een jurk, ik moet geen jurk!'' Naomi en Isabella, de andere koningen, zitten doodstil op de bank te wachten. ,,Wie van jullie is Balthasar? En wie Melchior?''vragen de achtste groepers streng. Maar de koningen weten het niet.

Het mooiste kostuum heeft Jozef: een bruin shirt, een bruine broek met gerafelde pijpen en een grote houten stok. Hij staat al klaar in de stal. Hij begint: ,,Stil nu, stil nu, maak nu geen gerucht...''

Iedereen kent de tekst uit zijn hoofd, maar het bewegen is moeilijk. Jozef en Maria moeten helemaal naar Bethlehem lopen, in langzame rondjes over het podium. ,,Kijk naar het publiek!'', roept juffrouw Wendy, maar op de grond liggen overal kabels en snoeren van Bart. Jozef valt zich bijna een breuk.

Op het eind brengt iedereen kado's aan het kindeke Jezus. Maria wiegt twee lege armen heen en weer. ,,Ja jongens, daar hoort een pop, maar die hebben we in de klas laten liggen'', zucht juffrouw Elly. ,,Dat moet op de uitvoering beter.''

Twee dagen later zit de hele gymzaal vol. Het is warm. De mensen zijn mooi aangekleed en zingen hard met de liedjes mee. Juffrouw Elly heeft een zwart feestjasje aan en staat voor het podium. Als iemand zich nog vergist, zoals de herder Felicia die de verkeerde kant oploopt, pakt ze die bij haar arm en sleurt haar naar de goede plek - vlug, vlug, want deze show is maar één keer, het moet nú goed gaan.

,,Wat vonden jullie ervan?'' vraagt Eveline, het schoolhoofd, als het klaar is. Het publiek juicht. Eveline geeft alle spelers een kerstplant. Juffrouw Elly krijgt nog een extra applausje, voor al haar werk.