Snelle reacties in Sofia en Boekarest

In Bulgarije zijn deze week tien van de zestien ministers vervangen. Ook Roemenië wijzigde de regering en kreeg een nieuwe premier. Beide wijzigingen hangen samen met het begin van overleg met de EU over toetreding.

Op de Europese top in Helsinki kregen Roemenië en Bulgarije recentelijk te horen dat ze alsnog lid mogen worden van de Europese Unie. In februari volgend jaar zal onder het Portugese voorzitterschap een voorzichtig begin worden gemaakt met `onderhandelingen'. De echte onderhandelingsfase is nog ver weg, maar er zal een formeel begin worden gemaakt met het proces dat uiteindelijk tot toetreding zal moeten leiden. Maar, zo luidde de boodschap van de Europese lidstaten, dan moeten Roemenië en Bulgarije wel aan bepaalde voorwaarden voldoen. Economische hervormingen en privatisering zijn de belangrijkste.

De politieke leiders in de twee landen hebben de boodschap uit Helsinki goed begrepen. Met een voor Oost-Europese begrippen ongekende doortastendheid zijn ze aan het werk getogen. Nauwelijks twee weken later zitten er zowel in Boekarest als in Sofia nieuwe regeringen. Er zijn superministeries gevormd die moeten toezien op de economische hervormingen en er zijn nieuwe verantwoordelijken aangewezen om de integratie in Europa te leiden.

Het effect van Helsinki heeft zijn uitwerking niet gemist. Roemenië en Bulgarije zijn de armste landen van Oost-Europa. Roemenië gaat al twee jaar lang gebukt onder een negatieve groei. Bulgarije heeft aan de hand van het IMF, dat het land drie jaar geleden onder `curatele' plaatste door een currency board in te stellen (strikt monetair toezicht door het IMF), net het hoofd boven water weten te houden. Belangrijke economische hervormingen zijn in beide gevallen uitgebleven omdat de regeringen ze sociaal niet aandurfden. Sluiting van verliesgevende fabrieken betekent in veel gevallen dat een hele stad op straat komt.

Het perspectief van Europese integratie heeft de zaken wezenlijk veranderd. De pijnlijke en moeizame ingrepen hebben een concreet doel gekregen: lid worden van de interne Europese markt. In landen waar een groot deel van de bevolking onder de armoedegrens leeft is dat een belangrijke stap in de richting van het land van melk en honing.

Wat natuurlijk nog niet betekent dat de nieuwe Roemeense premier Mugur Isarescu het gemakkelijk zal krijgen als hij zijn land volgend jaar na jaren van economische krimp weer een positief groeicijfer wil geven en de inflatie van ruim 50 procent wil halveren. De Roemenen zullen na tien jaar van gestage neergang opnieuw de broekriem moeten aanhalen. Een lastige boodschap aan de vooravond van een jaar waarin zowel parlements- als presidentsverkiezingen gehouden zullen worden. De Bulgaren gaan korte tijd later naar de stembus. Electorale overwegingen zullen ook daar de regering parten spelen.

Van groot belang zijn daarom de extra Europese miljoenen die naar de twee landen zullen gaan stromen in het kader van de voorbereiding op het lidmaatschap. Zowel practisch als psychologisch: de regeringen krijgen iets meer armslag en de kiezers zouden moeten kunnen zien dat zij niet de enigen zijn die een bijdrage leveren.

Tien jaar na de val van het communisme is de stemming in Roemenië en Bulgarije er niet vrolijker op geworden. Terwijl de omliggende landen langzaam maar zeker uit het moeras kruipen, zijn deze twee flink achtergebleven. Om hun achterstand nog eens te accentueren geldt voor Roemenen en Bulgaren – tot hun intens ongenoegen – bovendien nog steeds een visumplicht voor de landen van de EU.

Daar zou na de top in Helsinki verandering in moeten komen. De landen mogen meepraten, al blijft de visumplicht voorlopig nog even van kracht. De verwachting is wel dat ook die op termijn zal worden opgeheven. De Roemeense president Emil Constantinescu en de Bulgaarse premier Ivan Kostov hebben inmiddels flink de bezem door hun regeringen gehaald. In Roemenië is bovendien een leider van het onderhandelingsteam benoemd. De nieuwe teams moeten gaan doen wat ettelijke regeringen vóór hen niet voor elkaar kregen: het mes zetten in de verliesgevende zware industrie. Het jaar 2000 zal ongetwijfeld opnieuw een moeilijk jaar worden, maar samen met Brussel moeten Boekarest en Sofia proberen het Europese perspectief helder te houden.