`Gaten in geheugen van politici en bestuurders'

Ex-gedeputeerde G.Brouwer, man achter de ondernemende provincie Zuid-Holland die aan het bankieren sloeg, spreekt voor het eerst over de Ceteco-affaire. Waarom willen Patijn en Van Thijn niet meer weten wat ze vijf jaar terug omarmden?

Al die tijd heeft hij gezwegen. Niet dat het gemakkelijk was. George Brouwer (51), de oud-PvdA-gedeputeerde die verantwoordelijk is gesteld voor de bankiersaffaire bij de provincie Zuid-Holland, voelde zich de laatste maanden als een opgejaagde kip. ,,Het was niet mooi meer'', zegt hij. ,,Televisierubrieken richtten de camera op mijn lege huiskamer: hier woont hij nou. Ze wurmden zich onder valse voorwendsels naar binnen: dat er iets ergs met mijn familie was gebeurd. En elke vereniging waar ik de afgelopen twintig jaar in het bestuur zat – dat zijn er nogal wat – is door verslaggevers benaderd: of ik daar soms ook riskante leningen afsloot?''

In twaalf maanden zag hij zijn reputatie naar de knoppen gaan. En zijn baan. Het jaar begon hij nog als lid van Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland met financiën als zijn portefeuille. Hij zou zijn tiende begroting gaan maken. Daarvoor werkte hij, opgeleid als econoom en fiscaal jurist, aan de reorganisatie van de belastingdienst. Leuker kon-ie het niet maken, wel makkelijker: zijn marktwaarde als `veranderingsmanager' steeg er enorm. Februari 1999, vlak voor de verkiezingen van Provinciale Staten, stapte hij over naar KPMG, waar hij de overheidspoot versterkte. 's Zomers kwamen de Ceteco-leningen en bankierspraktijken van de provincie Zuid-Holland naar buiten: ze waren onder zijn hoede begonnen. Zijn nieuwe werkgever, KPMG, vond dat hij beter kon zwijgen. En toen de commissie-Van Dijk enkele maanden later de vloer aanveegde met de ondernemende mores ten provinciehuize, vond KPMG dat hij beter kon gaan. ,,Ik was een vlek op het blazoen van de onderneming.''

Het heeft hem gefrappeerd hoezeer het geheugen van politici en bestuurders het laatste half jaar gaten vertoonde. Brouwer: ,,Vanaf 1993, toen het college van GS nog werd geleid door Schelto Patijn als Commissaris van de Koningin, is door de provincie bewust gekozen voor een cultuuromslag. Ik was daar de trekker van, maar het hele college, ook een man als Patijn, steunde dat redelijk enthousiast.'' De grondgedachte was simpel. ,,We wilden af van de ouderwetse, introverte overheid. Het bestuur moest er voor de mensen zijn. Niet voor vergaderingen. Dat was werk voor ambtenaren, die we meer ruimte gaven bij de uitvoering van beleid. Zo kreeg het bestuur tijd om met de echte problemen van burgers bezig te zijn.''

Brouwer, sociaal-democraat in hart en nieren, was geïmponeerd door het Derde Weg-denken van Ted Gaebler, co-auteur van Reinventing Government. Het boek dat Bill Clinton in de VS aanwendde om de overheid ondernemender en sterker te maken. ,,Het heeft pijn gedaan dat Gaebler is neergezet als een Emile Ratelband. Gaebler heeft inspirerende ideeën over de inrichting van de overheid. Ed. van Thijn haalde hem hier destijds binnen. Gaebler heeft zich ongans gereisd door Nederland. Hij kreeg een groot onthaal in PvdA-kring. Hij vertelde dingen die we als PvdA bijna waren vergeten: dat de overheid, mits goed georganiseerd, wel degelijk krachtig in het maatschappelijk verkeer kan interveniëren.''

Brouwer ging zelf in de VS kijken. ,,Het sprak mij zó aan! Geef de mensen een stem, zei Gaebler, laat je leiden door doelen in plaats van interne kwesties, wees efficiënt, voorzie in de behoefte van burgers, decentraliseer: profileer je als een frisse, sterke overheid.''

In Zuid-Holland, waar al sinds de jaren zeventig een coalitie van PvdA en VVD opereerde, belette een politiek taboe een grotere regie van de overheid op het maatschappelijk leven. De VVD wilde geen hogere belastingen. Dus vroeg Brouwer zijn ambtenaren naar alternatieven om de provinciekas te spekken. Zo werd hij door treasurer Baarspul in 1995 gewonnen voor de gedachte om geld met geld te maken.

Het was reinventing government in alle opzichten. En Brouwer kende het denken van Gaebler van haver tot gort, dus geen seconde kwam het in hem op om Baarspul in zijn werk te storen. Het verwondert hem nu nog dat Statenleden afgelopen zomer vroegen: waarom bemoeide GS zich niet intensiever met de treasury? Brouwer: ,,Dat zou in strijd zijn geweest met alle gemaakte afspraken van GS met de Staten: wij deden het beleid, de ambtelijke top de uitvoering.''

Meest omstreden aan het besluit uit 1995 dat de provincie zich actiever zou gaan bewegen op de geldmarkt, was dat het achter gesloten deuren werd genomen. Onderzoeker Van Dijk, (die jarenlang anderhalve straat van Brouwer woonde: ,,Hij kende me alleen niet''), was daar uiterst kritisch over. GS hadden, aldus Van Dijk, een democratische grondregel aan de laars gelapt. De werkelijkheid, zegt Brouwer nu, was minder hoogdravend.

,,Ik heb het voorstel destijds naar GS gestuurd met als oogmerk het besluit openbaar te maken. In de vergadering bleek Leemhuis tegen. Zij stond alleen. Toen hebben wij in GS, uit elegantie voor haar, gezegd: oké, het is vervelend als naar buiten komt dat een zo kort zittende CdK meteen al beschadigd is, we houden het vertrouwelijk.''

Provinciale politici wendden die geheimhouding aan om hun kennis van het bankieren te maskeren, zegt Brouwer. ,,Ook de VVD, die in de zomer zo'n grote mond had, wist heel goed wat besloten was.''

Nog steeds benadrukt Brouwer dat hij niet de bedoeling had provinciegeld aan ondernemingen te lenen. Toch stond dat in enkele interne nota's. ,,Ik heb daar overheen gelezen. Fout van mij. Het is niet zonder gevolgen gebleven.'' Een grotere fout, zegt Brouwer, is dat de ondernemende werkwijze niet gepaard ging met een intensievere controle op de ambtenarij. ,,Dat hebben we niet doordacht. Hadden we wel moeten doen. Als je zoiets nieuws begint, moet je heel scherp kijken: ben ik hierop toegesneden?''

Maar de oplossing die onderzoeker Van Dijk aandroeg – een terugkeer naar een op strakke procedures gerichte overheid – schrikt hem af. ,,Dan herstel je de oude situatie. Dan ben je weer alleen met de binnenwereld bezig en kom je als overheid altijd te laat als de burger je nodig heeft.'' Want ondanks het Ceteco-debacle moet de overheid risico's blijven nemen, vindt Brouwer. En wel degelijk mag men streven naar de verwerving van winst uit publiek ondernemerschap. ,,Als een bedrijf een schaars goed aanbiedt, wordt er ook een stevige prijs gerekend. Waarom dan niet de overheid?''

Wel heeft de Zuid-Hollandse affaire duidelijk gemaakt dat overheden tevoren helder moeten maken welke risico's ze lopen. ,,Er worden miljarden in een tweede Maasvlakte gestopt. Ben ik vóór. Maar het is goed dat men erbij zegt: wij lopen hier dit risico. Als we dat in Zuid-Holland hadden gedaan, was er minder duikgedrag en opwinding ontstaan.''

Vraag is of Brouwer zijn denkbeelden nog kan verwezenlijken. Sinds oktober zit hij thuis. Vanaf volgend jaar hoopt hij weer aan de slag te kunnen. ,,Ik wil iets in de sfeer van de overheid: advieswerk, een project managen. Voor het eerst in mijn leven zit ik zonder werk, en moet ik afwachten of de wereld nog wat van mij wil.''