`Eten is hier onbetaalbaar'

Roemenië is een van de nieuwe kandidaat-landen voor toetreding tot de Europese Unie. Adela Cre¸toiu heeft er geen vertrouwen in dat dit lidmaatschap ook maar iets zal verbeteren aan de bittere armoede in het land.

De flat van Adela Cre¸toiu ligt aan de rand van Timisoara. Een verlaten wijk met op het oog half afgebouwde flat waarboven duizenden zwarte kraaien cirkelen. Een paar haltes verder met de bus begint het bos en stroomt de totaal vervuilde rivier Bega. Adela (39) is laborante en woont met haar twee zoons Adrian (12) en Theodor (7) op een kale tweekamerflat. De jongens slapen op een uitklapbank in de huiskamer. Adela heeft een eigen slaapkamer.

De vader van de jongens is kort na de geboorte van de jongste verdwenen. Hij is werkloos en speelt verder geen rol meer. Adela staat er in haar eentje voor. Ze is afgestudeerd biologe maar heeft nooit echt haar vleugels uit kunnen slaan. Eerst was er het regime-Ceausescu, later de economische crisis. Ze heeft genoegen moeten nemen met een baantje als laborante op het ziekenhuis van Timisoara. Ze test specimen op besmettelijke ziektes als tbc, aids en hepatitis. Het is heel gevaarlijk werk, vertelt ze. ,,Het ziekenhuis heeft geen geld voor beschermende handschoenen en brillen. Zelf heb ik daar longontsteking opgelopen, verschillende collega's hebben hepatitis b, a en c, twee van ons zijn seropositief en eentje heeft aids omdat ze bloed in haar ogen had gekregen.'' Adela krijgt een `gevarentoeslag' van 15 procent. Dat brengt haar maandsalaris op 1,4 miljoen lei, omgerekend nauwelijks 180 gulden.

Ruim de helft daarvan gaat op aan verwarmings- en waterkosten. Het zijn vaste bedragen die berekend worden voor het aantal mensen dat de flat bewoont. Maar dat betekent niet dat de flat ook warm is. 's Winters trekt de familie zich regelmatig terug in de keuken en verwarmt zich aan het gasfornuis. Het is de enige gegarandeerde warmtebron. ,,Wel een beetje gevaarlijk, maar het is niet anders.''

Voor voedsel blijven maar en paar tientjes per maand over. ,,Eten is hier onbetaalbaar. Worst en boter kunnen we ons nauwelijks veroorloven.'' De jongens krijgen 's ochtends naar school boterhammen mee met één plakje vlees erop. Koken doet Adela vooral met afvalvlees. Botten met een beetje vlees eraan. Het dagelijks dieet bestaat uit brood, bonen, aardappels en een beetje kool. Eens per maand komen haar ouders uit hun dorp met een paar eieren van hun eigen kip. Fruit is te duur. ,,Een kilo appels kost hier wel 10.000 lei (1,15 gulden) en daar zitten er daar gaan dan maar vijf of zes stuks in'', zegt ze verontwaardigd.

Behalve voor voedsel komt Adela nooit in een winkel. De kleren die zij en haar kinderen dragen zijn allemaal tweedehands. Haar mooiste trui, zij heeft hem speciaal voor het interview aangetrokken, komt van een buitenlandse hulpzending. ,,Op een dag kwam er een vrachtwagen bij het ziekenhuis vol met kleren uit het Westen.''

De jongens zitten doodstil aan tafel als Adela het verhaal van hun gezin vertelt. Speelgoed is er niet. De boeken in de boekenkast zijn aan flarden gelezen. Adrian, de oudste, blijkt een enthousiast amateur-bioloog. Hij laat een schrift zien met tientallen diersoorten die hij met engelengeduld heeft overgetekend uit een boek van zijn moeder. Hij houdt van natuurfilms op de televisie maar kan die thuis niet zien. Voor Discovery moet hij op de kabel zijn en die kan Adela zich niet veroorloven. Ze krijgt tranen in de ogen als ze vertelt dat de kinderen op deze manier hun horizon niet kunnen verbreden. Ze zitten met elkaar in de kale flat gevangen. Het enige vertier dat ze zich kunnen veroorloven is het bos even verderop.

,,Ons rest niets anders dan doodgaan'', zegt ze bitter. Adela is kwaad op de politici die met haar leven experimenteren. ,,Ze gebruiken ons als proefdieren om te kijken hoeveel honger we kunnen hebben, hoeveel kou en hoeveel stress.'' Over een toekomstig Roemeens lidmaatschap van de Europese Unie maakt ze zich geen enkele illusie. De problemen zijn te groot. De staatskas is leeg, het onderwijs en de gezondheidszorg zijn failliet. ,,Hier kunnen we niet van leven en ander werk vinden kunnen we ook niet. De fabrieken gaan stuk voor stuk dicht en elke dag komen er meer mensen op straat. Kinderen vragen zich af waarom ze naar school moeten als ze toch geen werk kunnen vinden.'' Adela voelt zich vergeten en boos. ,,Die EU is een verhaaltje, dat is geen realiteit voor ons.''

Dit is het derde deel van een serie over gezinnen in landen die op de nominatie staan voor het lidmaatschap van de Europese Unie.