Beeldende kunst

Wim van Krimpen is directeur van de Kunsthal in Rotterdam, van het Fries Museum en van de Princessehof in Leeuwarden.

,,Wat me fascineert op wereldniveau is de globalisering van de beeldende kunst. De B.V. Guggenheim is de kunstwereld aan het overnemen. De B.V. Getty stelt zich nog bescheiden op, maar de B.V. Guggenheim is het voorbeeld van multinational kunstimperialisme geworden, met de B.V. Saatchi in het kielzog. Amerika liep altijd achter Europa aan. Dat is omgedraaid. Veel Europese steden reizen naar New York om een Guggenheim-filiaal binnen te halen. En dat gaat ten koste van de kleine initiatieven, onmisbare haarden van verzet, die uit het zicht verdwijnen. In Nederland is de B.V. Van der Ploeg onrustbarend in opkomst, een nieuwe, nationale Kombrink (wethouder cultuur Rotterdam, red.), met nogal verouderde ideeën over de maakbare kunstwereld. Hij wil vooral dat musea leuk en gezellig worden, en daar geloof ik niet in. Al die musea kruipen nu bang in hun schulp omdat ze op zijn manier aan de slag moeten. Hij wil het Beeldinstituut naar Rotterdam halen, een onzalig idee. Het heeft alles met politiek en niets met de werkelijkheid te maken. Waarom zouden die instituten daar wèl samenwerken, terwijl ze het nu niet doen? En dan moet straks die enkele bezoeker zeker per roeiboot naar de Kop van Zuid reizen. Nee, zo'n Beeldinstituut in die opzet moet er nooit komen. Hef het Filmmuseum op, geef het vertoningsrecht aan het Vondelpark en zet in Utrecht een bedrijfspand neer voor beheer en behoud van film en fotografie. Verder begrijp ik dat er media-kunst in opkomst is. Critici zijn blijkbaar wat in de war aan het eind van een eeuw. Media hebben weinig met kunst uitstaande. Zij die een mooi schilderij kunnen maken zullen op de langere termijn de échte winnaars zijn. De komende tijd ga ik Van der Ploeg en Kombrink teleurstellen. Het Fries Museum wordt nog Frieser en het Princessehof begeeft zich verder in de keramiek . De Kunsthal blijft wat-ie is: een niet te beïnvloeden onruststoker. Oja, die plus bij die zes voor Nederland is voor Van der Ploeg. Je komt hem overal tegen, hij maakt zich er bepaald niet van af.''