Het nieuws van 22 december 1999

ZALM UIT HET MANDJE

Over gevlochten stoommandjes van bamboe schreef ik al eerder op deze plaats. Ze komen in diverse maten en zijn verkrijgbaar bij Chinese winkels of avontuurlijke keukenwinkels. Chinese stoommandjes zijn praktisch in gebruik omdat ze stapelbaar zijn en met z'n allen een deksel delen. Koop een handzame maat, die precies past op een kookpan. Of plaats, zoals Chinezen dat doen, de stoommand in een wok zodat iedere maat kan worden gebruikt omdat de mand nooit de bodem van de pan kan bereiken. Bereiding: Snijd de zalmfilets in 12 repen van circa 5 cm breed. Vermeng 1 1/2 eetlepel citroensap met de olie en giet dit op een groot bord. Snijd 12 flinterdunne plakjes af van de gemberwortel. Wentel de stukken zalm door het oliemengsel op het bord, bestrooi ze met zout, peper en peterselie en leg op elk stuk zalm een plakje gemberwortel. Laat de zalm een uur (of langer) marineren op een koele plaats. Snijd het dikke deel van de nerf uit 12 mooie grote bladeren van de krop romaine. Rol ieder stuk zalm (inclusief kruiden) in een slablad. Verdeel de vispakketjes over 2 stoommandjes en leg ze dicht tegen elkaar aan. (Tot zover eventueel de voorbereidingen.) Laat 100 gram boter langzaam smelten in een pannetje op zeer laag vuur. Neem de pan van het vuur, schuim het oppervlak af en giet de glasheldere boter langzaam over in een kannetje zodat een eventueel bezinksel van neergeslagen melk-eitwitten kan achterblijven. Roer het resterend citroensap door de geklaarde boter en houd de boterdressing warm. Plaats de gestapelde stoommandjes (met het deksel erop) op een pan met een bodempje kokend water. Stoom de zalm in 10 minuten gaar en verwissel de stoommandjes halverwege van plaats, zodat de onderste boven eindigt. Geef er een gekookt aardappeltje of basmatirijst bij. Serveer de warme boterdressing apart. Een knapperige venkelpuree past nog beter bij dit geurige visgerecht. Daarover een volgende keer.

DE KIFT

Knoestige mannen van onbestemde leeftijd vormen samen De Kift, een muziekgezelschap van het Noord-Hollandse platteland dat het midden houdt tussen een toneelgezelschap, een amateur-zangkoor, een dorpsfanfare en een popgroep. Hun cd-verpakkingen zijn kleine kunstwerkjes. Na het sigarenkistje van Krankenhaus en het scheepslogboek van Gaaphonger is het nieuwste Kift-album Vlaskoorts vermomd als een Oudhollandse portretlijst. De cd gaat vergezeld van een uitgebreide literatuurlijst, die in tegenspraak lijkt met de boerse tongval van zanger en tekstschrijver Ferry Heyne. Flannery O'Connor, Jan Arends, Nicolaj Gogol, Wolfgang Borchert en nog een hele rij anderen leverden inspiratie voor een `muzikaal familieportret' met hortende fanfaretoeters en voortploegende waaiboomhoutgitaren, overgebeleven uit de tijd dat ze een punkgroep waren uit de periferie van The Ex. De Kift excelleert in een aardse vorm van surrealistisch muziektheater en de luisteraar wordt meegevoerd naar een geheel eigen werkelijkheid, waarin de wereldliteratuur samenkomt met een Oerhollandse volksvertelling. Het verhaal van Vlaskoorts laat zich niet makkelijk samenvatten, maar liedje voor liedje ontvouwt zich een duistere droomwereld waarin hoofdpersoon Teerwater doolt door een `bierflessengroen' landschap, dat ergens tussen Oost-Knollendam (het bestaat echt!) en het hiernamaals gesitueerd moet zijn. Geluk is niet te koop, waarschuwt De Kift, maar in de vorm van het fabelachtige Vlaskoorts geven ze het graag in permanente bruikleen.