Lachen om lelijkheid in `Hoop en glorie'

Moeder Leentje en haar zoon Sjoerd slijten hun dagen achter een zwart marmeren vensterbank volgepropt met stenen hondjes, poesjes en paarden en hier en daar een onvermijdelijke cactus. Je ziet ze zitten aan de keukentafel, de 28-jarige zoon met een bord witte boterhammen met smeerkaas voor zich en de verlepte alcoholische moeder met een fles wijn binnen handbereik, en het is duidelijk dat ze zo al vele jaren samen doorbrengen. Sjoerd, eenzelvig en meisjes-schuw, is nooit van zijn moeder losgekomen, toch hoopt zij nog altijd dat hij aan iemand zal blijven `haken'. Als er op een dag een nieuw buurmeisje komt wonen slaat haar fantasie op hol: dit is hun kans, eindelijk een vrouw voor haar zoon, maar Sjoerd staart bleu door zijn roze brillenglazen en hangt als verlamd in zijn stoel.

Hoop en glorie op de dag van de heilige drie-eenheid lijkt aanvankelijk een rauw-realistisch huiskamerdrama maar neemt al gauw de vorm aan van een groteske tragi-comedie waarin de bloemrijke, wonderlijk verwrongen taal vol licht ontspoorde zinnetjes van Hans van den Boom een belangrijke rol speelt. Van den Boom, vooral bekend als schrijver en regisseur van jeugdtheater, heeft nu voor zijn eigen groep Stella in Den Haag een voorstelling voor volwassenen geschreven en geregisseerd die je doet uitzien naar een volgende volwassenenproductie van zijn hand. Zijn woordgebruik wordt gekenmerkt door overdaad en herhalingen – er gaat iets bezwerends van uit dat dwingt tot luisteren.

De meeste tekst is voor Marije Idema als moeder Leentje. Ze ratelt lange monologen waarin ze heen en weer schakelt tussen hysterische blijdschap en vertwijfeld snikken op de keukenvloer. Tot haar droefenis ziet ze haar eigen mislukte leven herhaald in haar zoon. Ze vertrapt en vernedert hem, ook in het bijzijn van anderen, maar tegelijk bidt ze voor hem om een ,,eigen huisje, meisje en kindje''. Sjoerd (Peter Reijn), een slappe dweil die thuis grofgebekt tekeer gaat maar buiten te verlegen is om een meisje aan te spreken, haat zijn moeder zo grondig dat hij haar op een kwaad moment met een zelfgemaakt brouwsel om het leven brengt.

De figuranten in dit absurde en morbide portret van een moeder en zoon zijn het buurmeisje Annie (Ellen de Man Lapidoth), een mooie, geile meid die maar al te graag uit de kleren gaat, haar gehandicapte, onverstaanbare klanken uitstotende vader (Bas Heerkens) en een hitsige vriend van Sjoerd (Ellik Bargai). Alledrie zijn het enigszins karikaturale types die goed passen in de uitvergrote situatie van het stuk. Het is dankzij die door regisseur en spelers consequent gehandhaafde uitvergroting dat er met regelmaat te lachen valt om alle lelijkheid, troosteloosheid en vunzigheid in Hoop en glorie.

Voorstelling: Hoop en glorie op de dag van de heilige drie-eenheid door Stella. Tekst en regie: Hans van den Boom. Spel: Marije Idema, Peter Reijn, Ellik Bargai, Ellen de Man Lapidoth, Bas Heerkens. Gezien: 16/12 Stella Theater Den Haag, aldaar t/m 29/1. Res. (070) 330 70 80.