Gevraagd: lege batterijen

Er is geen batterijenberg meer. Althans niet bij de bedrijven die gebruikte lege batterijen verwerken. Maar wel zijn er kleine bergjes in de Nederlandse huishoudens. We potten te veel en te lang op.

,,Nog steeds denken veel Nederlanders dat de batterijen die ze apart inleveren later gewoon bij het huisvuil gekieperd worden'', zegt mr. W.R. van Alphen de Veer, directeur van Stibat, Stichting Batterijen in Zoetermeer. ,,Dat is echt niet zo. De grondstoffen worden keurig hergebruikt. Maar Nederlanders geloven dat niet. In veel huisgezinnen staat een pot waarin de oude batterijen worden bewaard. Die pot staat toch niet in de weg, denken de mensen. Maar ik roep altijd: doe dat nou niet. Lever die batterijen in. Dan kunnen wij die oude, milieuonvriendelijke batterijen tenminste verwerken. Hoe langer dat duurt, hoe moeilijker.''

Uit onderzoek blijkt dat een groot deel van de batterijen bij de huishoudens achterblijven. Gemiddeld zouden de huishoudens 17 batterijen op voorraad houden: oude, nieuwe en halfvolle. Van Alphen: ,,Daar zitten vaak ook nog oude, kwikhoudende batterijen bij. Graag zouden we die uit de circulatie willen nemen. Maar dan moeten ze wel ingeleverd worden''

Voor de consument is het bewaren van wat batterijtjes nauwelijks een probleem. Het probleem is eerder een inzameldepot te vinden. Van Alphen: ,,Dat zou toch langzamerhand niet echt een probleem mogen zijn. De winkels die batterijen verkopen, moeten ze ook weer innemen. Bovendien zijn er op allerlei openbare punten batterijcontainers. Het is vaak eerder gemakzucht: oude kranten en glas liggen in de weg, maar een stopfles met batterijen... Toch moeten mensen er niet te luchtig over denken. Heel oude batterijen gaan lekken en de elektrolyt kan heel agressief zijn.''

Toen de Stibat in 1994, op last van de overheid, met inzamelen begon, stuitte de stichting op grote problemen. De sorteermachines bij de AVR in de Botlek konden de stroom niet aan en er ontstond een batterijenberg van circa twee jaar. ,,Maar die voorraad is nu helemaal weggewerkt'', zegt Van Alphen, ,,we hebben zelfs overcapaciteit. Het was de bedoeling dat in 1998 negentig procent van de batterijen gerecycled zou worden. Het is 77 procent geworden. De bottleneck is de consument die niet inlevert.''

Jaarlijks worden in Nederland 150 miljoen batterijen gekocht. Ieder jaar groeit dat aantal met 4 procent. Hoewel sommige batterijen weinig milieuschade zouden veroorzaken als ze in de vuilnisbak belanden, worden ze toch gerecycled. Van Alphen: ,,Er bestaan zoveel soorten batterijen. Het valt de consument niet uit te leggen. Sommige batterijen, zoals de nikkelcadmium-batterij, zijn zeer milieuschadelijk. Daarom recyclen we ze maar allemaal.''

Om de recycling mogelijk te maken moeten de circa vijfhonderd batterijen-importeurs per batterij een zeker bedrag aan Stibat betalen. Voor een penlight-batterij is dat 6 cent per stuk – op een consumentenprijs van circa twee gulden is dat niet veel. Volgens opgave van Philips, Varta en Duracel varieert de recyclingsbijdrage tussen 1,9 en 4,5 procent van de kostprijs. Van Alphen: ,,Voor die bijdrage moeten we een heleboel doen. Eerst worden ze handmatige gesorteerd in Ermelo – de afwijkende types zoals allerlei packs (samengestelde batterijen, meestal speciaal voor een apparaat ontwikkeld) worden eruit gehaald. Daarna gaat de bulk naar de AVR in de Botlek, waar een computergestuurde sorteerder staat. Die deelt ze in naar afmeting en naar gewicht en daaruit volgt dan vanzelf het type. Dat gaat voor meer dan 99,8 procent goed.''

Het grootste deel kan in Nederland verwerkt worden. De zinkkoolstofbatterijen (42 gewichtsprocent) worden bij Nedstaal in Alblasserdam in een productiestap bij de fabrikage van staal verbrand. De alkaline batterijen gaan naar Frankrijk, waar het mangaan bij de ijzergieter AFE wordt hergebruikt. Ook in Frankrijk wordt cadmium gesmolten uit de de nikkelcadmiumbatterijen. De meeste knoopcellen gaan naar Zwitserland. Van Alphen: ,,En dat wordt weer geleverd aan batterijenfabrikanten. Cadmium is daardoor al vrijwel een gesloten kringloop geworden.''

Lood uit loodaccu's is zoveel waard dat recycling nooit een probleem is geweest. Alleen voor sommige nieuwe batterijtypen, zoals nikkelmetaalhydride, is nog geen goed proces gevonden.

In de milieubeweging gaan stemmen op om de herlaadbare nikkelcadmiumbatterij te weren en te vervangen door nikkelmetaalhydride. Van Alphen: ,,Misschien dat het mogelijk is, maar ik vind het niet verstandig. De NiCad-batterij heeft eigenschappen die hem voor speciale taken vrijwel onvervangbaar maken. Maar ik zie het nut van een verbod ook niet in. We hebben een redelijk gesloten kringloop, er komt nauwelijks cadmium in het milieu. Schaffen we de verkoop af, dan zit je toch met een grote voorraad bij de consument. En wij weten dat het vele, vele jaren duurt voordat die bij ons terugdruppelt. En waar laten we al die gerecycelde cadmium als er geen cadmium meer gebruikt mag worden? In een depot?''