`Een organist moet ook religieus zijn'

Gustav Leonhardt luidt kerst dit jaar in met concerten rond Bach en Sweelinck. Leonhardt: ,,Hoe is het mogelijk dat muziek die zo gecompliceerd is, toch zo diep ontroerend kan zijn?''

In het monumentale Amsterdamse grachtenpand dat Gustav Leonhardt (71) al bijna dertig jaar bewoont, regeert een gewijde stilte. Die rust is hem bijzonder lief, vertelt hij. Zoals veel musici, lijkt Leonhardt te leven in muziek of stilte. Tussenliggende nuances verkleuren in zijn nabijheid tot uitwassen van een tijd die aan de poorten van zijn huis is voorbijgegaan.

Door hoge, diepe gangen gaat Leonhardt voor naar de salon waar zijn klavecimbel staat. Een replica van een jaar of acht oud, gebouwd naar voorbeeld van een instrument van de bouwer bij wie ook Bach instrumenten bestelde. Een detail, maar een essentieel detail. Voor Leonhardt is en blijft Bach de Allergrootste. De organist/ klavecinist/ dirigent en nestor van de authentieke uitvoeringspraxis in Nederland is zuinig met zijn superlatieven, maar voor de muziek van Bach zijn mindere woorden simpelweg onwaardig.

Dezer dagen dirigeert Leonhardt bij de Nederlandse Bachvereniging een kerstprogramma met werken van Bach en voorlopers. Morgenavond is hij in de serie Japan-Nederland 400 jaar in het Amsterdamse Concertgebouw te beluisteren met composities van Sweelinck. En traditiegetrouw klinkt zijn orgelspel op eerste kerstdag tijdens het `Kerstconcert bij kaarslicht' in de Nieuwe Kerk op de Dam in Amsterdam. Leonhardt speelt dan een programma met Bach én Sweelinck. ,,Totaal verschillende componisten, maar de vraag die hun werk bij mij oproept is dezelfde: Hoe kan muziek die zo gecompliceerd is, toch zo levendig en zo ontroerend zijn?''

Leonhardts waardering voor Sweelinck en andere voorlopers, navolgers en tijdgenoten van Bach, ontstond pas na zijn ontdekking van de meester zelf. In den beginne bestond er voor hem louter Bach. Vooral de Matthäus Passion maakte op hem `als jochie' een onuitwisbare indruk. Middagen en avonden luisterde hij ademloos toe in de Grote Kerk in Naarden. Hij bezocht de concerten, maar ook de repetities, want zijn vader was bestuurslid bij de Nederlandse Bachvereniging. Er vormde zich iets, een basis van de passie voor barokmuziek die Leonhardt nog steeds onversneden bezit en koestert. Door Bach wilde hij doorgaan in de muziek, door Bach koos hij voor orgel en klavecimbel. Waarom, daar zijn geen woorden voor. Hij glimlacht mysterieus. ,,Je kunt een genie niet omschrijven. Dat is nu juist het mooie.''

Jan Pieterszoon Sweelinck is weliswaar geen Bach, maar uit zijn muziek klinkt óók een zeer groot meesterschap, benadrukt Leonhardt. Het concert rondom de viering van vier eeuwen handel tussen Japan en Nederland brengt Sweelincks muziek naast Japanse werken van rond 1600. Een gelukkige maar eenvoudige keuze, vindt Leonhardt. ,,Uit de hele Gouden Eeuw is nauwelijks andere Nederlandse klaviermuziek bewaard gebleven dan die van Sweelinck! Hij had leerlingen die zijn werk kopieerden en mee naar het buitenland namen, en alleen daardoor heeft zijn muziek vrijwel als enige de Hollandse opruimwoede overleefd.''

Sweelincks klavecimbelmuziek is lichte kost voor huiselijk gebruik, waarschuwt Leonhardt. ,,Zijn kracht ligt vooral in de vocale muziek. De Psalmen of de Cantiones Sacrae. Sweelinck voorziet geestelijke teksten steeds van muziek met een enorme intensiteit. Maar ook de complexiteit en de levendigheid van zijn werk is ongelooflijk. Hoe bizar een werk ook is, de samenhang blijft altijd gewaarborgd. Sweelincks muziek ademt.''

Ondanks zijn pensioengerechtigde leeftijd rust Leonhardt niet op zijn lauweren. Per jaar geeft hij zo'n honderd concerten, het merendeel op orgel, een klein deel op klavecimbel. ,,Ik heb gewoon niets anders te doen'', licht hij toe. Bij de Nieuwe Kerk is hij sinds 1980 vast organist, zij het alleen voor concerten, want diensten worden daar niet meer gehouden. Oneindig jammer, vindt hij. ,,Ik ben een religieus mens, en geef er de voorkeur aan kerkorganist te zijn tijdens de dienst. Een organist moet ook religieus zijn, vind ik. Een ongelovige die voor geld een dienst begeleidt waarin hij niet gelooft - dat is pervers. Dat ik destijds zelf mijn baan als kerkorganist in de Waalse Kerk heb verruild voor een functie als vaste concertorganist van de Nieuwe Kerk, kwam vooral door het orgel. Dat is zo schitterend, dàt gaf de doorslag. Voor de diensten ga ik nu elke zondag naar de Westerkerk.''

Muziek hoort in de kerk, vindt Leonhardt. Hij staat bekend om enige rechtlijnigheid in het betrachten van de beginselen van de authentieke uitvoeringspraktijk. Een verzoek om stilte na afloop siert de programmaboekjes van uitvoeringen van de Matthäus Passion onder Leonhardts leiding. En voor de sopraan- en altsoli prefeert hij `jochies', zoals dat in Bachs tijd gebruikelijk was. ,,Ik heb geen principieel bezwaar tegen vrouwenstemmen, maar als er goede jongensstemmen te vinden zijn, heeft dat mijn voorkeur. Er is iets in die klank wat me raakt; een helderheid en een simpelheid, die niet is te overtreffen.''

Authentiek of niet, de liefde voor Bach komt op nummer één, al gaat de aandacht voor diens werk in het kader van het komende Bachjaar 2000 zelfs Leonhardt te ver. ,,Al anderhalf jaar krijg ik alleen maar aanvragen voor concerten met Bach. Ik word er gek van! Véél Bach spelen is goed, uitsluitend Bach is vreselijk. Ik heb alleen concerten toegezegd waarop zijn werk wordt gekoppeld aan dat van tijdgenoten of leraren. Dat geeft variëteit.''

Over de complete Bach-editie die drogistketen Kruidvat uitbrengt, oordeelt Leonhardt mild. ,,Als er daardoor ook maar één mens wordt wakker geschud, dan is het goed geweest. Een luisteraar die plots wordt getoucheerd door muziek die hij anders nooit zou hebben leren kennen: dat is een mooie gedachte. En als die drogist zich niet beperkt tot authentieke uitvoeringen vind ik dat jammer. Maar het is niet de essentie.''

Gustav Leonhardt: Klavecimbelwerken van Sweelinck, 21/12 Concertgebouw, Amsterdam. Res.: (020) 6718345. Orgelwerken van Bach, Sweelinck e.a., 25/12 14.30 uur. Nieuwe Kerk, Amsterdam. Res.: 0900-0191.