Driehoeksverhouding

De verhoudingen tussen bestuur, politie en justitie zijn gevoelig. Zeker in Amsterdam.

Onlangs op een receptie: ,,Ah, u bent officier van justitie'', zegt de wethouder. Zijn wangen beginnen te gloeien. Zijn pijp gaat uit zijn mond. Wethouder in de aanval. ,,Dan zal ik u eens wat vertellen.'' De toon doet al weinig goeds vermoeden. De officier glimlacht minzaam. Gedachten flitsen door zijn hoofd. Heb ik ooit iets met hem te maken gehad?

De wethouder roept boven het geroezemoes uit: ,,Ik ben een keer verhoord''. Dan een pauze. Fraude gepleegd? Dronken achter het stuur gezeten? Nee, het was niets persoonlijks. Het was bij de grote sanering van een al jaren sterk vervuilde locatie. En daarbij had de gemeente wellicht af en toe een verordeningetje overtreden. En hij, de wethouder, was daarvoor verantwoordelijk. Justitie had dat onderzocht. ,,Een paar uur lang, met van die mannen tegenover me'', vertelt de wethouder. ,,Doen we eindelijk iets aan die vervuilde grond, is het weer niet goed.'' Uiteindelijk was er onvoldoende geweest voor vervolging.

De officier mompelt nog iets van ,,wij moeten dat toch controleren'', maar de wethouder wil het niet horen. Het had hem alleen maar tijd gekost, en de sanering was er door vertraagd. Gelukkig heeft hij er nog iets van geleerd. Tijdens een verhoor moet je vaak zeggen dat ,,je het niet weet''. Dan kunnen ze je weinig maken.

De gevoeligheid kwam eerder openlijk naar voren bij de aanhouding van drie agenten in 1997 voor doodslag op een zwerver. In politiebureau Warmoesstraat brak toen een staking uit. En toen in het voorjaar in 1998 Marokkaanse jongeren in Amsterdam-West massaal slaags raakten met de politie, kreeg vooral de politie de schuld. Bij de politie zijn ze er nog boos, want had niet juist de gemeente het laten afweten in West?

De gevoeligheid werkt door tot in de Amsterdamse driehoek, het overleg tussen de burgemeester, de hoofdofficier en de korpschef. Vorig jaar liep het niet echt goed tussen burgemeester Patijn, hoofdofficier Vrakking en korpschef Kuiper. Twee weken geleden ging het weer mis. J. van Riessen, de tweede man bij de politie, zei dat een gebrek aan visie van de gemeente de Bijlmer nekt. Patijn reageerde getergd. Hij vroeg opheldering bij Kuiper. ,,Zand erover'', was Patijns commentaar daarna.

De plooien worden nog gladgestreken. Maar of dat het hele jaar 2000 blijft lukken is de vraag. De leden van de driehoek ,,hebben niets met elkaar'', zegt een politiefunctionaris. Dat is geen probleem zolang het goed gaat in de stad. Maar West en de Bijlmer blijven broeinesten. En er staat een voetbaltoernooi op het programma.

Uitlatingen die de hoogste justitiebaas De Wijkerslooth dit weekeinde deed over Vrakking zouden wel eens een zegen kunnen zijn voor de driehoek. De top van het openbaar ministerie wil de omstreden Vrakking weg hebben. Maar Vrakking piekert er niet over. En Amsterdam tegen de rest van het land: dat schept een band.