DE NIEUWE RITSMA'S MELDEN ZICH

In het weekeinde werden de contouren van een nieuwe lichting allroundschaatsers zichtbaar. Het trio Janmaat-Uytdehaage-Tuitert zit de kampioenen op de huid. ,,Wij zijn die jongens die aan de boom schudden.''

,,We komen er aan'', zei Mark Tuitert halverwege de Nederlandse kampioenschappen allround in Den Haag. Met `we' doelde hij aan de rand van het ijs op De Uithof op het driemanschap dat aan het einde van het toernooi de drie plaatsen achter het trio Romme-Ritsma-Postma bezette: nummer vier Sicco Janmaat (21), nummer vijf Jochem Uytdehaage (23) en nummer zes Tuitert (19), die vorige week op het sportgala van NOC*NSF werd gekozen tot het sporttalent van het jaar. In smoking stond hij in de schijnwerpers naast de gevierde topsporters Leontien van Moorsel en Pieter van den Hoogenband.

Twee jaar geleden stelde de uit Holten afkomstige Tuitert zich als eerstejaars A-junior ten doel mee te doen aan de NK voor junioren. Tot zijn eigen verbazing legde hij dat seizoen beslag op het zilver bij de WK voor junioren. Dit jaar liet hij zich op Noors ijs kronen tot wereldkampioen.

Over hun opvolging hoeven de gevestigde Nederlandse allroundschaatsers, tot wie sinds dit seizoen ook de nieuwe nationale kampioen Gianni Romme moet worden gerekend, zich geen zorgen te maken. Allereerst zijn er de twee ploeggenoten Janmaat en Uytdehaage, afkomstig uit respectievelijk Abcoude en Utrecht. Door oud-schaatser Eddy Verheijen werden ze in het gewest Noord-Holland-Utrecht klaargestoomd voor de kernploeg van Gerard Kemkers.

Tuitert maakt deel uit van Jong Oranje. Totdat de jongste van de drie veelbelovende allrounders begin dit jaar onder de vleugels kwam van bondscoach Jan de Kok trainde hij in het gewest Overijssel, werkte hij veel met zelfgemaakte trainingsschema's en was hij een succesvol skeeleraar. Bij de A-rijders in het skeelerpeloton, met onder anderen KC Boutiette en Erik Hulzebosch, boekte hij in de zomer van '98 acht zeges.

Uytdehaage over Tuitert: ,,Een eerlijke en een vriendelijke jongen.''

Janmaat over Tuitert: ,,Een onwijs aardige gozer, met veel talent. Een onwijs goeie allrounder.''

,,We zitten bovenop elkaars lip'', zei Uytdehaage gisteren in de kleedkamer over de strijd tussen de drie generatiegenoten. ,,Mark komt ten opzichte van ons nog wat tekort op de tien kilometer, verder zijn de verschillen klein.'' Na de tien kilometer was Uytdehaage van de drie medaillewinnaars op die afstand – naast de onaantastbare Romme en nummer drie Janmaat – het meest uitgelaten bij de huldiging. Met gebalde vuisten sprong hij op het podium toen zijn naam klonk. Armenzwaaiend draaide hij zich om, van de volle naar de bijna lege tribunes aan de andere kant van het stadion.

Uytdehaage: ,,Rintje zei een paar jaar geleden nog dat het NK een ballentoernooi was, maar dat zul je hem nu niet meer horen zeggen. Hij zal zich hier misschien niet leeggereden hebben, maar hij heeft er nu wel wat voor moeten doen. Als je op je lauweren gaat rusten, straffen wij dat met z'n drieën genadeloos af. Voor ons is het de kunst die jongens te verslaan; dat motiveert ons natuurlijk enorm. Elk jaar komen we een stukje dichterbij.''

Het was gisteren een bijzondere dag voor Uytdehaage, die onzeker aan het seizoen was begonnen maar de NK allround met een dosis zelfvertrouwen achter zich liet. Glimlachend: ,,Ik heb voor het eerst mijn naam op een spandoek gezien. Niet zaligmakend, het geeft wel een kick. Uytdehaage, niemand had van die naam gehoord. Mensen beginnen me zelfs te herkennen. Ook op televisie krijgen we aandacht. Wij zijn die jongens die aan de boom schudden. Nog één of twee jaar hebben we nodig. Dan kunnen we ze hebben.''

Tuitert over Uytdehaage: ,,Een jongen die zich door keihard trainen in de kernploeg heeft gevochten. Ik ben vooral onder de indruk van zijn vijf en tien kilometer.''

Janmaat over Uytdehaage: ,,Soms rijdt hij als een krant, maar hij weet wanneer hij er moet staan. Iemand die z'n spulletjes voor elkaar heeft.''

Janmaat heeft naar eigen zeggen veel te danken aan Eddy Verheijen. ,,Hij is de man die me gemaakt heeft. Hij heeft gezien dat ik talent had en heeft me leren schaatsen. We hebben er allebei hard aan gewerkt en wat ik tot nu toe heb bereikt zie ik als een overwinning van ons tweeën.'' Als een van de drie nieuwkomers vertelt Janmaat over een gezamenlijke taakopvatting. ,,Met z'n drieën kijken we naar Ids, Gianni en Rintje: die moeten we uiteindelijk verslaan. Zij zijn ons mikpunt. Wij hebben niks te verliezen, zij wel.''

Angst voor de frisse wind bespeurt Janmaat niet bij de kampioenen. ,,Ids ken ik vooral van trainingskampen, Rintje stelt zich collegiaal naar ons op. Ze zien ons zeker als de nieuwe generatie, maar het is niet zo dat ze voor ons terugschrikken. Je merkt juist dat ze waardering voor ons hebben. Vanzelfsprekend houden ze ons in de gaten. Ik ben niet voor niks bij Sanex gevraagd. Rintje weet dat daar voor hem ook een keer een opvolger moet komen. Zijn tijd is ook een keer voorbij. Maar op dit moment rijdt hij nog zo goed en heeft hij op het NK zo gecontroleerd gereden. Geen moment heeft hij een onzekere indruk op me gemaakt. Aan de ene kant moeten we afwachten hoe lang Rintje, Ids en Gianni nog aan de top blijven, aan de andere kant moeten we zien hoe wij ons ontwikkelen. Ik zie het wel rooskleurig in.''

Na afloop van het NK zette Janmaat zijn prille carrière even in historisch perspectief. ,,Hier heb ik altijd van gedroomd. Moet je nagaan. Vroeger was ik een fan van Rintje. Hij was er al bij op de Winterspelen van 1992 in Albertville. Nu schaats ik tegen hem, is hij mijn collega. Falko en Rintje waren vroeger ongrijpbaar. Voor mij zijn het nu gewone mensen geworden.''

Uytdehaage over Janmaat: ,,Een serieuze jongen. Op sportgebied een individualist, als persoon een sociaal mens. Stelt zichzelf doelen en gaat daar helemaal voor. We zijn goeie schaatsvrienden.''

Tuitert over Janmaat: ,,Kwam vorig jaar in één keer opzetten, begon gruwelijk hard te rijden. Is net als Jochem iets verder dan ik.''

De drie hebben hun studies voorlopig op een laag pitje gezet. Uytdehaage doet het even rustig aan op de Technische Hogeschool in Rijswijk, waar hij werktuigbouwkunde (productontwikkeling) studeert. Zijn hobby's rijken verder dan het veel voorkomende `tijdschriften lezen' en `uitgaan': zijn passie ligt behalve op het ijs ook bij industrieel ontwerpen en architectuur. Bij Janmaat komt zijn opleiding aan de Pabo momenteel op de tweede plaats, Tuitert probeert één keer per maand een tentamen HTS bouwkunde te doen.

Gedrieën ervaren Uytdehaage, Tuitert en Janmaat het seizoen 1999-2000 als een leerjaar. Bewust doorlopen ze dat bij de KNSB, omdat ze zich daar naar eigen zeggen rustiger kunnen ontwikkelen dan in de meer prestatiegerichte omgeving van de commerciële ploegen. Het contract van Uytdehaage en Janmaat, die na lang wikken en wegen een aanbieding van Sanex liet schieten, loopt tot en met de Winterspelen van 2002.

Tuitert legde een aanbieding van SpaarSelect naast zich neer. Aan zijn jaarcontract bij Jong Oranje zit een optie van twee jaar die hij waarschijnlijk bij de kernploeg zal volmaken. Hij heeft vertrouwen in bondscoach De Kok, zoals Uytdehaage en Janmaat bouwen op Kemkers. Tuitert: ,,Voor de Spelen komt er een nieuwe generatie aan en het zal er om spannen of ik Salt Lake City haal. Ik ben ongeduldig, zo snel mogelijk wil ik zo snel mogelijk. Het wordt knokken, maar dat kan ik ook wel.''

Uytdehaage: ,,2002 is nog ver weg. Eerst moeten we worldcups rijden, als het kan nog dit seizoen, om internationaal ervaring op te doen. Het jaar daarop zijn de Olympische Spelen. Ik denk dat we de goeie lijn te pakken hebben.''