Wouda maakt bij NK indruk op bijnummer

Twee Nederlandse records sneuvelden gisteren op de eerste dag van de nationale winterkampioenschappen zwemmen in Eindhoven. Marcel Wouda scherpte zijn eigen toptijd op de 100 meter schoolslag aan tot 1.02,45 (was 1.02,50), Inge de Bruijn deed hetzelfde op de 50 meter vlinderslag: 26,47 (was 26,53).

Niet de titels maar de tijden stonden gisteren centraal in De Tongelreep, de thuishaven van het Brabantse zwembolwerk PSV. Voor de genomineerde zwemmers geldt het driedaagse toernooi als de eerste mogelijkheid om deelname aan de Olympische Spelen, volgend jaar in Sydney, veilig te stellen. Om die reden wordt ditmaal in een (olympische) 50-meterbassin gestreden en niet, zoals gebruikelijk bij de winterkampioenschappen, in een 25-meterbassin.

Alle favorieten voldeden gisteren aan de opdracht om zich zo snel mogelijk te verzekeren van olympische deelname. Zo raffelde Pieter van den Hoogenband de 50 meter vrije slag af in 22,33 – ruim onder de limiet van 22,75 – daar waar 22,98 (vormbehoud) had volstaan voor de zesvoudig Europees kampioen, die gisteren ook de (niet-olympische) 50 vlinder op zijn naam schreef. Vandaag en morgen kan de kersverse sportman van het jaar plaatsing afdwingen op de 100 en de 200 vrij.

Ook Inge de Bruijn (50 vrij), Kirsten Vlieghuis (400 vrij) en Marcel Wouda (200 wissel en 100 school) voldeden met opvallend veel gemak aan de selectiecriteria van NOC*NSF. Gezelschap kregen de drie routiniers van twee jongelingen: Mark Veens (tweede in 22,89 op de 50 vrij) en Chantal Groot (tweede in 26,03 op de 50 vrij).

Van het zestal maakte Wouda gisteren de meeste indruk. Op de 100 school, niet meer dan een bijnummer voor de nestor van de nationale ploeg, bleef hij de concurrentie ruimschoots de baas. Zo imponerend was het optreden van de 27-jarige Brabander dat Nederlands enige specialist op de schoolslag, Benno Kuipers, moet vrezen voor zijn plaats in de olympische equipe.

Desondanks verklaarde Wouda na afloop geen interesse te hebben om in Sydney uit te komen op de 100 school. Met zijn krachtsexplosie wilde hij vooral zijn plaats in de 4x100 wisselslagestafette veiligstellen, zo benadrukte hij. ,,Beter nu een goede tijd dan straks een hoop discussie over de vraag wie er mee mag doen in de estafette.''

Op de individuele nummers richt Wouda zijn aandacht over negen maanden op de onderdelen die hij als zijn specialiteit beschouwt: de 200 en de 400 meter wisselslag. Vraag is echter of de Europees en wereldkampioen (200 wissel) er niet verstandiger aan doet om de loodzware 400 wissel te schrappen ten faveure van bijvoorbeeld de 200 school, het nummer waarop hij zich kan meten met de wereldtop.

Wouda worstelt sinds een maand of drie met een slijmbeursontsteking in de linkerschouder. Daardoor ontbreekt het hem aan kracht en inhoud om voldoende duurvermogen op te bouwen. Om die reden moest de reus uit Uden twee weken geleden de 400 wissel laten schieten bij de US Open. Hetzelfde overkwam hem vorige week bij de Europese kampioenschappen kortebaan in Lissabon. Gisteren kondigde Wouda aan ook in Eindhoven af te zullen zien van deelname wat als het zwaarste nummer uit de zwemsport wordt beschouwd.

Wouda hoopt de komende weken te herstellen om vervolgens de trainingsintensiteit weer op te voeren. Maandag meldt hij zich in het Sint Anna-ziekenhuis in Geldrop, waar chirurg Cees-Rein van den Hoogenband hem opnieuw aan een onderzoek onderwerpt. ,,Voorlopig zet ik de 400 wissel nog niet uit mijn hoofd'', zei Wouda gisteren, daarin gesteund voor zijn coach, Jacco Verhaeren. ,,Het is mijn nummer, daar liggen mijn kansen.''

Enige dissonant in het PSV-kamp was gisteren Klaas-Erik Zwering. Op de 200 meter rugslag bleef de Brabander met 2.02,50 ruim één seconde boven de olympische limiet (2.01,21). Coach Verhaeren zei zich naderhand geen zorgen te maken. ,,Zijn tijd komt nog wel.'' Mocht Zwering zich niet rechtstreeks weten te plaatsen, dan neemt de zwembond hem toch mee naar Sydney, met het oog op de 4x100 wisselestafette.

Johan Kenkhuis kan zich vandaag op de 100 vrij eveneens bij de olympische uitverkorenen scharen. Carla Geurts, afwezig in Eindhoven, dient de komende maanden vormbehoud te tonen op de 400 vrij. Voor zwemmers die nog geen limiet bedwongen hebben geldt hetzelfde. Bondscoördinator Ad Roskam rekent uiteindelijk op een afvaardiging van ,,ergens tussen de 20 en 25 man''.

Het record dateert van 1964, toen Nederland in Tokio met 26 zwemmers (15 vrouwen en 11 mannen) aan de start verscheen. Drie jaar geleden in Atlanta telde de nationale ploeg 21 leden: 11 vrouwen en 10 mannen. Pas na de EK langebaan, eind juni in Helsinki, is duidelijk hoeveel zwemmers in Sydney zullen deelnemen.