In de buis

De penis heeft de vorm van een boemerang tijdens de coïtus. Bij vrijende vrouwen beweegt de baarmoeder zich omhoog, maar van een veronderstelde vergrote baarmoeder is niets te zien.

IN 1991 ZAG Pek van Andel, medisch doctorandus, freelance onderzoeker aan het lab voor celbiologie van de Rijksuniversiteit Groningen, publicist over serendipiteit en medewerker van NRC Handelsblad de beelden van het strottenhoofd van een zanger die een `aaa' zong terwijl hij in een MRI-machine lag. Magnetic Resonance Imaging (MRI) is een ideale en ongevaarlijke techniek om zacht weefsel binnenin een lichaam af te beelden.

Wat zou het mooi zijn, dacht Van Andel meteen, om opnamen van de coïtus te maken. Hij voorzag de problemen. Tegenstand van ziekenhuisbazen en beheerders van de dure MRI-machines. En: voor een vrijpartij zijn er twee nodig, terwijl de tunnel van een MRI-machine maar een diameter van 50 centimeter heeft.

Van Andel wist de gynaecoloog dr. W. Weijmar Schultz te interesseren, die in het Academisch Ziekenhuis in Groningen de vrouwelijke seksuele functionele anatomie in zijn onderzoeksportefeuille heeft, en ook radioloog dr. E. Mooyaart. Van Andel belde zijn kennis Ida Sabelis: antropologe, slank, amateur-acrobate. Sabelis: ``Of ik niet met mijn partner, net zo tenger als ik, proefpersoon wilde zijn.'' Haar verslag van de eerste sessie staat elders op deze pagina. Het dateert uit 1992, toen de eerste gedocumenteerde penetratie in de MRI-buis tot stand kwam.

Het British Medical Journal publiceert vandaag het artikel van Weijmar Schultz, Van Andel, Sabelis en Mooyaart. ``Wat, terugkijkend, begon als vrijblijvende, artistieke en wetenschappelijke nieuwsgierigheid, is, volgens ons, relevant geworden'', schrijven de auteurs. ``Beelden van vrouwelijke seksuele opwinding en van de mannelijke en vrouwelijke genitaliën tijdens de coïtus zijn mogelijk en mooi.''

Wetenschappelijk relevant is dat de anatomie van de coïtus en de seksueel opgewonden vrouw anders blijkt te zijn dan de anatomen en seksuologen tot nu toe aannemen. In een vrijende en masturberende vrouw verlengt de vagina zich, vooral de voorwand van de vagina. De baarmoeder beweegt tijdens seksuele opwinding omhoog, maar wordt – in tegenstelling tot wat het beroemde seksuologenechtpaar Masters & Johnson in de jaren zestig dacht te hebben gevoeld bij vrijende vrouwen – niet groter en kantelt ook niet.

Masters & Johnson dachten dat de baarmoeder tot wel tweemaal haar oorspronkelijke grootte toeneemt, na een doorgemaakt orgasme nog 10 tot 20 minuten vergroot bleef en zonder orgasme pas na 30 tot 60 minuten weer tot normale proporties afnam. Weijmar Schultz: ``Van die vergroting is op onze beelden niets te zien. Masters en Johnson stelden dit vast door een vaginaal touché. Mogelijk dat het omhooggaan van de baarmoeder en het vullen van de blaas hen op een dwaalspoor heeft gebracht. Wij zien op onze opnamen wel dat de blaas zich steeds vult.'' Ook de penis ziet er tijdens de coïtus anders uit dan de anatomen dachten. Leonardo da Vinci tekende een rechte structuur. De Britse arts R. Dickinson, auteur van de atlas Human Sexual Anatomy, dacht in 1933 dat de penetrerende penis enigszins S-vormig was. A.J. Riley publiceerde in 1992 vage echoscopiebeelden en tekende op basis daarvan een penis die tijdens de coïtus kaarsrecht is.

De MRI-beelden tonen dat de penis er tijdens de coïtus uitziet als een boemerang: het stijve, uitwendige deel en de naar buiten geschoven peniswortel maken een hoek van 120 graden met elkaar. Eenderde van de penetrerende penis blijkt uit peniswortel te bestaan. Dat is veel langer dan Dickinson en Riley dachten. ``De man komt bij de penetratie van onderuit'', aldus Weijmar Schultz. ``Hij moet om het schaambeen heen. Als je ziet hoe het werkelijk zit, zeg je, ja, logisch.''

De clitoris is, volgens de laatste kennis, verbonden met zenuwrijk, bij opwinding goed doorbloed weefsel dat zich, om de plasbuis heen, uitstrekt tot in de voorwand van de vagina. Die vaginavoorwand lijkt dus een belangrijke rol te spelen bij seksuele opwinding. Toch een G-spot? Weijmar Schultz: ``Ik denk niet in de vorm van `een plekje' maar meer als verhoogde gevoeligheid van de hele vaginavoorwand.''

Acht paren lagen tussen 1991 en 1998 in totaal elf keer in de MRI-machine. Drie vrouwen lieten opnamen maken voor- en nadat ze zichzelf bevredigden. Proefpersonen en onderzoekers zagen elkaar niet. Ze communiceerden via de intercom. De vrouwelijke proefpersonen omschreven hun orgasme meestal als `oppervlakkig', maar het lukte altijd. Weijmar Schultz: ``Voor de man was het moeilijker in dat apparaat. Ik heb grote bewondering voor onze proefpersonen. Leuke, nieuwsgierige, avontuurlijke mensen waren het. Maar een penetratie tot stand brengen en een tijdje aanhouden onder het geraas van de machines ten tijde van de opname valt niet mee in zo'n nauwe MRI-buis.''

Een koele tabel bij het artikel in BMJ's kerstnummer toont dat van de 13 pogingen alleen de eerste twee (Ida Sabelis en haar partner die een grote invloed hadden op het ontwerp van de studie) en de laatste twee tot volledige penetratie leidden. De eerste twee leverden geen mooie opnamen door bewegingsonscherpte. Weijmar Schultz: ``In de eerste jaren vereiste de MRI-techniek nog om bijna een minuut stil te liggen. In de machine die we later gebruikten was dat 12 seconden.'' Dat leidde tot een aantal `bijna complete' penetraties. Nadat in 1998 Viagra in Nederland te koop was, zijn de mooiste beelden geschoten.

Weijmar Schultz: ``Het belangrijkste resultaat is dat we hebben laten zien dat dit kan. De techniek is er ook ver genoeg voor. De beelden die we hebben gemaakt zijn overzichten van het hele bekken. De volgende stap is om gedetailleerder te kijken. Voor seksuologen is dat bijzonder interessant. Seksuologie is, wat onderzoek betreft, nog een braakliggend terrein. Denk maar aan de pas verworven kennis over de anatomie van de clitoris. Wellicht heeft ook het onderzoek naar onvruchtbaarheid er iets aan. Je moet niet vergeten dat nog steeds 15 procent van alle ongewenste kinderloosheid onverklaard is. De resultaten zijn ook van belang omdat gynaecologen en urologen letterlijk en figuurlijk in dat gebied opereren. Misschien snijden we nu wel door weefsel heen waarvan latere generaties dokters hoofdschuddend verzuchten hoe `ze' dat ooit hebben kunnen doen.''