Sterker dan het lammenadige lot

Op de voorlaatste bladzijde van de nieuwe, symbolisch geladen roman Het huis met de zwarte vlinders van de Finse schrijfster Leena Lander (1955) staat: `Maar van alle straffen is deze wel de wreedste: dat men mensen hun kinderen afneemt en dat ouders aan de zijlijn moeten toezien hoe hun kinderen daaronder lijden.' Aan het woord hier is de vader van Juhani Aaron Johansson. Hij richt zich tot de directeur van een opvoedingsgesticht op een verlaten eiland aan de kust van Finland. De jongen, Juhani, is daar ten onrechte ondergebracht. Toegegeven, moeders liefste was hij niet, de bladzijden van zijn leven zijn niet onbesmet, maar een gesticht, nee, dat is te veel.

Leena Lander zet met haar boeken hoog in. Vorig jaar verscheen Laat de storm komen, een roman op de grens tussen fictie en documentaire. Ook Het huis met de zwarte vlinders heeft een journalistieke aanleiding in de goede betekenis van het woord: de schrijfster kiest als onderwerp een case history. Waarom gaat een kind van goedwillende ouders het slechte pad op? Welk effect op een gevoelige jongensziel heeft een inrichting met zijn gruwelijke tucht, de vuilbekkerij van de andere jongens, de seksuele vernederingen? Directeur Harjula kiest voor de harde aanpak. Hij wil bewijzen dat de ontspoorde jongens alleen op deze manier weer op het goede pad kunnen komen, dat zij door fysieke en mentale kracht boven zichzelf uitstijgen en sterker zijn dan hun lammenadige lot.

`Er zijn twee soorten mensen,' schrijft Juhani's vader in zijn brief aan de directeur. `Degenen die men eronder kan krijgen. En degenen bij wie dat niet lukt. Ik behoor tot de verliezers, mijn zoons hopelijk tot de winnaars.' Over die twee soorten van mensen schrijft Lander prachtige en indringende bladzijden. Juhani lijkt aanvankelijk een verliezer; het lot is sterker dan hijzelf. Maar geleidelijk ontwikkelt hij zich tot een winnaar.

Zijn grootste tegenstander is de directeur en telkens wanneer hij de man ontmoet, ontwikkelt zich een strijd om macht en machteloosheid, gelijk en ongelijk. De essentie van Juhani's onvrede en wrok, zijn door opstandigheid getekende blik op het leven schuilt in de eerste grote teleurstelling van zijn leven: `Toen Juhani Johansson de zee voor het eerst zag, was die niet blauw, zoals hij altijd had gedacht.' Daarna probeert hij eigenlijk niets anders te doen dan juist deze deceptie ongedaan te maken en de zee weer `blauw' te laten zijn, dat betekent in overdrachtelijke betekenis: de gelukzijde van het leven op te zoeken. Want zogenaamd onaangepast gedrag komt voort uit een wonde, een pijn om het leven die zich niet of ternauwernood laat verklaren.

Het is een gevoel van eeuwig tekort, van droefheid en het idee onbegrepen te zijn.

Landers vertaalster Marja-Leena Hellings heeft het niet zo eenvoudige proza in trefzeker en elegant Nederlands weergegeven. Bladzijde na bladzijde, zonder enige haast, ontvouwt ze het karakter van Juhani. We komen hem tegen in verhouding tot zijn ouders, vrouwen, leeftijdgenoten. Dat hij op het verkeerde pad zou zijn, wordt niet als schokkend beschreven, zoals Amerikaanse schrijvers van het dirty realism zouden doen, maar eerder invoelend, rijk aan ziel, met compassie. Het kwaad van de jongen is geen dodelijk kwaad, eerder geeft Lander een suggestie van de verbijstering dat het kwaad in de mens gesticht wordt. Het ontstaat door die eerste en enige kommervolle omstandigheid van de jeugd: verwaarlozing en gebrek aan liefde. Juhani Johansson zoekt die liefde onophoudelijk, en telkens blijken zijn pogingen vergeefs te zijn.

Het huis met de zwarte vlinders ontleent zijn grote kracht aan het psychologisch raffinement van de schrijfster. Zij is in staat een jongensziel met al zijn angsten en onzekerheden te doorgronden.

Ik moest denken aan een groots Duits boek over een opgroeiende jongen van Robert Musil, Die Verwirrungen des Zöglings Törless. Dezelfde fascinatie voor het kwaad, maar dan het ongewilde kwaad, het kwaad dat de mens in bezit neemt zonder dat hij dat wil. Dat maakt Juhani uiteindelijk tot en tragische persoonlijkheid.

Leena Lander: Het huis met de zwarte vlinders. Uit het Fins vertaald door Marja-Leena Hellings. Wereldbibliotheek, 264 blz. ƒ34,50