Luchtig spelen maakt me venijnig

Actrice Elsje de Wijn is op haar best als ze een kreng speelt in komedies. Vanavond gaat `Om de macht' in première.

Verbaasd stond mevrouw Ceausescu in een dure jas voor het vuurpeloton, met haar echtgenoot, de Roemeense dictator, aan haar zijde. Na een jarenlang schrikbewind had het eigen geliefde volk zich tegen hen gekeerd. Dat was in december 1989. Tien jaar later zit het echtpaar in een Haarlems repetitielokaal te babbelen alsof er niets gebeurd is. Meneer Ceausescu gedraagt zich als een grote, dikke kleuter. Hij kruipt jengelend op schoot bij zijn kleine blonde vrouw, die hem geruststellende woordjes toefluistert.

Het dictatorpaar wordt tot leven gewekt door acteur Hans Leendertse en actrice Elsje de Wijn in het toneelstuk Om de macht dat morgen in Haarlem in première gaat. Om de macht gaat volgens De Wijn níet over de Ceaucescu's. De Wijn: ,,Wij spelen een tijdloos, fictief dictatorpaar dat iets weg heeft van de Ceausescu's, maar ook van het echtpaar Marcos, of van Mao en zijn vrouw. Ze heten ook anders. Het uitgangspunt was het einde van een soort Nero. Doordat ze het steeds over `de mijnwerkers' hebben, denk je wel meteen aan het Oostblok.''

Elsje de Wijn (1944) heeft, net als haar personage, een lange carrière achter zich. Als beginnende actrice kreeg ze in 1969 meteen nationale bekendheid met de carnavalskraker Karel, geschreven door Annie Schmidt en Harrie Bannink. Na enkele drukke tv-jaren, kwam ze in de jaren zeventig bij toneelgroep Baal terecht. De afgelopen jaren doet ze allerlei toneelwerk, van doorgedraaide schoolfrik in De juf tot Barbiefabrikante in de musical Carlie.

Om de macht gaat over de laatste dagen van een dictatorpaar. Hun rijk is ingestort, ze staan op het punt om per helikopter het land te verlaten. Nog eenmaal blikken ze terug op hun carrière. Ondanks het sobere decor, een lange eettafel en een bos bloemen, is de sfeer decadent. Rome brandt, maar de keizer bladert rustig door zijn fotoalbum en vergrijpt zich aan een lakei. De Wijn: ,,Twee jaar geleden speelden Hans Leendertse en ik een heetgebakerd koningspaar in Kleine Sofie en Lange Wapper van regisseur Rieks Swarte. De schrijver van die familievoorstelling, Niek Barendsen, vond dat zo leuk dat hij speciaal voor ons Om de macht heeft geschreven.

Een bloedige volksopstand tegen een tirannenpaar in een verwoest land is een loodzwaar onderwerp. Vooral omdat de tv-beelden uit Roemenië bij veel kijkers nog vers in het geheugen liggen. Toch is Om de macht een komedie. De Wijn: ,,Eerst hebben we veel sombere video's over Roemenië bekeken, de ellende doorploegd, en het stuk diep doorleefd gespeeld. Maar daar werd het zo'n historisch drama van. Nu proberen we er boven te staan en het heel licht te spelen.''

De glamoureuze dictatorvrouw is een van de vele tientallen rollen die De Wijn in haar 32-jarige carrière speelde. Als vierjarige speelde zij engel in een kerstspel. Op haar twaalfde speelde ze op het Holland Festival als page in een Italiaanse productie van Falstaff.,,Die Italianen waren gek op mijn lange blonde haren.'' Na zes jaar vergeefs gymnasium en een jaar werken als naaktmodel voor Atelier '63 in Haarlem, ging ze naar de Amsterdamse Toneelschool, waar ze in de klas zat met Cox Habbema en Rutger Hauer.

De Wijn: ,,Rutgers latere prestaties als filmster in Amerika zijn natuurlijk geweldig, maar op het toneel stelde hij niet veel voor. In de schermlessen en judolessen was hij wel fantastisch, meedogenloos. Na het eindexamen in 1967 ging Rutger naar De Noorder Compagnie in Friesland. Mijn moeder zei: `Wat fijn dat die jongen toch nog een betrekking heeft gevonden.' Toen speelde hij opeens in de tv-serie Floris, en later in de film Turks Fruit. Dat was voor ons een openbaring.''

De Wijn maakte in die tijd ook zo'n sprong naar nationale faam. Ze begon bij de toonaangevende toneelgroep Centrum van regisseur Peter Oosthoek. Na een jaar werd ze gevraagd om in de muzikale revue Met man en muis van Annie Schmidt en Harry Bannink te spelen. ,,Ik moest op privé-auditie komen bij Annie Schmidt thuis in Berkel Rodenrijs. Ik alleen met Annie Schmidt. Stijf van de zenuwen deed ik een monoloog, maar al na een paar zinnen zei zij: ,,Laat maar zitten, meid. Het is wel goed.''

Interlectuelen

Een van De Wijns liedjes uit de revue, Karel, belandde hoog in de top veertig. Het lekkere meezingrefrein is inmiddels klassiek geworden:

,,Nee Karel, nee Karel, niet vandaag/ Nee Karel nee; al wil je nog zo graag/ D'r zijn van die dagen dat ik niks kan velen/ Ga maar liever schaken met de interlectuelen...''

De Wijn trad op in veel tv-programma's en werd beroemd. De kranten noemden haar liefkozend `Flapuit Elsje', de `kleine, blonde, stevige spring-in-het-veld'. Het gekke `puddinkje' in haar `pronte minijuup'.

De Wijn: ,,Jaren later riepen de mensen me nog na op straat: `Hé, daar heb je Karel!'. Dat vond ik op zich wel leuk, maar ondertussen speelde ik ook gewoon mijn kleine rolletjes in serieuze stukken van Centrum. Als ik dan opkwam, ging er een gefluister door de zaal: `Het is Elsje de Wijn! Van nee Karel nee!' Dat was heel vervelend, vooral voor de andere acteurs. Toen heb ik besloten het nooit meer te zingen. In 1986 vroeg Annie of ik Karel als uitsmijter van haar 75ste verjaardag wilde doen. Ik was zeer vereerd dus heb ik voor een keer een uitzondering gemaakt.''

De Wijn bleef na Karel bij Centrum spelen, onder meer in de oerversie van Kees de Jongen. Daarnaast speelde ze in tv-programma's als Citroentje met suiker en Merijntje Gijsen, de blootfilm Frank en Eva en de geflopte lachfilm Heb medelij, Jet: ,,Daar heb ik nog een kalender van op de wc. Ik werkte me in die tijd helemaal gek. Overdag televisie en 's avonds toneel. Ik had een mateloze energie. Nog steeds trouwens. Maar theater had toch meer mijn hart dan al die andere dingen. Dus in 1973 ben ik met tv gestopt en bij Baal gekomen.''

Baal was in de jaren zeventig een vernieuwende groep die voortkwam uit Aktie Tomaat, de theaterrevolutie van 1969 tegen de `toneelregenten' en hun `burgermanstoneel'. De Wijn: ,,We waren gelijkgestemde jonge mensen die in het nieuwe Shaffy theater in Amsterdam voor voornamelijk jong publiek speelden. We opereerden als een groep, ook op het toneel, net als bij het Werkteater dat tegelijk met ons opkwam. Iedereen bemoeide zich met alles. Het verschil met het Werkteater was dat wij een duidelijke baas hadden: de behoorlijk briljante regisseur Leonard Frank. We improviseerden ook wel, om iets over een rol te weten te komen, maar we speelden bestaande stukken, vooral van jonge Duitsers als Handke.

,,Tegenwoordig heet iets al snel grensverleggend, maar Baal was echt grensverleggend. Baal bracht energiek theater, net als De Trust dat nu doet. Er gebeurde altijd wat op toneel, de mensen moesten zich geen moment te vervelen. Er zat veel muziek in de voorstellingen, net als bij Brecht. Ook net als bij Brecht lieten we duidelijk merken dat we spelers waren die een rol speelden. Als ik een man speelde, plakte ik gewoon een snorretje op. Het decor was minimaal, alles moest tweedehands zijn. Meestal leenden we spullen bij het Publiekstheater. Om duidelijk te maken dat toneel kunstmatig is, had Leonard Frank de gewoonte om zo nu en dan de handeling middenin even stil te leggen. Een `maatschappelijk relevante stop' noemde hij dat.''

Oorlogstrauma's

Een van Baals hoogtepunten was Leedvermaak (1981), een stuk van Judith Herzberg over een joodse bruiloft waarop allerlei oorlogstrauma's naar boven komen. De Wijn: ,,Net als later Kleine Sofie was het zo'n uitzonderlijke productie waaraan alles goed was. Om te beginnen had het al een ijzersterk onderwerp: hoe de oorlog nog steeds in al die levens wroet. Verder was alles even geweldig: de acteurs, de regie, de muziek van Maurice Horsthuis. Net als Niek Barendsen schrijft Judith Herzberg korte scènes. Die werden gespeeld op verschillende balkonnetjes in het Amsterdamse Frascati Theater.

,,Ik speelde de onderduikmoeder Riet, die haar joodse onderduikkind na de oorlog weer moet afstaan aan de echte moeder (Kitty Courbois) als die terugkomt uit het kamp. Het verdriet over het kind dat haar werd afgenomen, kon niet op tegen het leed van de joden, dus was er geen ruimte voor. Ik had zelf net een dochter gekregen dus ik voelde dat leed in al mijn vezels. Je hoeft niet van alles meegemaakt te hebben om goed te spelen, maar soms helpt het wel. Die onderduikmoeder is mijn mooiste rol.''

In 1986 stopte De Wijn bij Baal en ging verder als freelancer. Dat was de eerste jaren niet altijd gemakkelijk. ,,Er zijn sowieso veel meer rollen voor mannen dan voor vrouwen. De schaarse vrouwenrollen zijn voor jonge meisjes of voor moeders. Actrices tussen de veertig en de vijftig vallen ertussen. Eens per jaar kreeg ik een maagkramperig gevoel: waarom belt niemand me?'' ,,Uiteindelijk vond ik altijd wel werk. Als ik niets had, organiseerde ik zelf wat. De juf, een solo uit 1993, heb ik zelf op poten gezet, met schrijver Edward Montie en regisseur Victor van Swaay. We begonnen met niets, we kregen er geen geld voor. Dus reed ik zelf met het busje van mijn ex-man het land door. De jongens achterin. Op de terugweg verdeelden we het geld. Dat soort romantisch gedoe. Nu ik de vijftig ben gepasseerd, heb ik werk zat. Ik ben nu gewoon duidelijk moeder. Of een pittige oma.''

De laatste jaren dook De Wijn weer overal op: ze speelde naast Nelly Frijda de lesbische padvindstersleidster in De gidsen, een moeder die airmiles spaart om haar gezin te ontvluchten in Thuis, kindertoneel in een leegstaande Bijlmerflat. Dit jaar speelt ze majorette in Omhoog die stok, een soort vervolg op De gidsen.

De Wijn is op haar best als ze een kreng speelt in komedies, zoals in Om de macht. Ze is zo'n actrice om wie je al moet lachen als ze opkomt en nog niets heeft gedaan. De Wijn: ,,Ik heb inderdaad een komisch talent. Ik kan goed timen en ik kan ritmisch spelen. Verder ben ik energiek en multi-inzetbaar. Dat zijn geen verdiensten, dat is talent. Timing en ritmisch spelen zijn belangrijk voor blijspelen maar je hebt het ook nodig voor serieuze stukken. Het zit in me, maar door de jaren heen heb ik het wel verfijnd en ben ik me meer van bewust van het effect dat ik ermee bereik. Verder heb ik door ervaring het belang van luchtig acteren geleerd. Dat bedoelde ik met `licht spelen' in Om de macht. Er gebeuren de vreselijkste dingen, maar ik blijft onverstoorbaar vrolijk, tot aan het einde. Door het zo luchtig te houden, wordt het des te venijniger, hoop ik.''

`Om de macht' is te zien in de Toneelschuur in Haarlem t/m 22/12, en op 16 en 17/2. In Bellevue Amsterdam van 4 t/m 23/1. Inl. 023-5312439. Internet: www.toneelschuur.nl.