Cel voor gooien eieren in Kollum

Vijf van de zes `eiergooiers' uit Zwaagwesteinde zijn vanmorgen door de Leeuwarder politierechter veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie weken, waarvan twee voorwaardelijk. De officier van justitie legde hen openlijke geweldpleging ten laste. De veroordeelden bekogelden burgemeester P. Visser van Kollumerland op 7 oktober met eieren tijdens een informatieavond over de verplaatsing van het asielzoekerscentrum. Eén verdachte wordt opnieuw gedagvaard.

Alle verdachten hadden een strafblad. Verdachte G. van der Heide (24) moet nog twee weken extra zitten, omdat hij de eieren had gegooid binnen zijn proeftijd. Ook verdachte B. van der Veen (18) uit Zwagerbosch pleegde de openlijke geweldpleging binnen een proeftijd, en moet daarom nu vier dagen celstraf uitzitten. Twee jaar geleden werd hij door de kinderrechter veroordeeld wegens openlijke geweldpleging en vernieling, waarvoor hij een anti-vandalismeproject had gevolgd.

De rechter volgde voor vier verdachten de eis van aanklager L. de Haas. Zij had tegen Van der Heide vier weken celstraf gevorderd, waarvan twee voorwaardelijk, omdat zij hem een leidende rol toedichtte. Rechter R. S. Wegener Sleeswijk noemde het gooien van eieren naar mensen een ,,ernstig, onduldbaar feit.'' De rechtsorde was naar zijn oordeel door de actie ,,op niet mis te verstane wijze verstoord'', en de kans op herhaling was groot. Bovendien hadden de verdachten, die een taakstraf weigerden, geen spijt van hun actie.

Volgens hun advocaat M.J. van Rooij waren zijn cliënten al tijden gefrustreerd na de moord op Marianne Vaatstra op 1 mei in Veenklooster. Ze zouden zich niet gehoord hebben gevoeld door de politie en het openbaar ministerie. Die zouden het asielzoekerscentrum volgens de jongeren ten onrechte niet direct bij het onderzoek naar de moord hebben betrokken. Hij onderstreepte dat de actie niet was bedoeld tegen asielzoekers, maar ,,een spontane daad van machteloosheid'' was. De raadsman meende dat er van geweld geen sprake was, wel van ,,verstoring van een vergadering'' en vroeg ontslag van rechtsvervolging.

Officier van justitie L. de Haas omschreef het gooien van eieren als ,,minachting van de democratie''. De jongeren hadden hun grieven juist op de inspraakavond naar voren kunnen brengen, meende ze. Ze noemde de vijf verdachten ,,makkelijk ontvlambaar en snel geneigd agressief te worden.'' Bij de zitting vanmorgen waren ongeveer honderd belangstellenden aanwezig, onder wie de moeder en schoonzus van Marianne Vaatstra. Voor het gerechtsgebouw werd met spandoeken geprotesteerd.