President Wahid speelt stratego met de generaals

In het nieuwe Indonesië van president Wahid is een minder prominente rol toebedeeld aan het leger. Dat is nog daar aan toe. Maar wat de generaals niet pikken, is dat hun naam met terugwerkende kracht door het slijk wordt gehaald.

De Indonesische strijdkrachten (TNI), ooit de sterkste stut onder het staatsbestel, zitten in het nauw. Generaals worden belaagd door volksvertegenwoordigers en onderzoekscommissies en zien zich genoodzaakt rechtshulp in te roepen. Omdat de generaals zich ruim dertig jaar hebben laten gebruiken als brandweerlieden door sterke man Soeharto, krijgen ze nu de rekening gepresenteerd voor de aangerichte waterschade In Atjeh, op Ambon en in Oost-Timor. De mannen in uniform, ooit de trots van de natie, staan intussen in een kwade reuk en dat drukt de moraal en maakt wrokkig.

Deze week kwam die onvrede naar buiten. De commandant van de Strategische Reserve (Kostrad), luitenant-generaal Djadja Suparman, bespeurde een ,,grote, binnenlandse en internationale samenzwering om de TNI stelselmatig te vernietigen''. Hij waarschuwde dat de jongste beschuldigingen van rechtsschendingen ,,verbittering zaaien in de rangen'', met het risico dat ,,soldaten wild om zich heen gaan slaan''. Als dat gebeurt, aldus generaal Suparman, ,,wee het onschuldige volk, want dat zal de prijs betalen voor het gedrag van enkelingen die de TNI in de hoek willen drijven''.

Aburrahman Wahid, sinds oktober president, is zich bewust van de gevaren van een gefrustreerde krijgsmacht en heeft niet toegegeven aan de maatschappelijke druk de militairen te weren uit het centrum van de macht. ,,Ik kan hen niet terugsturen naar hun kazernes zonder eerst hun problemen op te lossen'', zei Wahid bij de presentatie van zijn kabinet. De ministersploeg telt drie generaals in actieve dienst, een luitenant-generaal b.d. en een admiraal.

Deze week belegde de Universitas Indonesia een seminar over de eerste 50 dagen van Wahids presidentschap. Docent politieke wetenschappen Eep Saefullah Fatah gaf hem een veeg uit de pan. Wahid zou de strijdkrachten onnodig in bescherming nemen. Zijn voorganger, B.J. Habibie, moest wel, aldus Fatah, want die dankte zijn presidentschap niet aan de volksgunst en was met handen en voeten gebonden aan de politieke elite, lees: de bureaucratie en de generaals. Wahid zou geen reden hebben voor zulke koudwatervrees, hij dankt zijn positie aan zijn populariteit in het land en aan de steun van politieke partijen.

Fatah heeft makkelijk theoretiseren, want de volksgunst uitspelen tegen de militairen is vragen om de door Suparman gesuggereerde problemen. Het gaat er nu om de loyaliteit te verzekeren van het officierskorps en het voetvolk jegens de democratisch gekozen regering. Daarbij is een sleutelrol weggelegd voor coördinerend bewindsman van Politiek en Veiligheid, de (nog steeds actieve) generaal Wiranto.

Wiranto's loyaliteit wordt dezer dagen echter zwaar op de proef gesteld, want de president heeft het groene licht gegeven voor zijn berechting indien bewezen wordt dat hij medeschuldig is aan het jongste geweld in Oost-Timor. De zaak-Wiranto dreigt uit te draaien op een krachtmeting tussen burgers die schoon schip willen maken met excessen uit het verleden en militairen die zich voelen weggezet als zondebokken. Generaal Wiranto, een gewezen adjudant van Soeharto, klom in diens nadagen op tot chef-staf van de strijdkrachten en stond in mei 1998 borg voor een relatief vreedzame overdracht van de macht aan Habibie, de vice-president van Soeharto's keuze. Die opvolging ging gepaard met een korte machtsstrijd binnen de TNI-top, waarbij Soeharto's schoonzoon, luitenant-generaal Prabowo Subianto, commandant van het elitekorps Kopassus, de dienst en het land moest verlaten.

Wiranto dreigt dat krediet nu te verspelen. Hem wordt verweten dat hij niet heeft ingegrepen toen in januari christenen en moslims bloedig slaags raakten op Ambon en toen militairen zich nog deze zomer misdroegen in Atjeh. Het zwaarste verwijt aan zijn adres is echter dat hij niet heeft verhinderd dat het garnizoen in Oost-Timor in september, nadat een referendum onder auspiciën van de Verenigde Naties had uitgewezen dat verreweg de meeste Oost-Timorezen onafhankelijkheid wilden, gemene zaak maakte met moordende en brandstichtende pro-Indonesische milities.

Die laatste zaak is brisant, want die is ook in onderzoek bij de in Genève gevestigde Commissie Mensenrechten van de VN. Minister van Buitenlandse Zaken Alwi Shihab heeft al laten weten dat berechting van Indonesische generaals door een internationaal tribunaal is uitgesloten en dat Indonesië zelf heel goed in staat is om de schuldigen aan rechtsschendingen te straffen. Die uitspraak schept verplichtingen en verzwaart de taak van de Commissie van onderzoek naar schendingen van mensenrechten in Oost-Timor, die in september is geformeerd door toenmalig president Habibie. Deze commissie onder leiding van de advocaat en journalist Albert Hasibuan zegt intussen over bewijzen te beschikken dat Indonesische officieren rechtstreeks waren betrokken bij de bloedige amok van de Oost-Timorese milities.

De zes generaal van landmacht en politie – onder wie Wiranto zelf – wier namen zijn genoemd door de commissie-Hasibuan, hebben topadvocaten in de arm genomen die hen moeten bijstaan als ze straks voor de onderzoekscommissie moeten verschijnen. Deze juristen, onder wie de in Nederland gepromoveerde Adnan Buyung Nasution, menen dat de aantijgingen van Hasibuan c.s. zijn gebaseerd op ,,flinterdun en onvolledig'' bewijsmateriaal. De commissie zou te eenzijdig afgaan op getuigenverklaringen van Oost-Timorese voorstanders van onafhankelijkheid. Tussentijdse openbaarmaking van hun bevindingen zou ,,onze cliënten (de generaals) in diskrediet hebben gebracht en de mensenrechten van deze officieren hebben geschonden''. De commissie-Hasibuan is geen rechtbank, aldus Nasution en zijn confraters, en voordat een rechter hun schuld heeft vastgesteld, gaat het niet aan hen publiekelijk verdacht te maken. Deze week gaan de advocaten van de generaals zelf op onderzoek in Oost-Timor.

President Wahid bewandelt de middenweg in deze controverse. Maandag zei hij dat hij zich niet ,,laat verleiden (tot commentaar)'' door de jongste uitlatingen van de onderzoekscommissie, die door zijn voorganger is ingesteld. ,,Het enige dat van belang is'', aldus Wahid, ,,is een gerechtelijke uitspraak en die hebben we te accepteren.'' Zijn coördinerende minister voor Politiek en Veiligheid krijgt dus geen immuniteit, mocht hij door de procureur-generaal in staat van beschuldiging worden gesteld wegens nalatigheid bij het uitoefenen van zijn functie.

De vraag is alleen of Wiranto's mede-officieren toestaan dat het recht zijn loop krijgt. ,,Wie zou er niet verbitterd zijn als zijn meerderen in een hoek worden gedreven'', vroeg generaal-majoor Djadja Suparman deze week retorisch. ,,En dat geldt niet alleen voor de manschappen, maar ook voor mijzelf. Zij die drijven tegen de TNI moeten zich verantwoorden.''