Belegger maakt het niet uit waar de beurs is

De tijd dat beurspresidenten in Europa alleen maar sigaren met elkaar rookten is voorbij. Er wordt samengewerkt, maar vooral geconcurreerd.

Voorspellen is gevaarlijk. Zeker als het om een termijn van honderd jaar gaat. Toch durft president George Möller van de Amsterdamse effectenbeurs zo'n prognose wel aan. ,,Eén ding is zeker: aan het eind van de volgende eeuw bestaat de beurs vijfhonderd jaar'', verklaarde hij vorige week bij een bijeenkomst van de Rabobank.

Een vooruitblik met enige ironie, want nogal wat mensen uit de financiële wereld twijfelen juist aan het bestaansrecht van de Amsterdamse beurs in de volgende eeuw. Technologische vernieuwing leidt volgens die insiders op korte termijn al tot één Europese beurs, waar alle belangrijke fondsen worden verhandeld. Een marginale bijrol, een handelsplaats voor de kleinere, lokale fondsen, zou voor het Damrak resteren.

,,Binnen nu en twee jaar is er één Europese beurs en die staat in Frankfurt'', stelt bijvoorbeeld directeur Chris Bierman van Bank Labouchere. ,,De belegger interesseert het niet. Die belegt bij ABN Amro of bij Labouchere, liefst tegen de laagste prijs. Niet bij de Amsterdamse of de Londense beurs, want dat maakt de belegger niets uit. En de banken ook niet. Alles gaat via de computer en je moet hoogstens een tweede lijntje naar Frankfurt leggen.''

Als illustratie van zijn gelijk ziet Bierman de verdere technologische ontwikkeling op de Amsterdamse optiebeurs. Vorige week maakte Möller tijdens dezelfde bijeenkomst bekend dat de handel op de optiebeurs vanaf medio volgend jaar via beeldschermen zal verlopen. Het geschreeuw en de handel op de vloer behoren daarmee tot het verleden. En wanneer alleen zaken via schermen worden gedaan, maakt de plaats waar daadwerkelijk wordt gehandeld steeds minder uit. ,,Die ontwikkeling maakt, samen met het grote succes van Internetbeleggen, duidelijk dat de handel niet op een specifieke plaats hoeft te gebeuren. Handelaren gaan naar de plaats waar de prijs het laagst is'', aldus Labouchere-directeur Bierman, ,,en dat is volgens mij op korte termijn Frankfurt''. De Duitse beurs is weliswaar niet de grootste van Europa, maar die grootste (Londen) bevindt zich buiten het eurogebied.

Casper Rondeltap van het effectenbedrijf Van der Moolen zou de totstandkoming van één beurs `dramatisch' vinden. ,,Nu zijn de beurzen nog concurrenten van elkaar, dat zou dan helemaal weg zijn. Zolang Amsterdam hoge volumes en lage kosten aanbiedt, blijft de Nederlandse beurs interessant. Of de beurs uit Amsterdam grotendeels zal verdwijnen weet ik niet. Theoretisch is dat mogelijk.''

Volgens de Amsterdamse beurs loopt het niet zo'n vaart met wegstromen van handel naar bijvoorbeeld Frankfurt. ,,Ook nu al is het in Frankfurt mogelijk te handelen in de driehonderd grootste fondsen van Europa, maar door het gebrek aan liquiditeit is dat geen succes'', aldus de zegsman van Amsterdam Exchanges (AEX). Eén Europees platform, een gezamenlijk initiatief van acht aandelenbeurzen, moet er vanaf komend najaar voor zorgen dat het kopen van aandelen in Philips net zo gemakkelijk is als in Telefónica of DaimlerChrysler. Daarbij neemt elke beurs de handel van de fondsen die gevestigd zijn in het eigen land voor zijn rekening. Dat is niet ongunstig voor Amsterdam; zeventien grote fondsen (zoals Koninklijke Olie en Philips) worden dan alleen nog maar via het Damrak verhandeld. ,,We worden een van de `hubs' in het internationale financiële systeem'', aldus Möller bij de bekendmaking van het Europese plan. ,,Wellicht blijft er voor ons een mindere rol over, maar dat is nu nog niet duidelijk.''

Een half jaar na deze presentatie heeft de samenwerking door Duits toedoen een flinke klap gekregen. De beursorganisatie in Frankfurt heeft een nieuwe structuur opgezet met de naam Euroboard, waardoor de beurs zelf voor niet-Duitse aandeelhouders wordt opengesteld. Insiders zien dit als een regelrechte aanval op de Europese samenwerking – alleen de naam al. Maar de Duitsers ontkennen dat het nieuwe initiatief een protest is tegen de (te) langzame Europese integratie. De plannen van het Amerikaanse Nasdaq om in Europa actief te worden hebben de alliantie extra onder druk gezet.

Frankfurt heeft de gemoederen van de collega's tijdens een diner in Londen vorige week weten te sussen. Vooral Parijs en Amsterdam zouden bij die bijeenkomst de wenkbrauwen `nadrukkelijk hebben gefronst'. Van wantrouwen is volgens de AEX geen sprake meer. ,,Als je elkaar niet meer vertrouwt, kun je de samenwerkingsplannen wel weggooien'', aldus de AEX-woordvoerder.